Leuke huisdiertjes, die bijen

Help! De wilde bij sterft uit Gelukkig is er wat aan te doen: zet zelf een bijenkorf op je balkon Volgens bijenkenner Bram Cornelissen zijn de gevreesde insecten hele leuke huisdieren

Het kleine, zwarte insect laat zich niet afleiden door de mensen die om hem heen staan. Geconcentreerd schuifelt hij heen en weer, zijn kaakjes hevig bewegend. „Een Tronkenbij. Kijk!”, zegt Bram Cornelissen verheugd. „Hij plakt nu net zijn nestje dicht, met speeksel en steentjes.” Dan fronst hij zijn wenkbrauwen. „Hoe bedoel je: ‘hij ziet er niet uit als een bij’? Er leven meer dan 350 soorten wilde bijen in Nederland. Die zien er echt niet allemaal hetzelfde uit, hoor.”

Cornelissen weet er alles van. De bijenonderzoeker van de Universiteit van Wageningen bestudeert de beestjes niet alleen voor zijn werk, maar ook in zijn vrije tijd. Op zijn balkon op de tweede verdieping van een laagbouwflat in Wageningen hangt aan de muur een houten blok met een honderdtal gaatjes erin. Nestruimte voor wilde bijen. Het bijenseizoen is bijna ten einde en er zitten maar enkele bijtjes op het hout. „Maar in het hoogseizoen hangt hier een bijenwolk.”

Bijen op je balkon. Dat willen mensen toch niet vrijwillig? Wel dus. Cornelissen is lang niet de enige. Sinds enkele jaren zijn zogeheten ‘insectenhotels’ in vrijwel ieder tuincentrum verkrijgbaar. Cornelissen merkt dat de interesse in zijn vakgebied duidelijk is toegenomen. Een positief bijverschijnsel van de bijensterfte, denkt hij.

Voor wie het heeft gemist: het gaat niet goed met de bij. Sinds een jaar of tien zien imkers hun bijenvolkeren in de winter massaal sterven. Deskundigen twisten nog over de precieze oorzaak. Waarschijnlijk ligt het aan het veranderende landschap en het toenemende gebruik van pesticiden, een chemisch bestrijdingsmiddel. Reden genoeg voor zorgen, want als de bijen weg zijn, wie bestuift dan onze groenten en ons fruit?

Er zijn inmiddels tal van projecten geïntroduceerd om de honingbijen weer op de been te helpen. Urban Beekeeping bijvoorbeeld, waarbij bijenkasten op de daken van hoge flats in de stad worden geplaatst. Maar voor de wilde bij is nog weinig aandacht.

Wilde bijen leven alleen en maken geen honing. Omdat ze niets produceren waar de mens op aast, vormt die voor hen geen bedreiging. En kunnen ze niet steken. Aangename beestjes dus, met een hoge ‘aaibaarheidsfactor’, vindt Cornelissen. En iedereen met balkon of tuin, kan ze helpen.

Dat is hard nodig. Meer dan de helft van de Nederlandse wilde bijensoorten staat op de lijst van bedreigde dieren. De wilde bij kampt deels met dezelfde problemen als de honingbij, maar heeft geen imker die op ze let. Het veranderende landschap vormt daarom de grootste bedreiging: de bij ziet haar favoriete nestplekken – braakliggende terreinen, rieten daken, braambermen, lemen muren of boomholtes – gestaag verdwijnen.

Om de bij een handje te helpen, ontwikkelde Cornelissen samen met ontwerper Aad Kruiswijk dit voorjaar de ‘Bee Inc. Bijenkristal’. Een houten blok met vijf vlakken en daarin gaten van zo’n tien centimeter lang. „Perfect geschikt voor bijtjes van alle soorten en maten”, zegt Kruiswijk. Waar de insectenhotels uit tuincentra volgens deskundigen vaak niet aan alle eisen voldoen en daarom leeg blijven, is bij de Bijenkristal aan alles gedacht. Kruiswijk: „De gangetjes zijn goed afgewerkt zodat de bijen hun vleugeltjes niet scheuren en de kristalvorm weert de regen.”

Het blok moet alleen nog aan een gevel worden opgehangen, de rest doen de bijen zelf. Tussen april en september leggen ze in de gangen hun eitjes. Een holletje per bij, zo’n tien eitjes per gat, dat uiteindelijk vakkundig wordt afgesloten. „Daarvoor gebruikt ieder soort een ander materiaal: de zijdebij produceert een soort van zijde en de Grote Bladsnijder werkt met blaadjes. Zo weet je precies welke soort in welk holletje zit”, legt Kruiswijk uit. „Prachtig om te zien.”

Cornelissen kan uren naar de beestjes turen. „Soms maken ze ruzie en trekken elkaar aan de beentjes. Of er komen parasieten, ook spannend! Net een natuurdocumentaire, maar dan in het echt.” Of de kant-en-klaar bijennestjes daadwerkelijk ervoor zorgen dat meer bijen in de stad komen, is niet bewezen. Onderzoek ontbreekt nog. „Maar het is hoe dan ook een goede zaak”, vindt de bijenonderzoeker. Hij hoopt dat mensen zich meer bewust worden van de wilde bijenproblematiek. „Wie ziet hoe fascinerend die beestjes zijn, gaat er ook meer over nadenken. Over welke planten je in je tuin kunt zetten om de bijen te helpen, bijvoorbeeld.”

Bovendien zijn bijen uitermate gemakkelijke ‘huisdieren’, zegt Cornelissen. Hij loopt naar zijn buurvrouw toe. „Jij hebt toch geen last van de bijtjes op mijn balkon?” vraagt hij. Nee, ze merkt er helemaal niets van. „Hoewel: een keer wilde een bij een nestje bouwen in mijn kozijn.” Maar dat was geen probleem. „Ik heb een propje papier in het holletje gestopt”, zegt ze lachend. „Weg was die!”

Via beeinc.nl is de ‘Bijenkristal’ te bekijken