Isolement, dood en geweld

Code Blue

(Urszula Antoniak, 2011)

Ned.2, 00.00-01.20u.

Code Blue heeft een ongewone hoofdpersoon. Marian (Bien de Moor) is een verpleegster die met morfine-injecties euthanasie pleegt op terminale patiënten. Haar hunkering naar fysiek contact is extreem, maar ze kiest voor isolement.

Marian leeft voor haar patiënten, wast ze liefdevol, vouwt nauwgezet een laken over ze uit als ze sterven. Van degenen die zij ombrengt, ontvreemdt ze een kleinood. Een afgekloven potloodje, een kammetje met hun dunne haren.

Code Blue begint en eindigt met religieuze muziek. Het klinkt pompeus, maar stuurt de interpretatie: Marian is een engel des doods. Een vrouw die zich op haar gemak voelt als zij door de dood wordt omringd.

Code Blue is de sombere schaduw van Urszula Antoniaks debuut, de filmhuishit Nothing Personal (2009). Wat haar hoofdpersoon daar vindt – tijdelijke intimiteit en liefde – gaat hier mis. In Code Blue geen verlossing en groei, maar isolement, dood en geweld. Dat maakt de film moeilijk te verteren, met ongemakkelijke scènes en spaarzame dialogen die bewust krakkemikkig lijken. In dat opzicht is Code Blue een gedurfde film, waarin Antoniak de ‘romantiek’ van Nothing Personal uitvlakt.

André Waardenburg