Privacy

Ooit las ik Kinderen van Moeder Aarde van Thea Beckman. Er wordt een utopie in beschreven, een samenleving in harmonie met mens en dier. Ze hanteerden een opmerkelijk strafsysteem: bij een vergrijp werd er een stip op je voorhoofd gezet. Bij elk vergrijp hoorde een bepaald aantal jaar en een bepaalde kleur, zodat iedereen wist wat je had gedaan. Ik als elfjarige was onder de indruk, tot mijn moeder zei: “Dat is het meest gruwelijke wat je een mens kan aandoen.” Inmiddels hebben we dit systeem min of meer ingevoerd. Het internet.

Waarschijnlijk was die publieke opinie altijd al hard

Ik las vorige week dat Max Mosley, voormalig directeur van de Formule 1, een rechtszaak heeft aangespannen tegen Google: hij wil dat bepaalde zoekresultaten verwijderd worden, foto’s uit 2008 waarop hij te zien is tijdens een sm-feest. De gelekte foto’s veroorzaakten ophef, mede doordat er werd gesuggereerd dat de orgie een nazithema had – iets wat Mosley altijd heeft ontkend. De rechtbank besloot dat de foto’s een schending van de privacy zijn, en Mosley hoopt nu dat Google zich ook aan dit oordeel moet houden.

Wat doe je als je zoiets leest? Juist, je gaat die foto’s zoeken. Lange leren jassen, billenkoek met een kopie van Mein Kampf, blonde vrouwen met een scheefgeplakt snorretje – het prikkelt de nieuwsgierigheid. En terwijl ik de foto’s zoek, verdwijnt langzaam mijn stemming van opgewekt ramptoerisme. En ik denk: dit is eigenlijk precies waarom ik het internet soms haat. Omdat het nietsontziend is, en genadeloos. Er is geen ruimte meer voor fouten of geheimen nu één telefooncamera, één hacker of één twitteraar de macht heeft.

Waarschijnlijk was die publieke opinie altijd al hard. En moralistisch. Maar ik heb een hekel aan die duizenden preutse meningen, aan de bestraffende toon die het internet zo eigen is. Die niet alleen wordt gereserveerd voor beroemde mensen, maar voor iedereen: kijk naar het nieuws over het meisje dat tijdens een openluchtconcert iemand pijpte. Ze werd gefotografeerd en even later was de foto overal verspreid. De reacties waren zo grof en gemeen en talrijk dat het meisje hysterisch opgenomen werd in het ziekenhuis.

Terwijl: wat maakt het uit? Pijpen in het openbaar is misschien niet het meest aristocratische ding om te doen, maar er wordt niemand mee verwond (laten we hopen, tenminste). Het is op zijn hoogst niet zo handig, maar geen reden tot karaktermoord. En een sm-feest, zélfs met nazithema – waarom zouden mensen in hun vrije tijd daar niet van mogen genieten? Sinds wanneer is er een wet tegen (vermeende) slechte smaak? Seks is nou precies iets wat vaak níet binnen het plaatje van een net, correct leven past – maar zolang er geen wetten worden overschreden, is er niets aan de hand.

De rechter heeft Mosley misschien gelijk gegeven, maar het internet is nauwelijks te temmen. Wat we wel kunnen proberen: ophouden met stippen op voorhoofden zetten.