Diplomatieke uitweg Syrië doemt op

Stunteldiplomatie of een meesterzet? De opmerking van de Amerikaanse minister John Kerry dat president Assad een aanval op zijn land kan voorkomen door zijn chemische wapens in te leveren, werd zo snel omarmd, dat Obama er nauwelijks nog onderuit kan.

Bij CBS met Scott Pelley.

De dreiging van een Amerikaanse interventie in Syrië is gisteren afgenomen, door een onverwacht voorstel van minister van Buitenlandse Zaken Kerry. Hij zei dat Syrië een Amerikaanse aanval nog kan afwenden door onmiddellijk alle chemische wapens op te geven. De uitspraken werden direct omarmd door Rusland.

Al snel bleek dat er brede internationale steun bestaat voor deze mogelijke uitweg uit de diplomatieke crisis. President Obama zei voorzichtig dat het „mogelijk een belangrijke doorbraak kan zijn”. De president slaagt er in Washington slecht in politieke steun te verwerven voor zijn voornemen Syrië militair te straffen voor het vermeende gebruik van gifgas. Maar onduidelijk is of hij de kans die zich nu voordoet om van een interventie af te zien, ook zal aangrijpen.

Zelfs als de Verenigde Staten en Syrië het over dit plan eens worden, is nog hoogst onzeker of het in de praktijk uitvoerbaar is. Hoe kan er, midden in een bloedige burgeroorlog, op toegezien worden of het Syrische leger inderdaad al zijn opslagplaatsen voor chemische wapens onder controle stelt van de internationale gemeenschap? En of vervolgens inderdaad alle gifgas vernietigd wordt? Is het plan voor Syrië en zijn bondgenoten niet vooral een mogelijkheid om de Amerikaanse aanval op de lange baan te schuiven, zoals in Washington wordt gevreesd?

De verrassende wending in de crisis kwam gisteren in Londen met een antwoord van Kerry op de vraag van een journalist wat de Syrische president Assad nog kon doen om een Amerikaans ingrijpen te voorkomen. Zijn chemische wapens deze week nog inleveren, was het antwoord, „tot het laatste onderdeel”. Was dat een diplomatieke opening naar Assad? Was dit een officieel Amerikaans ultimatum? Hoe serieus moest deze onverwachte opmerking genomen worden? Het ministerie van Buitenlandse Zaken kwam snel met een officiële verklaring: Kerry had louter retorisch gesproken, om duidelijk te maken dat Assad dit nooit zou doen.

Maar de Russische minister van Buitenlandse Zaken Lavrov had het er toen al geconcretiseerd en gesteund. Hij zei dat Rusland bondgenoot Syrië oproept „niet alleen zijn chemische wapens onder internationale controle te plaatsen, maar ze vervolgens ook te vernietigen”.

VN-chef Ban Ki-moon schaarde zich achter dat plan, net als vanmorgen Iran en China. De Franse minister van Buitenlandse Zaken Fabius kondigde vanmorgen aan een nieuwe resolutie te willen indienen bij de Veiligheidsraad.

Ook de minister van Buitenlandse Zaken van Syrië, Walid al-Moallem, zei gisteren het voorstel te verwelkomen – al zei hij niet direct dat zijn land bereid is zijn gifgasarsenalen op te geven.

In Washington sprak onder meer de invloedrijke Democratische senator Dianne Feinstein haar steun uit voor het voorstel. En voormalig minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton zei na een gesprek met Obama dat het plan een „belangrijke stap” zou kunnen zijn om te voorkomen dat Syrië weer chemische wapens gebruikt.

Of Kerry nu een tactische meesterzet deed of ‘diplomacy by gaffe’, stunteldiplomatie, pleegde – zijn idee heeft nu zo veel internationale steun gekregen dat Obama niet goed meer terug kan. Hij had gisteravond 6 interviews met televisiestations gepland, waarin hij de Amerikanen bevolking hoopte te overtuigen van de noodzaak om in te grijpen. Maar daar kwam de president nauwelijks aan toe. Hij kreeg vooral vragen over het Russische voorstel.