Noorwegen kiest - anti-immigratiepartij maakt kans op regeringsdeelname

De Noorse premier Jens Stoltenberg brengt zijn stem uit bij een stembureau in Oslo. Zijn coalitie heeft de afgelopen tijd flink aan populariteit verloren in de peilingen. Foto Reuters / Fredrik Varfjell

In Noorwegen worden vandaag parlementsverkiezingen gehouden. Voor het eerst sinds 2005 maakt de Vooruitgangspartij, een rechts-populistische anti-immigratiepartij kans op een plek in de regering.

De Vooruitgangspartij is nog de tweede partij van Noorwegen, volgens de peilingen wordt ze de derde, na de Conservatieven en de Arbeiderspartij. Ondanks de sterke economie en de lage werkloosheid is de centrumlinkse coalitie van de sociaaldemocratische premier Jens Stoltenberg de afgelopen tijd juist gedaald in de opiniepeilingen.

Utoya speelde geen rol in campagne

Het zijn de eerste verkiezingen sinds de aanslag van Anders Breivik in 2011, die zelf overigens tussen 1999 en 2004 lid was van de Vooruitgangspartij. Dat verband en ’22-7’ hebben dan ook geen enkele rol gespeeld in de campagne. De andere partijen pasten ervoor om dit te politiseren. Volgens NRC-redacteur Mark Beunderman heeft het strafproces tegen Breivik louterend gewerkt.

Beunderman sprak met Hege Ulstein, commentator van de krant Dagavisen. Volgens Ulstein is de sterke hang naar consensus in Noorwegen juist sterker geworden.

“Behalve een aanval op de Arbeiderspartij was dit een aanval op Noorwegen”, zegt Ulstein. „Er was een heel sterk gevoel van eendracht. Nog steeds wil niemand het risico lopen de harmonie te breken.”

Bovendien zijn Noren het praten over Breivik ook “moe”. Belastingverlaging, onderwijs, zorg en wegen zijn nu de grote campagnethema’s.