Strafhof wil zich niet inlaten met politiek spelletje

Vergezeld door tientallen parlementariërs kwam William Ruto vandaag aan bij het Strafhof in Den Haag. Zijn zaak raakt Kenia, maar ook het prestige van het Hof.

William Ruto, vicepresident van Kenia, komt aan bij het Internationaal Strafhof in Den Haag Foto David van Dam

Een belangrijke dag voor het Internationaal Strafhof in Den Haag. Vanochtend om zeven over negen stapte daar William Ruto, vicepresident van Kenia, uit een zwarte Mercedes. Met een glimlach op zijn gezicht. „Zeker, ik voel me heel goed”, zei hij toen hij het Strafhof binnen ging.

Vicepresident Ruto en de Keniaanse radiojournalist Joshua arap Sang zijn aangeklaagd wegens betrokkenheid bij het etnisch verkiezingsgeweld dat hun land eind 2007, begin 2008 overspoelde. Hun worden misdaden tegen de menselijkheid ten laste gelegd. In november moet ook president Uhuru Kenyatta terecht staan.

Tientallen parlementsleden zijn naar Den Haag gekomen om het belang van de zaak voor Kenia te onderstrepen. Zij zeggen dat berechting het verzoeningsproces ondermijnt dat eerder dit jaar in Kenia zelf zou zijn gerealiseerd door een politiek akkoord tussen de rivalen Ruto en Kenyatta. „Natuurlijk ben ik hier om Ruto te steunen”, zegt parlementslid Kimani Ngumsiri. „De zaak maakt geen kans. Ruto wordt beschuldigd van moord en andere misdaden. Maar de hoogste rechtbank, het volk van Kenia, heeft hem afgelopen maart bij de verkiezingen met grote meerderheid gekozen. Daarmee is de zaak afgedaan”.

Ook andere parlementsleden spreken hun vertrouwen uit in een goede afloop. „Dit is een vernedering voor Kenia. We willen dat dat tijdens dit proces wordt rechtgezet”, zeggen ze.

Op een persconferentie beklemtoonde de Nederlandse griffier van het Hof, Herman von Hebel, gisteren dat het Hof zich niet inlaat met „politieke spelletjes”. „Het Strafhof is in het leven geroepen om volgens zeer hoge internationale standaarden recht te spreken. Ook deskundigen uit Kenia hebben meegewerkt aan het uitwerken van die principes. Het is geen kwestie van schade toebrengen aan Kenia, het is een kwestie van het berechten van misdaden die niet ongestraft mogen blijven”.

De dreiging van politieke beïnvloeding hangt als een donkere schaduw over het Strafhof. Vorige week stemde het Keniaanse parlement in met een motie die oproept het lidmaatschap van het Strafhof op te zeggen. Voor de processen tegen Ruto, Sang en Kenyatta heeft dat geen consequenties, aangezien de procedure zeker een jaar zou duren. Het neemt niet weg dat de druk op het Strafhof toeneemt, ook omdat andere Afrikaanse landen hun sentimenten tegen de ‘koloniale’ rechtsgang in Den Haag ventileren.

De statuur van het Strafhof is daarmee in het geding. Dat legt een zware last op de schouders van de Gambiaanse hoofdaanklager Fatou Bensouda, die vorig jaar begon. Zij heeft de Keniaanse autoriteiten gebrek aan medewerking bij het onderzoek verweten. Gisteren herhaalde ze ook de beschuldiging dat getuigen onder druk worden gezet zich terug te trekken. „We zullen de identiteit onthullen van degenen die hier achter zitten”, beloofde ze. „Ik speculeer niet over de vraag of onze zaak zwakker is geworden. We zullen overtuigend bewijs aandragen”.

De Londense advocaat van Ruto, Karim Khan, zei dat hij gehakt zal maken van de gebrekkige bewijsvoering van de aanklager. „Uiteindelijk zullen we weten wie de misdaden niet heeft gepleegd, niet wie wel verantwoordelijk waren”, zei hij.