Van Os, mag ik kritiek leveren?

De ‘Salonpopulisten’ in het betoog van Pieter van Os zijn een niet bestaande groep, vindt Marc Chavannes.

Pieter van Os heeft een boek geschreven over de omgang tussen pers en politiek. Op grond van dat boek, dat deze week verschijnt, kreeg hij zaterdag ruim baan in de bijlage Opinie & Debat om een aantal schrijvers en journalisten op de korrel te nemen. Zij zijn ‘salonpopulisten’ die met hun kritiek op het parlement de democratie grotere schade berokkenen dan populisten van de straat.

De redactie Opinie heeft me gevraagd te reageren. Ik hoef niet op te komen voor mensen als Arnon Grunberg, Ilja Leonard Pfeijffer, Paul Scheffer, Marcia Luyten en Bas Heijne. Het zou me niet verbazen als zij zich net zo weinig aangesproken voelen door het requisitoir van Pieter van Os als ik. Diens stuk gaat over een niet-bestaande groep en een wazig verschijnsel.

Het procedé van Van Os is, afgaande op zijn stuk van zaterdag, als volgt. Je lanceert een pakkende categorie en zoekt er namen en citaten bij. Je definieert kenmerkende standpunten van de groep en vindt in de honderden stukken en stukjes van betrokkenen altijd wel een zinsdeel dat zo’n laakbare categorie lijkt te ondersteunen.

Retorisch een even bekende aanpak als het met klem ontkennen van een beschuldiging die je tegenstander niet heeft uitgesproken.

Interessanter is de vraag of Van Os zich terecht zorgen maakt over de schadelijke invloed van de mensen die hij bekritiseert. Zou hun geschrijf de onrust van de kiezer en de noodzaak van zes kabinetten in elf jaar hebben veroorzaakt? Zou de Nederlandse politieke instabiliteit van deze eeuw zijn uitgebleven zonder deze salonpopulisten? Wel veel eer.

Tussen twee haakjes: zou ik het begrip instabiliteit wel mogen gebruiken? Dat is niet goed voor de beeldvorming van het parlement. Even checken bij Pieter van Os.

Zijn salonpopulisme heeft overigens een pakkend programma. Leidend is de gedachte dat Den Haag er niet meer toe doet, dat het parlement machteloos is en bezwijkt onder ruw taalgebruik en debatten over onzinnige onderwerpen. Volgens de salonpopulisten zijn Kamerleden dom, maar Pieter heeft een onderzoek gevonden dat aantoont dat zij bovengemiddeld opgeleid zijn. Dat is al jaren zo.

Met ergernis verhullen de salonpopulisten hun politieke partijdigheid. „Politici dansen naar de pijpen van de kiezer, is het verwijt.” De salonpopulisten „zal het worst wezen’’ dat het parlement juist aan macht wint. „Met feiten moet je ze niet lastigvallen.”

Staat u me toe voor wat mijzelf betreft de omvang van deze karikatuur te schetsen. Ik volg de Nederlandse politiek sinds de dagen van Den Uyl, Wiegel, Van Agt, Terlouw en Lubbers, heb na drie buitenlandse correspondentschappen (met veel politiek) steeds steeds weer de Haagse debatten op de voet gevolgd, de stukken gelezen, spelers én deskundigen in en rond de Kamer gesproken. Ik sta dagelijks in contact met burgers die de effecten van Haags beleid ervaren.

Omdat Den Haag me niet boeit? Omdat de parlementaire democratie over haar hoogtepunt is? Geen belangstelling voor de feiten? Ik had ook kunstredacteur kunnen worden. Maar ik vind het functioneren van onze democratie de ruggegraat van de journalistiek én van ons land als behoorlijk vrije samenleving. Daarom hou ik onze parlementariërs aan de hoge normen die een beschaafd land verdient. Voor de goede zaak.

En ja, soms vergelijk ik hun zelf uitgesproken idealen en voornemens met wat zij doen, waarbij ik de noodzaak van compromissen vrijwel wekelijks onderken. Soms beschrijf ik hun meer dan eens collectieve steun voor ingrijpende oplossingen van niet goed gedefinieerde problemen. Kan de democratie daar niet tegen? Moet ik omwille van het aanzien van het parlement schrijven dat het Zevende Vijfjarenplan voor de Landbouw weer een doorslaand succes was?

Parlementaire debatten speelden nauwelijks een rol in de jaren ’70, schrijft Van Os. Daar heb ik andere herinneringen aan. Is Pieter van Os misschien een salonjournalist? Hij heeft in ieder geval niet lang genoeg in het archief gezocht voordat hij zijn donder deed neerdalen.