Pril herstel dat Den Haag kapot weet te politiseren

Op wie moet je letten om Den Haag te begrijpen?

Deze week: Pechtold en de niet-redders van een radeloos kabinet.

Ofwel: leiders die ongewild een nieuwe Pim bestellen.

ILLUSTRATIE RUBEN L. OPPENHEIMER

Iedereen terug, niets veranderd: het theater van de afgunst heropende deze week zijn deuren. De economie vertoont tekenen van herstel, zie de laatste cijfers over industriële productie en woningmarkt: de zege op het CPB die je wist dat kon komen. Maar daar was amper aandacht voor. Geen Kamerlid over gehoord.

In de Kamer hadden ze, net als in de media, andere prioriteiten. Komende donderdag, 12 september, is het exact een jaar geleden dat de verkiezingen werden gehouden. Maar nog is de formatie niet voorbij, zoals we deze week dankzij De Telegraaf te weten kwamen. De coalitie was in de zomer zo desperaat over het eigen onvermogen dat ze toegaf aan gesprekken met D66 om het kabinet te stutten. Maar helaas: ook dit projectje mislukte.

Je went eraan, al is dit op zichzelf vreemd: een land in een zelf verklaarde crisis, een economie die zich uit een recessie vecht, en politieke leiders die zozeer met elkaar – en het bestel – in gevecht zijn geraakt dat ze na een jaar nog geen stabiel bestuur hebben weten te vormen.

En intussen maar lachen. De directeur voorlichting van het ministerie van Justitie, Annemarie Stordiau, twitterde na het zomerreces dat de regionale pers nu vrijwel van het Binnenhof is verdwenen. En dat meer verslaggevers dan ooit op de been waren: de „entertainment-media”, zoals zij ze noemde, hebben de vrijgevallen plaatsen opgevuld. Op de cursus hebben alle politici nu wel geleerd wat je doet als zo’n vlerk een belediging op je afslingert: blijven lachen. En dus danst iedereen mee op dezelfde vulkaan.

Zoals bekend liepen de lezingen over de gesprekken met Pechtold sterk uiteen. Ik geloof dat we er veilig van uit kunnen gaan dat Pechtold wilde aanschuiven, de VVD welwillend was, en Samsom de prijs te hoog vond. Zijlstra kon met Pechtold erbij onder het sociaal akkoord uitkomen; dat zag hij toch al nooit zitten. Samsom voelde daar natuurlijk niets voor. En D66 hengelde al maanden naar kabinetsdeelname: niet voor niets bepleitten partijkopstukken als Borst en Van Boxtel (voorzitter van de senaatsfractie) in het voorjaar al een tussenformatie. En Pechtold zelf raakt niet uitgepraat over die ene week, vorig jaar, waarin op zijn initiatief het Lenteakkoord werd gesloten: heerlijk hoor, regeren.

De D66-leider wilde dus graag. Te graag, achteraf.

Maar nu hij ervoor is afgestraft zijn ze allemaal verder in de prut weggezakt: oppositie en coalitie, hoezeer ze elkaar ook nodig hebben, maken elkaar liever zwart dan dat ze het land een stabiel bestuur leveren. Na deze week zal Pechtold niet snel meer tot meedenken bereid zijn. Maar zonder zijn hulp zit het kabinet nog moeilijker: voor de meeste (niet alle) meerderheden in de senaat is D66 een elementaire partner.

Tegelijk is de stijl van Pechtold illustratief voor het klimaat van Den Haag: iedereen weet dat je ellende over je afroept als je nobel over je eigen schaduw heen gaat zitten springen. Ooit voerde een fameuze D66-leider, Van Mierlo, oppositie vóór een kabinet (Lubbers III). Maar zoals onder Pechtold de intellectuele twijfel van Van Mierlo uit de D66-leiding verdween, zo werd onder hem ongeclausuleerde steun aan een kabinet een ondenkbare optie. Pechtold wil altijd iets terug.

Bovendien bespeelt hij de media als geen ander. Een bewindsman vertelde me voor het reces al dat informele onderhandelingen met de D66-leider gepaard gaan met een dubbele ontvangst: eerst wacht een cameraploeg je op, daarna de D66-leider zelf. Het is bij Pechtold altijd serieus én spel. Pose én overtuiging. Je bent bij hem nooit zeker waar het een begint en het andere ophoudt.

Andersom zat Pechtold gevangen in een zelfde dilemma: wilden ze hem er nou wel (Zijlstra) of niet (Samsom) bij hebben?

De crisis van de bestuurbaarheid is dus niet het werk van één dader of één slachtoffer. In de dynamiek van razendsnel wisselende (gelegenheid)coalities is iedereen om beurten dader én slachtoffer, zodat leiders op betrekkelijk willekeurige momenten kunnen kiezen alleen nog het slachtoffer uit te hangen: laat de anderen het nu maar oplossen.

Buma speelt die rol met zo’n vaste hand dat iedereen het van hem begint te accepteren. In feite deed Samsom vorig jaar bij het Lenteakkoord hetzelfde. Na deze week zou het niet verwonderlijk zijn als Pechtold dezelfde keuze maakt.

Dus misschien is het voor de coalitie niet eens zo gek om de tot vervelens toe aangekondigde hete herfst in de senaat zo lang mogelijk uit te stellen. En intussen hopen op het vermoedelijke economisch herstel. Voor beide regeringspartijen zijn de peilingen in elk geval zo desastreus dat verkiezingen geen optie zijn.

Een eerste indicatie van de opstelling van het kabinet zien we aanstaande dinsdag. De coalitie staat een ingreep in de pensioenpremies voor ogen die de schatkist bijna 3 miljard moet opleveren. Veel geld voor Dijsselbloem. Maar de Raad van State vindt het gammele wetgeving. De voltallige oppositie in de Tweede Kamer stemde tegen. Eerder gaf het kabinet te kennen dat de senaat de zaak vóór Prinsjesdag moet goedkeuren om tijdige invoering mogelijk te maken.

Maar nu bijna vaststaat dat ook de senaat deze wetgeving afstemt wanneer het kabinet aanstuurt op een debat voor Prinsjesdag, kwamen deze week ambtelijke signalen dat alles misschien toch wel een beetje vertraging kan lijden. Liever uitstel dan confrontatie.

Intussen beginnen ze in de senaat al paaltjes te slaan, waardoor bijna alles voor het kabinet lastig wordt. Elco Brinkman, CDA-leider in de senaat, vertelde me na de vakantie dat zijn fractie zal weigeren in te stemmen met elke lastenverzwaring en nivellering. Ongemakkelijk voor de PvdA, omdat nu bijna zeker geen meerderheid voor deze elementaire PvdA-punten in de senaat bestaat. Tenzij de SP het kabinet in de Eerste Kamer tegemoet komt, zei Samsom dinsdag in Nieuwsuur. Want waarom zou de SP tegen nivellering stemmen?

Maar helaas. „Samsom rekent zich te vroeg rijk”, vertelde Tiny Kox, SP-leider in de senaat, telefonisch. Hij vond het „niet erg hoffelijk” dat de PvdA-leider namens zijn partij praatte. „Zo verkleint hij de kans alleen maar dat we het kabinet steunen.” Ook voorzag Kox veel meer problemen dan alleen rond de thema’s lastenverzwaring en nivellering. „Je krijgt vele confrontaties in de senaat, week na week, de druk zal bijzonder groot worden”, zei Kox.

Intussen schoot deze week ineens de naam Joost Eerdmans voorbij. De oud-LPF-politicus en vertolker van het rechtse radiogeluid wordt bij de raadsverkiezingen van 2014 lijsttrekker van Leefbaar Rotterdam, aldus een NOS-bericht – dat eerder al in deze krant stond.

Tijd voor een nieuwe Pim? Ook Pim zette zich in 2002 via Leefbaar Rotterdam op de landelijke politieke kaart. Acht jaar Paars gaven hem vleugels, niet in de laatste plaats omdat de laatste paarse jaren besluiteloos waren.

Die situatie doet zich bij Rutte II het eerste jaar al voor. En het vertrouwen in het kabinet, aanvankelijk hoog, is volgens de laatste SCP-data weer terug op het niveau van 2010, toen Wilders zijn electorale doorbraak beleefde.

Dus inderdaad: met de eerste verjaardag van verkiezingsdag 2012 in aantocht, met het gestuntel rond Pechtold, en met een geharnast CDA en een sceptische SP in de senaat, is de kans op verdere besluiteloosheid vrijwel verzekerd.

Het onmachtige Den Haag is kortom druk doende een nieuwe Pim te bestellen. Of hernieuwd succes van Wilders.

En zo weet Den Haag voorzichtig economisch herstel te ondermijnen door afbrokkelend vertrouwen van de burger in het bestuur. Dus als het na Prinsjesdag weer eens gaat over de economie die kapot zou worden bezuinigd, kan het geen kwaad het echte probleem te benoemen: dat het herstel in Den Haag kapot wordt gepolitiseerd.