Onder het vechten dealt Den Haag stil door

Vaste vrienden in de oppositie zal het kabinet niet vinden, om zijn plannen door de Eerste Kamer te loodsen. Ministers hopen nu op steun per wet.

De verwijten waren er direct weer, in deze eerste week van het nieuwe parlementaire jaar. De coalitie weigert in te gaan op de goede ideeën van de oppositie, en verwacht blinde steun in de naam van het stabiele landsbestuur, zeggen ze bij CDA, D66 en andere oppositiepartijen.

Bij regeringspartijen VVD en PvdA is de kritiek spiegelbeeldig. Daar verzuchten ze dat het wel erg moeilijk is met de oppositie zaken te doen. Elke keer dat je denkt dat je elkaar nadert, verzinnen ze wel weer een andere reden om niet mee te doen. En tegelijkertijd neemt de kritiek binnen de eigen gelederen van VVD en PvdA toe.

De onderlinge relaties lijken eerder verslechterd sinds het Binnenhof begin juli opbrak voor het zomerreces. En lijkt het pad naar succes voor VVD en PvdA moeilijker begaanbaar. De grote hervormingen en bezuinigingen die deze partijen hebben afgesproken ontmoeten felle kritiek van partijen die in de Eerste Kamer wetsvoorstellen kunnen blokkeren – de coalitie heeft daar geen eigen meerderheid.

Maar er is iets belangrijks veranderd. Vóór de zomer was er tijd, en kon er lang worden gesproken met belangengroepen voor maatschappelijke steun, met oppositiepartijen voor parlementaire meerderheden. Die tijd is op. Over twee weken stuurt het kabinet begrotingen met miljarden aan bezuinigingen naar de Tweede Kamer, of ze nou brede steun hebben of niet. Aan het eind van het jaar móét het Belastingplan voor 2014 door de Eerste Kamer worden behandeld, met 2,9 miljard aan lastenverzwaringen.

Dat betekent dat er een nieuwe fase is aangebroken. Niet langer kunnen oppositiepartijen in het midden, zoals CDA, D66, ChristenUnie en GroenLinks, hun kritiek vrij leveren. Ze moeten de komende maanden kiezen: stemmen ze mee met (aangepaste) kabinetsplannen, of blokkeren ze die, met het risico dat het kabinet daarmee vastloopt en voor de zesde keer in nauwelijks twaalf jaar verkiezingen uitschrijft.

Hoewel de meeste oppositiepartijen uitdragen dat niet zij, maar de coalitiepartijen moeten zorgen voor stabiel bestuur, voelen sommigen zich wel verantwoordelijk.

Dus houden ze hoop, bij de coalitie. Nog steeds is er in de Eerste Kamer niks belangrijk weggestemd, ook al heeft de coalitie er geen meerderheid. Nog steeds praten oppositieleiders regelmatig met de coalitie over de politieke situatie. Deze week nog bijvoorbeeld sprak PvdA-leider Diederik Samsom met CDA’er Sybrand Buma en SP’er Emile Roemer.

Of het wensdenken van de coalitie is, zal binnen een half jaar duidelijk zijn. Dan zullen de begrotingen, het belastingplan en miljarden aan bezuinigingsplannen (zie illustratie) wel of niet zijn weggestemd.

Sommigen binnen de coalitie zien de behandeling van de fiscale pensioenplannen als eerste indicatie hoe de oppositie zich zal opstellen. Nog dit jaar wil het kabinet dat de aftrekbaarheid van pensioenpremies lager wordt. Omdat mensen later met pensioen gaan, hebben zij ook langer de tijd om voor hun pensioen te sparen. En dus mag er ook minder belastingvrij voor het pensioen gespaard worden.

De oppositie eist onder meer dat pensioenfondsen de premies dan ook daadwerkelijk verlagen. Anders ziet de premiebetaler zijn lasten juist oplopen omdat de aftrekbaarheid is verlaagd. Probleem voor de coalitie is dat zij de pensioenfondsen geen premieverlaging kunnen opleggen.

Als de senaatsfracties van bijvoorbeeld CDA, D66, GL en de ChristenUnie constructief oppositievoeren is er niets aan de hand, zelfs niet als er af en toe een kabinetsplan wordt afgeschoten. Maar gaan ze saboteren, dan sneuvelt de ene na de andere bezuiniging en hervorming op politieke onwil van oppositiepartijen. Dan rest er naast een kabinetscrisis nog maar één optie, zo bestaat het gevoel.

Iemand in de coalitie noemt het de „nucleaire optie”, misschien wel erger dan een kabinetscrisis. Als de Eerste Kamer een belangrijke wet afstemt, zal deze direct weer bij de Tweede Kamer worden ingediend. Maar dan niet door het kabinet, maar door de coalitiepartijen VVD en PvdA.

Dan gebeurt er iets nieuws: want dan staat de Eerste Kamer niet meer tegenover het kabinet, maar tegenover de Tweede Kamer. En tekent zich een constitutionele patstelling af. VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra zinspeelde al op afschaffing van de senaat.

Natuurlijk kunnen afgestemde wetten opnieuw met de nodige aanpassingen worden ingediend om bredere steun te verwerven om toch de miljardenombuigingen binnen te halen. Maar zo raakt de regeerbaarheid van het land snel uit zicht.