...voor de afgeluisterde landen

Er zijn tal van verontwaardigde politieke reacties geweest – vooral van parlementsleden die zelf niet met geheime diensten werken. In de verontwaardigde en geschokte reacties regent het termen als ‘Orwelliaans’ en ‘anti-democratisch’.

Maar bij woorden is het tot nog toe gebleven. Regeringsleiders van Angela Merkel in Duitsland tot Enrique Peña Nieto in Mexico hebben Obama om opheldering gevraagd. Merkel heeft ook aangedrongen op Europese regels om bedrijven tot openheid te dwingen. Maar de intensieve samenwerking tussen de NSA en de Duitse afluisterdienst BND (Bundesnachrichtendienst) is volgens haar niet ongrondwettelijk geweest. Frankrijk en Groot-Brittannië houden zich op de vlakte; beide landen blijken zelf grootschalige tapprogramma’s te gebruiken, en de Britten behoren tot de gretigste leerlingen van de NSA.

De relatie met de VS blijft voor de meeste regeringsleiders voorop staan. Daarbij weten machthebbers waarschijnlijk wat ze kunnen verwachten. Zoals Obama er in Zweden zelf over zei: „Onze inlichtingencapaciteit is enorm veel groter dan die van andere landen, zoals onze defensiecapaciteit ook veel groter is dan van andere landen. We hebben dezelfde doelen, maar veel meer middelen.”

Het belangrijkste politieke gevolg lijkt tot nog toe het afzeggen van de topontmoeting met Poetin door Obama te zijn geweest, nadat deze een jaar politiek asiel had verleend aan de Amerikaanse klokkenluider Edward Snowden. Maar inmiddels hebben de twee elkaar alweer gesproken in de marge van de G20.