‘Dit is een kernmoment in de crisis’

De Veiligheidsraad gaat voor het eerst serieus praten over Syrië. Dat biedt kansen. Maar het bloedbad gaat door.

Een Syrische verzetsstrijder komt uit een schuilplaats in Aleppo. Foto Reuters

De mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch heeft deze week een rapport gepubliceerd over de chemische aanvallen op de Syrische bevolking. Daarin staat dat er „sterke aanwijzingen” zijn dat het regime verantwoordelijk is voor de gifgasaanvallen van 21 augustus.

„Wat we weten is dat de chemische aanval van buiten de twee wijken kwam. En dat het Syrische leger de wapens heeft die zijn gebruikt bij de aanval”, zegt Peter Bouckaert, de in België geboren ‘directeur noodgevallen’ van Human Rights Watch. „Er was een grote hoeveelheid chemicaliën nodig – vijfhonderd tot duizend liter – en een zeker militair vernuft. Dat alles wijst in de richting van het regime.”

Rusland wil de chemische wapens onder controle brengen en Syrië lijkt daarmee akkoord te gaan. Hoe realistisch is dat?

„Rusland is de voornaamste bondgenoot van het regime-Assad. Het is wapens blijven leveren op een moment dat het regime de eigen burgers aan het doden was op een onaanvaardbaar niveau. Dus er komt heel wat cynisme kijken bij dit voorstel. De enige manier waarop dit iets kan worden, is als het voor de Veiligheidsraad wordt gebracht en er ernstige criteria en een termijn aan worden gekoppeld waaraan Damascus zich dient te houden. Want het kan niet de bedoeling zijn dat dit een vertragingsmanoeuvre is en dat Damascus uiteindelijk geen verantwoording moet afleggen voor wat er gebeurde in Ghouta.”

Hoe moeten we ons dat voorstellen: wapeninspecties terwijl er een burgeroorlog aan de gang is?

„Het volstaat inderdaad om een paar schoten te laten afvuren op een VN-konvooi om hen rechtsomkeert te laten maken. Of de Syriërs kunnen zich beroepen op militaire geheimhouding om de toegang tot bepaalde militaire basissen te weigeren. Het zou niet moeilijk zijn voor Syrië om de chemische wapenvoorraden te verstoppen voor de VN-wapeninspecteurs, en om het hele proces jarenlang te vertragen op een moment dat de nood zo hoog is in Syrië.

„Laten we ook niet vergeten dat de meeste slachtpartijen in Syrië zijn uitgevoerd met conventionele wapens. Dus de internationale gemeenschap moet wel uitkijken dat we niet in een situatie belanden waar VN-inspecteurs in Syrië op zoek zijn naar chemische wapens terwijl rondom hen het bloedbad gewoon doorgaat.”

De indruk bestaat soms dat dit helemaal niet over Syrië gaat, maar over de verhouding tussen met name de VS en Rusland.

„Enige scepsis is op zijn plaats. Tenslotte kijkt de internationale gemeenschap al tweeëneenhalf jaar toe terwijl het doden doorgaat. Maar we moeten niet onderschatten hoe belangrijk het is dat dit de eerste keer is dat de permanente leden van de Veiligheidsraad rond de tafel gaan zitten om serieus te discussiëren over een Syrië-resolutie.

„Dit is een heel belangrijk moment in de Syrië-crisis. Er is een besef dat dit te ver is gegaan en dat de internationale gemeenschap nu echt iets moet doen om het bloedbad te stoppen, inclusief de schendingen die door de rebellen worden begaan. We kunnen die kans niet laten schieten.”

Hoe groot is de kans dat dit overleg ook iets concreets oplevert dat een verschil maakt voor de bevolking?

„Het Syrische regime is voor het eerst sinds het begin van het conflict echt bezorgd geweest over een militaire interventie. Dat kan voor een opening zorgen. Het Russische voorstel kan een eerste stap zijn in een proces om het conflict te demilitariseren en om opnieuw een internationale aanwezigheid te krijgen, waardoor mensenrechtenschendingen kunnen worden vastgesteld. Dat kan op termijn het aantal burgerslachtoffers terugdringen, zoals dat op andere plaatsen in de wereld is gebeurd.

„Maar dat kan alleen als de internationale gemeenschap Rusland aan zijn woord houdt en er een sterke resolutie in de Veiligheidsraad wordt goedgekeurd. Want anders eindigt het ermee dat Rusland en Syrië de VS schaakmat hebben gezet, en verandert er niets.”