Onze economie is take,make& waste

Ruim 165 bedrijven zijn verenigd in werkgeversvereniging De Groene Zaak en zetten zich in voor een verduurzaming van de economie. „De politiek komt op voor de ondernemers van gisteren, niet voor die van morgen”, zegt voorzitter Hoek.

Marga Hoek„We moeten het materiële welvaartsbegrip, waarin het primair draait om meer en meer, afschaffen.” Foto Merlijn Doomernik

Onvrede – dat was in 2009 de aanleiding om De Groene Zaak op te richten, zegt Mirjam de Rijk. De toenmalig directeur van de Stichting Natuur & Milieu huurde adviseur Jan Paul van Soest in om een groep duurzame ondernemers te verzamelen die vonden dat werkgeversorganisatie VNO-NCW te weinig opkwam voor hun belangen. Energiebedrijf Eneco zat daarbij, maar ook zorgverzekaar Menzis, pensioenuitvoerder PGGM en kantoorinrichter Ahrend.

„We hebben toen een organisatie opgericht om óf de koers van VNO-NCW bij te sturen, óf een zelfstandige club te worden”, zegt De Rijk. Het werd het laatste en Marga Hoek, tot dan lid van de directie van BAM Woningbouw, werd directeur.

Om haar missie te duiden verwijst Marga Hoek naar L’Ultima Cena, het beroemde werk van Leonardo da Vinci in een Dominicaans klooster in Milaan. In 1498 rondde Da Vinci de muurschildering af. Het fresco van het Laatste Avondmaal raakte in slechte staat. De eetzaal waarin het was aangebracht werd in de 18e eeuw gebruikt als gevangenis en in 1943 werd het klooster geraakt door een bom. In 1978 begon de restauratie die uiteindelijk twintig jaar zou duren.

„Het fresco van onze economie ontbeert goede conservators”, zegt Marga Hoek op een terras aan de rand van het Amsterdamse Bos. „Sinds de industriële revolutie wordt de kern van de economie aangetast door roofbouw op de drie belangrijkste activa van onze economie: de aarde, de mens en het geld. Onze economie is een take, make, waste economie: we maken ongeremd gebruik van grondstoffen en fossiele energiebronnen, maken daar zo goedkoop mogelijk producten van en gooien die na gebruik weg. En dat hele systeem financieren we met geleend geld.”

Volgens Hoek is het bestaande economisch systeem – en de daarin gehanteerde principes – niet duurzaam, niet houdbaar. „De diverse crises confronteren ons dagelijks met de gevolgen daarvan, in sociaal, financieel en ecologisch opzicht. De ondernemers van De Groene Zaak kiezen voor een andere aanpak.”

Inmiddels zijn ruim 165 bedrijven aangesloten die zich inzetten voor een snelle verduurzaming van de Nederlandse economie. Profit, people, planet zijn hun drijfveren. Innoveren en je richten op duurzaamheid – je kunt er gewoon geld mee verdienen. Bouwbedrijf Heijmans, ingenieursbedrijf Royal Haskoning DHV, het Martini Ziekenhuis in Groningen en een breed scala aan kleinere bedrijven sloten zich aan.

De bestuursvoorzitters Paul Polman van levensmiddelenconcern Unilever en Feike Sijbesma van biotechnologiebedrijf DSM worden in Den Haag gezien als de iconen van het duurzame multinationale bedrijfsleven. Toch zijn ze geen lid van De Groene Zaak. „Wie kiezen ervoor om sustainability bij VNO-NCW hoger op de agenda te krijgen, zegt een woordvoerder van DSM. „Paul Polman is medeoprichter van de Dutch Sustainable Growth Coalition”, zegt de woordvoerder van Unilever. „Het spreekt dan ook voor zich dat wij lid zijn van die coalitie.” Zij is vorig jaar opgericht door Nederlandse multinationals die actief willen bijdragen aan verduurzaming van de wereld.

Duurzame initiatieven schieten als paddestoelen uit de grond. Vorig jaar was Marga Hoek een van de initiatiefnemers van Het Groene Brein, een netwerk gericht op radicale vernieuwing en doorbraken in de versnelling van het proces van economische verduurzaming. De organisatie telt inmiddels zo’n vijftig wetenschappers van alle Nederlandse universiteiten en een aantal hogescholen.

De eerste pogingen om het economisch systeem te restaureren zijn volgens Marga Hoek laat ondernomen. De Club van Rome probeerde het, eind jaren zestig van de vorige eeuw. In het Brundtland-rapport Our Common Future was in 1987 voor het eerste sprake van een duurzame ontwikkeling. „De restauratie van L’Ultima Cena duurde twintig jaar, die tijd hebben wij niet om onze economie te behouden. Restauratie is passé, het is tijd om een nieuwe economie te bouwen.”

De huidige crisis is volgens Hoek een voorbode van een lange periode van omschakeling naar een duurzame economie. Na de financiële crisis komen de ecologische crises rondom grondstoffen, energie en klimaat, verwacht Hoek. „Deze stapeling van crises maakt een radicale verandering mogelijk naar een werkelijk duurzame samenleving – een revolutionaire omwenteling.”

En hoe ziet die nieuwe economie – na de revolutie – eruit?

„De nieuwe economie is wat mij betreft gebaseerd op onze drie essentiële activa: ecologisch, sociaal en financieel. Als uitgangspunt geldt dat die activa minimaal op dezelfde waarde dienen te blijven en bij voorkeur in waarde toenemen. De nieuwe economie is ecologisch duurzaam: hernieuwbare energie en grondstoffen zoveel mogelijk in een gesloten kringloop hergebruiken.

„Sociaal duurzaam betekent: geen banen scheppen die mensen van zichzelf vervreemden, maar alleen banen die hen in staat stellen zich maatschappelijk en economisch te ontwikkelen en volwaardig deel te nemen aan de economie.

„Financieel duurzaam houdt in dat financiële waarde weer een reële afspiegeling van de werkelijke waarde wordt. Op financieel terrein ging het mis in 1601 toen de Vereenigde Oostindische Compagnie het eerste officiële verhandelbare aandeel uitgaf. Met deze wereldprimeur werden voor het eerst het geld en de reële waarde die dat geld vertegenwoordigt uit elkaar getrokken. In de nieuwe economie wordt die reële waarde weer hersteld.”

U kent de frase van Willem Elsschot: ‘tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren’.

„De bedrijven die zijn aangesloten bij De Groene Zaak en de wetenschappers van het Het Groene Brein laten zich daardoor niet hinderen. Dagelijks hebben we met die wetten en praktische bezwaren te maken. Duurzame ondernemers lopen ver voor op de landelijke wettenmakers en we moeten hen doorlopend overtuigen van het belang van het schrappen van wetten en regels van de oude economie en van de noodzaak om ruimte te creëren voor de nieuwe economie.”

Waar loopt u met name tegenaan?

„De stroperigheid waarmee wet- en regelgeving worden aangepast. En het ontbreken van een visie bij de overheid. Denemarken koos voor windmolens, Duitsland voor zonne-energie – beide landen zijn toonaangevend op die terreinen. De Nederlandse beleidsmakers zijn passief.”

Arnold Heertje, emeritus hoogleraar economie, definieert welvaart als ‘alles waar mensen nu en in de toekomst, waar ook ter wereld, behoefte aan hebben’. Collega’s vonden het te ver gaan om de kwaliteit van het bestaan te betrekken in economische definities.

„Heertje heeft gelijk. Het materiële welvaartsbegrip, waarin de terugverdientijd van alles wat we hebben en uitgeven centraal staat, heeft zijn langste tijd gehad. We zitten gevangen in een eenzijdige economische logica als we accepteren dat alle zorgen en verlangens worden uitgedrukt in geld. We moeten het materiële welvaartsbegrip, waarin het primair draait om meer en meer, afschaffen. Rigoureus.”

Blijft de ontwikkeling naar een duurzame economie niet steken in kleinschaligheid?

„Veel duurzaamheidsinitiatieven blijven te klein. We zien veel goedbedoelde initiatieven, maar toch gaat het niet hard genoeg en ontbreekt de samenhang. Opschaling en versnelling zijn twee heel belangrijke punten. In het bedrijfsleven gebeurt al ontzettend veel.”

Volgende week publiceert u het boek ‘Zakendoen in de nieuwe economie’ – een poging om de boel aan te jagen?

„De koplopers zien de kansen van het zakendoen in de nieuwe economie. Ik beschrijf nieuwe businessmodellen en presenteer tal van voorbeelden van ondernemers die de duurzaam gedreven economie nu al inhoud geven.”

Wat is uw favoriete voorbeeld?

„Om grip te krijgen op de duurzaamheid van gebruikte materialen ontwikkelde de Amerikaanse sportartikelenfabrikant Nike een index. Die geeft de milieu-impact weer van alle materialen die worden gebruikt, zowel in termen van water- en energieverbruik, als in termen van chemische belasting en afval. Nike is een van de eerste bedrijven die inzicht geven in hun ecologische voetafdruk. Bijzonder is ook dat Nike de index ter beschikking stelt aan concurrenten. Geïnspireerd door de cradle to cradle-filosofie maakt het bedrijf steeds meer kleding en schoeisel van herbruikbare materialen, nieuwe producten die honderd procent recyclebaar zijn.”

En welke rol speelt de politiek?

„De politiek komt op voor de ondernemers van gisteren, niet voor die van morgen. Bij de vorming van het nieuwe kabinet hebben we vorig jaar bijvoorbeeld intensief gepleit voor het streven naar een circulaire economie en dan is het natuurlijk fantastisch dat het die visie in zijn regeerakkoord overneemt. Een echte kringloopeconomie kan Europa namelijk 300 tot 500 miljard euro aan besparingen aan grondstoffen opleveren, zo berekende adviesbureau McKinsey. Maar het komt natuurlijk aan op de daden.”

Over daden gesproken, hoe beoordeelt u wat dat betreft het energieakkoord?

„Het akkoord verbindt economie en duurzaamheid en vormt daarmee een concrete stap op de weg uit de economische crisis. Het is een begin, geen eindresultaat. We hebben de motor van de nieuwe economie aangeslingerd, nu moeten we naar de volgende versnelling. Naast het inhoudelijke resultaat ben ik tevreden over de meerwaarde van het proces. Daarin is sprake geweest van een intensieve samenwerking tussen milieuorganisaties en vooruitstrevende partijen uit het bedrijfsleven. Dat biedt een nieuw perspectief om in wisselende coalities grote stappen vooruit te zetten. De duurzame koplopers zijn duidelijk ambitieuzer dan het peloton en wij behartigen de belangen van de steeds groter wordende groep bedrijven die sneller vooruit willen.”