Beetje bijsturen in de Bijlmermeer

De Bijlmermeer verongelukte op de tekentafel. Nu wordt geprobeerd nieuw leven te brengen in Amsterdam-Zuidoost. „De pakken zijn al hier, nu hebben we een kroeg nodig.”

Mobiel internet in Amsterdam Zuidoost. Bij kantoren is de ontvangst het best. Foto’s Olivier Middendorp

„Hallo? Hallo? HALLO!”

Emile Jaensch, deelraadbestuurder in Amsterdam-Zuidoost, onderbreekt zijn uiteenzetting over de wijk en de bewoners zodra er eentje luidruchtig langsrijdt. In zijn fonkelrode jasje fietst Jaensch (ruimtelijke ontwikkeling, VVD), met ambtenaar Joop de Haan (directeur projectbureau vernieuwing Bijlmermeer), door de buurt om te laten zien wat er allemaal veranderd is en nog veranderen gaat. De woorden ‘transformatie’ en ‘transitie’ vallen regelmatig deze middag.

We rijden langs flats die zijn doorgezaagd, voormalige parkeergarages waarin nu winkels en kerkgenootschappen zitten, een snelwegtalud waarin een kinderdagverblijf is uitgegraven, een ecowijk die Evergreen heet, met daarnaast een collectieve moestuin waar ooit de flat Egeldonk stond. Ja, dat Zuidoost transformeert, kun je wel zeggen.

De wijk werd eind jaren 60 neergezet om de Amsterdamse bevolkingsgroei op te vangen. Hij zou de triomf (heel eventjes) en het echec (daarna) van het blauwdrukdenken worden, het schoolvoorbeeld van meetbaar Nederland. Dit was op de tekentafel de ideale wijk voor de moderne mens, die rustig wilde wonen in een groene omgeving, die buiten de wijk zou werken en daar via veilige routes heen reed: auto en fiets apart. Daarom werden er kolossale flats in honingraatpatronen neergezet: tien verdiepingen hoog, vier kilometer galerij per flat.

Maar de Amsterdammers gingen liever naar eengezinswoningen in Purmerend en Almere. Met een tuintje. De flats werden meer en meer bevolkt door Surinamers die na de onafhankelijkheid van hun land naar Nederland kwamen en later door grote groepen Afrikaanse immigranten. Mensen die de woningen niet voor het uitkiezen hadden. De wijk werd geteisterd door drugs en criminaliteit. Wie de flats kón verlaten, deed het zo snel mogelijk. De leegstand was medio jaren 80 bijna 25 procent, de werkloosheid in 1991 nog 32 procent.

In de jaren 90 is een grote verandering in gang gezet die het stadsdeel moest redden en die nog altijd gaande is. Flats werden gesloopt en vervangen door de eengezinswoningen waar de moderne mens kennelijk toch meer van houdt.

„We wilden de woonduur in de Bijlmer gelijk krijgen aan het gemiddelde in de stad”, zegt Joop de Haan. „Dat is gelukt, we zijn geen doorgangshuis meer.” In 1992 kwam de laagbouw terug. De belangstelling was groot. „Eerst werden de woningen gebouwd en daarna pas verkocht. In 2008 ging het zo goed dat de huizen bij voorintekening werden verkocht. Toen kon hier de vlag uit: we waren een normale wijk.” Maar dat was ook voorlopig het laatste jaar dat de nieuwbouw zo makkelijk bewoners vond. De kredietcrisis heeft de vernieuwing vertraagd.

Winkeltjes

Google Maps kan de vernieuwing niet bijhouden. Op het computerscherm lijkt het of de honingraatflat Develstein († 2010) er nog staat, en Dennenrode, en de grauwe parkeerpleinen ertussen. In werkelijkheid fiets je nu over het Dennenrodepad langs studentenwoningen van niet meer dan vier lagen, in zonnige kleuren. Het stadsdeel heeft voor de ontwikkeling van deze containerwoningen samengewerkt met studentenhuisvester DUWO, op voorwaarde dat die er ook een paar winkeltjes voor de buurt zou neerzetten. Daarom staat op het kruispunt van twee paden een gebouwtje voor drie winkels. Een kleermaker en een fietsenmaker zitten er al in, in de derde ruimte staan tafels en stoelen te wachten op een bestemming.

Dat is waar die Afrikaanse man langsfietst die vergeefs en daarom steeds harder in zijn telefoon roept. Geen verbinding.

Het kan toeval zijn, het kan aan zijn telefoon liggen, maar de aanleiding om juist in Zuidoost te gaan kijken naar de meetbaarheid van Nederland was de dekkingskaart van aanbieders van mobiele telefonie en internet. Alle providers hebben er een, en ze vertonen allemaal hetzelfde vlekkenpatroon. In de donkere vlekken is de verbinding het best en de downloadsnelheid het hoogst.

Als je inzoomt op Zuidoost, krijg je de hele range van snelheden te zien en grosso modo in deze kleurstelling: donker in het westen, licht in het oosten. Aan de westkant, rond het spoor, ligt het kantoorgebied Arena-Atlas, een A-locatie. Aan de oostkant liggen de woonwijken. Op het Dennenrodepad is de downloadsnelheid volgens de app van Speedtest.net 1,1 Mb/s. Bij brasserie Hoekenrode, naast metrostation Bijlmer Arena in het hart van het kantoorgebied, vliegt de meter omhoog tot boven de 13 Mb.

Gevraagd naar de verschillen zegt Richard Mes van Vodafone Nederland dat in kantoorparken enorm veel vraag is. Vorige maand is Vodafone begonnen met het ‘uitrollen’ van de 4G-frequenties, voor de snelste telefoons. Ook dit levert een vlekkenpatroon op: dieppaars in en rond de vier grote steden, licht aan de randen van het land.

De 3G-dekkingskaart van Vodafone weerspiegelt de twee componenten van Zuidoost, de kansen en de moeilijkheden. Het is de verantwoordelijkheid en de ambitie van Emile Jaensch en Joop de Haan de kansen te benutten om de moeilijkheden te overkomen. Dus praten zij met investeerders, of die bij het ontwikkelen van profijtelijke projecten ook aan de wijk willen denken. Met werkgevers, of die mensen uit de wijk in dienst willen nemen. Jaensch: „Een Ghanees die bij Ikea gaat werken, laat ook zijn familieleden met die winkel kennismaken.”

We staan even stil bij Heesterveld. Dit blok heeft de sloop ternauwernood overleefd. De huizen zijn nog altijd matig, zegt Jaensch, maar ze zijn wel vrolijk blauw en geel en nu wonen er zo’n vierhonderd kunstenaars en academiestudenten. Op de binnenplaats gaat een kunstenaar met de zaag een boomstronk te lijf. „En zestig van de oorspronkelijke bewoners zijn ook gebleven”, zegt Jaensch. Hij hoopt dat hier nog een café komt. Niet alleen voor de studenten, ook voor de inwoners van de flats Hakfort en Huigenbos aan de overkant en voor de mensen die nu alleen komen werken in de kantoren in het Arena-Atlasgebied. Dat ligt hier maar 200 meter vandaan.

Aan de overkant van de straat hangt een groepje zwarte mannen over het dak van een auto. Ineens komt een jongen met een jasje en een dasje Hakfort uitgelopen. Hij klapt zijn skateboard op straat en stept richting de kantoren van de Amsterdamse Poort. „Kijk”, roept Jaensch. Zulke jongens in deze straat. „De pakken zijn al hier, nu hebben we nog een kroeg nodig waar ze een biertje kunnen drinken.”

Voorlopig drinken de pakken hun biertje bij station Bijlmer Arena, op het terras van de nieuwe brasserie Hoekenrode. Achter de andere gevel zit een al even nieuw hotel, Hampton Inn by Hilton – anticiperend op de bezoekers van de Ziggodome. De mensen die daar komen verleiden om Zuidoost in te gaan, om zelf te zien dat het er lang zo kwaad niet meer is als vroeger, dat zijn Jaensch en De Haan aan het doen. Daarom is, heel simpel, de ooit zo nauwe doorgang verbreed die het plein met het winkelcentrum de Amsterdamse Poort verbindt.

Blauwdrukken maken ze allang niet meer. „Je kunt wel je best doen om je wijk aantrekkelijker te maken”, zegt Jaensch bescheiden, „maar locatie, woningmarkt en arbeidsmarkt zijn veel belangrijker dan dat beetje duwen van ons. Het is bijsturen.”