Longziekte COPD is gemakkelijk vroeg op te sporen met vragenlijst

Lijders aan de longziekte COPD gaan vaak laat naar de dokter, uit schaamte over hun roken. Het kan ook anders.

Een simpele vragenlijst bij de huisarts kan de slopende en levensbedreigende longziekte COPD vroegtijdig opsporen. Dat schrijven arts-onderzoekers onder leiding van hoogleraar preventieve geneeskunde Onno van Schayk van de Universiteit Maasticht deze week in twee artikelen in Primary Care Respiratory Journal.

Volgens een onderzoek uit 2004 lijdt 2 procent van de Nederlandse bevolking aan COPD. „Waarschijnlijk is het werkelijke aantal veel groter, mogelijk het dubbele”, zegt Van Schayk aan de telefoon. De ziekte wordt vaak pas onderkend als de patiënt al ernstige invalide is. „Mensen met risico op COPD – meestal door roken – willen dat vaak niet toegeven. Ze schamen zich ervoor dat zij door hun verslaving gezondheidsproblemen krijgen en gaan niet naar de huisarts.”

De vragenlijst is een paar jaar geleden ontwikkeld en wordt sindsdien door het Longfonds gebruikt. Van Schayk en zijn team bekeken nu in hoeverre deze vragenlijst bruikbaar is in de huisartsenpraktijk. Er deden 16 huisartsenpraktijken met in totaal ruim 10.000 patiënten tussen de 40 en 70 jaar mee aan het onderzoek.

Bij ruim een op de drie deelnemers die op grond van de ingevulde vragenlijst in de hoogrisico-categorie was ingedeeld werd bij een blaasvermogentest inderdaad COPD vastgesteld. Gemiddeld werden er per praktijk negen nieuwe patiënten opgespoord, 20 procent van de al bekende patiënten.

„Tegen relatief lage kosten, 460 euro per praktijk, kunnen tijdig mensen opgespoord worden die anders ernstig ziek zouden worden”, zegt Van Schayk. In huisartsenpraktijken in achterstandswijken in de grote steden blijkt de meeste winst te behalen. „Los van roken is ook lage sociaal-economische status een risicofactor.”

Er is geen genezing voor COPD, tijdig stoppen met roken kan de snelle achteruitgang wel stoppen.