Ze zijn, al niksend, echt aan het werk

Elk jaar melden duizenden mensen zich om medicijnen te testen Het levert 100 tot 190 euro per dag op Vooral veel studenten, maar door de crisis ook steeds meer ZZP’ers die het geld nodig hebben

Illustratie Roel venderbosch

Verslaggevers

Een radioactief drankje drinken, dat ging hem te ver. Maar verder is Matthias Cabri (25) best tot een hoop bereid. Hij werkt mee aan medische onderzoeken. Als proefpersoon. En nee, zegt hij, „dat is niet eng”. Behalve dat onderzoek met dat drankje dan, dat leek hem niks. De motivatie voor zijn proefkonijnschap? „Geld”, zegt Cabri. Het is namelijk makkelijk verdienen, legt hij uit. „Je hoeft alleen even in een bed te liggen.”

En dat hebben meer mensen bedacht: het aantal gezonde mensen dat bereid is mee te doen aan geneesmiddelenonderzoek is toegenomen sinds de crisis vijf jaar geleden begon. Dat merken de twee grootste onderzoekscentra die zulke proeven uitvoeren in opdracht van farmaceutische bedrijven.

Jaarlijks doen in totaal enkele tienduizenden Nederlanders mee aan geneesmiddelenonderzoek, schat de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek – hoeveel mensen precies is niet bekend. Voor een deel zijn dat ‘echte’ patiënten, maar een ander deel van deze medicijntesters, naar schatting een paar duizend, is kerngezond van lijf en leden.

De Pharmaceutical Research Associates Group (PRA), met jaarlijks 2.000 proefpersonen de grootste in Nederland, heeft de afgelopen vijf jaar eenderde meer proefpersonen erbij gekregen. Het Centre for Human Drug Research (CHDR), naar eigen zeggen de tweede van Nederland, verwacht dit jaar 800 proefpersonen te gebruiken, tegenover 550 vorig jaar. De afgelopen vijf jaar kreeg het CHDR er ieder jaar 10 procent meer proefpersonen bij. Deze twee onderzoekscentra doen vooral geneesmiddelenonderzoek met gezonde proefpersonen.

Onder de nieuwe medicijnentesters zijn opvallend veel zelfstandigen zonder personeel. „Er melden zich zelfstandigen die het nu rustiger hebben door de crisis”, zegt hoofd recruitment Herbert Anholts van CHDR. Zelfstandigen gingen er vorig jaar in koopkracht 2,7 procent op achteruit – het meest van alle beroepsgroepen, zo meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek. Deze groep kan dus wel wat extra inkomsten gebruiken.

Het CHDR heeft vorig jaar een nieuw pand gebouwd om alle nieuwe proefpersonen te kunnen herbergen. Ze verblijven op de hoogste etages van het gebouw, in brede woonkamers met witte muren. In het midden staat een brede flatscreen-tv met hoge, groene stoelen ervoor. Een oudere man in een rafelig T-shirt zit aan tafel. Naast hem een opengeslagen krant. Tegenover hem een vrouw in een roze trainingspak. Ze eten zwijgend.

Ze zijn, al niksend, aan het werk.

Met hun aanwezigheid verdienen ze geld. Ze testen medicijnen waarvan het CHDR de werking onderzoekt. Zo lopen er nu onderzoeken naar een medicijn tegen suikerziekte, een ontstekingsremmer en een middel tegen rugklachten. De vergoeding voor een testdag ligt tussen de 100 en 190 euro. Het bedrag is afhankelijk van de duur van het onderzoek – sommige duren wel twee weken – en hoe ongewoon de proef is. ’s Nachts krijgen de deelnemers doorbetaald. Slapend rijk worden? Anholts vindt van niet. „Ze doen mee aan testen. Dat is werk.”

Maar noeste arbeid – zo kun je het ook weer niet noemen, vindt de 22-jarige student Thomas van Til. Hij deed bij het CHDR als proefpersoon mee aan een test voor een nieuw soort antibiotica. Via een infuus kreeg hij af en toe een beetje van de stof toegediend. „Ze raden aan om je laptop mee te nemen”, vertelt hij. Er is gratis wifi, dus er kan gewoon worden gewerkt.

Maar wie er een soort minibreak van wil maken, staat dat ook vrij. Voor mensen die langer blijven, is er een speciale verdieping – „de longstay”, noemt Anholts die. Daar staat een voetbaltafelspel. Aan de muur hangt een dartboard. En er is een buitenterras. Alleen wel met hoge muren eromheen, om besmetting van buitenaf te voorkomen.

Ondanks de toename van zelfstandigen is het grootste deel van de proefpersonen nog altijd student. „Ze komen voor de vergoeding”, weet hoofd recruitment Anholts. „Daar moet je eerlijk over zijn.” Werven gebeurt steeds meer op internet – ook via Facebook en Twitter. Inzet van sociale media lijkt volgens PRA een „drempelverlagend effect” te hebben op deelname aan geneesmiddelenonderzoek. Want iets griezeligs heeft het ook: pillen slikken of stoffen inspuiten waarvan de werking nog niet precies bekend is.

Is het gevaarlijk? Voor geneesmiddelenonderzoek gelden strenge regels. De opdrachtgever maakt eerst een rapport met daarin een gedetailleerde beschrijving van wat er wordt onderzocht en wat daar al over bekend is. Deze opzet wordt vervolgens beoordeeld door een club van wijze mannen en vrouwen: een medisch ethische toetsingscommissie. Pas als duidelijk is dat deelnemende proefpersonen geen grote risico’s lopen, mag het experiment doorgaan.

Toch is het ook weleens misgegaan. Vijf jaar geleden overleden 24 mensen tijdens een medisch wetenschappelijk onderzoek in het Universitair Medisch Centrum Utrecht. Het ging om ernstig zieke patiënten met een alvleesklierontsteking die bepaalde bacteriën toegediend kregen. In 2006 werden zes gezonde proefpersonen in Engeland ernstig ziek nadat ze een nieuw medicijn tegen reuma en leukemie kregen toegediend. Gemiddeld krijgen per jaar drie tot vier Nederlandse proefpersonen een schadevergoeding, omdat ze ziek werden na deelname aan een medisch experiment, blijkt uit een evaluatie van de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen.

Maar bij het CHDR is sinds de oprichting in 1987 „nog nooit” iemand naar huis gestuurd met „blijvende bijwerkingen”, zegt Anthols. Er wordt dus nooit iemand ziek? „Nou ja, mensen krijgen weleens een blauwe plek door de infuusnaald. Of ze worden misselijk of krijgen hoofdpijn.”

Van tevoren worden proefpersonen uitgebreid ingelicht over de risico’s. „Je krijgt een informatiepakketje mee naar huis”, vertelt proefpersoon Matthias Cabri. „En dan moet je van tevoren een toestemmingsverklaring ondertekenen. Dan zeg je dat je weet waar je aan begint.” Van de vier onderzoeken waar Cabri aan meedeed, werd hij niet ziek. Hij lacht. „Alleen een keer een beetje overactief door een suikeroplossing.”

Ook proefpersoon Thomas van Til heeft nog nooit last gehad van bijwerkingen. „Alleen soms een beetje hoofdpijn.” Maar dat kun je ook krijgen van een nachtje doorwerken in de kroeg. Of anders wel van de naborrel. „En als je het een beetje goed uitzoekt, verdien je als proefpersoon vier keer zoveel.”