Ik heb het goed geregeld. Punt

Nederland telt meer vrouwen in hoge functies dan ooit Maar clichés over werk en gezin gelden nog Drie finalisten van de Topvrouw van het Jaar-verkiezing spreken zich uit

Thessa Menssen, CFO bij Koninklijke BAM Groep. Foto Evelyne Jacq

Redacteur Economie

Moeders, vrienden, collega’s en leidinggevenden van ambitieuze vrouwen: stop met vragen hoe ze hun werk combineren met hun gezin. In die vraag schuilt een oordeel. Hoe vrouwen hun privéleven organiseren, is hun zaak. Wie een vrouw aanneemt, mag ervan uitgaan dat zij het geregeld heeft. Spreek haar aan op haar professionele kwaliteiten en laat al het andere privé.

Vraag haar niets wat je een man ook niet vraagt.

Dat is het pleidooi van de drie finalisten van de Topvrouw van het Jaar-verkiezing – de uitslag wordt later deze maand bekend.

„Bij elk sollicitatiegesprek dat ik in mijn carrière gevoerd heb, werd mij gevraagd hoe ik het thuis geregeld had. Mijn antwoord is altijd: ik heb het goed geregeld. Punt.” Dat zegt Jet de Ranitz (43), voorzitter van het College van Bestuur van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten en moeder van twee kinderen, van 13 en 11 jaar.

„Nu ga je zeker minder werken, vroeg de buurvrouw toen ik een kind kreeg terwijl ik een goede baan bij Unilever had”, zegt Thessa Menssen (46), CFO (financieel directeur) van de Koninklijke BAM Groep, commissaris van PostNL en Vitens en ook moeder van twee kinderen (13 en 11).

„Wil je de top bereiken terwijl je een gezin hebt, dan krijg je weerstand uit je omgeving”, zegt ook Susan Swarte (45), CFO van biotechbedrijf OctoPlus en moeder van drie kinderen (9, 8 en 5 jaar). Toen haar voor de veertigste of vijftigste keer werd gevraagd hoe ze haar gezin met werk combineerde verzuchtte ze thuis dat ze er moe van werd. „Waar klaag je over?” vroeg haar man zich af. Tot het hém ineens een keer werd gevraagd. Geagiteerd kwam hij thuis: „Nou já, wat me nú is overkomen.”

Wie dat steeds opnieuw hoort, kan vanzelf gaan denken dat een topfunctie najagen inderdaad niet normaal is.

Op Swarte had het geen vat. Toen ze na een zwangerschapsverlof terugkeerde bij haar toenmalige werkgever Nutricia, zei de HR-manager: „We moeten het nog even hebben over de rechten en plichten van parttime werken.” Swarte zei: „Ik ga niet parttime werken.” Oh, zei de HR-manager, „maar dat is helemaal niet gebruikelijk”. Zo tekenend, zegt Swarte: „Je moet opgewassen zijn tegen de weerstand. Ik heb het geluk dat ik me niets aantrek van wat de buitenwereld vindt.”

Self-fulfilling prophecy heet het, als je dat wel doet. Vrouw komt in vruchtbare leeftijd, doet onbewust vast een stapje terug. Krijgt kind, komt terug op werk, krijgt baan onder niveau. Baan is minder leuk, en dus haakt ze af.

Vrouwen moeten zich hiervan bewust zijn, vindt Swarte. En hun werkgevers evengoed. „Zie je een vrouw twijfelen, vráág er dan naar. Zeg: we steunen je. En schudt die onuitgesproken verwachting dat een vrouw minder ambitieus zou zijn na het krijgen van een kind van je af.” Want ook als ze wél fulltime blijft werken, denken werkgevers nog vaak: we geven haar maar niet meer uitdaging, dan wordt het vast te veel.

Vrouwen zijn goed voor het bedrijf

Een bestuur dat alleen uit mannen bestaat, is een probleem. Een homogene groep leidt tot tunnelvisie. Vrouwen zijn goed voor het bedrijf. Er worden betere besluiten genomen als meerdere perspectieven worden overwogen. Brits onderzoek wees eerder uit dat zodra vrouwen toetreden in een raad van commissarissen, het toezicht strenger en intensiever wordt en stukken beter worden gelezen. Overigens is dat vooral van belang als het minder goed gaat met een bedrijf – bij bedrijven waar het wel goed gaat, kan het juist beter werken om de teugels te laten vieren.

Vandaag publiceert Mijntje Lückerath, hoogleraar Corporate Governance aan de universiteit van Tilburg, voor de zevende keer de jaarlijkse Female Board Index. De index laat het verloop zien van het aantal vrouwen in raden van bestuur en raden van commissarissen van 85 Nederlandse bedrijven die zijn genoteerd op de beurs Euronext Amsterdam. „Vrouwen in topfuncties verschaffen een bedrijf legitimiteit. Het bewijst dat in dat bedrijf iedereen de top kan bereiken.”

Om het stagnerende aantal vrouwelijke bestuurders – er kwamen er dit jaar maar drie bij, terwijl er ook nog twee vertrokken – op te krikken, moeten ook in het (hogere) middenkader meer vrouwen komen. Voor de doorstroom. Ook al is het, zegt CFO Thessa Menssen, een traditionele gedachte dat je alle stappen binnen een bedrijf moet hebben doorlopen voor een hoge managementfunctie.

Natuurlijk, het is wel aan het veranderen. Aandeelhouders – die de laatste stem hebben bij benoemingen – stellen steeds vaker vragen als bedrijven geen vrouwelijke kandidaten voordragen. Bedrijven accepteren het niet meer als een headhunter een lijstje met alleen mannen presenteert. Bestuurders zijn anders gaan denken omdat ze ambitieuze vrouwen en dochters hebben. En de economische noodzaak voor stellen om met z’n tweeën te verdienen, neemt toe.

Maar nog altijd zijn er onbewuste patronen die doorbroken moeten worden, vinden de topvrouwen. Op het hoogste niveau, zegt Lückerath, wordt gekozen op gevoel. En kiezen op gevoel betekent, zo heeft de wetenschap allang bewezen, kiezen voor degene die het meeste op jezelf lijkt.

En dat betekent vaak dat het tóch weer de man is die wint.

Zij wil kinderen, dat gaat geld kosten

Susan Swarte was 32 jaar toen haar partner een baan kreeg in China. Zelf werkte ze op dat moment zeven jaar bij Unilever, maar het bedrijf had geen banen beschikbaar in China. Dus zocht ze een andere werkgever. „Maar ja, 32 jaar en vrouw, dan staat op je voorhoofd getatoeëerd: ‘Zij wil kinderen en dat gaat ons geld kosten’. Je ziet het in hun ogen, al spreken ze het niet uit.” Uiteindelijk gaf Nutricia haar die kans wel.

Is een vrouwenquotum het ideale middel om die patronen te doorbreken? „Het is een draak van een maatregel”, vindt Thessa Menssen, „maar je hebt soms quota nodig om quota af te schaffen”. Lückerath ziet liever dat bedrijven hun eigen streefpercentage kiezen. En een overheid die diversiteit stimuleert door bij aanbestedingen te vragen om een team dat bestaat uit mannen én vrouwen. Niet omwille van rechtvaardigheid, wel om de kwaliteit. Omdat het dan gewoon béter wordt.

Of, zegt Swarte, noem een streefpercentage in een corporate government-code. Comply or explain: als je niet voldoet, moet je dat kunnen uitleggen.

Toen Swarte jong was, wist ze dat ze de top wilde bereiken. Geen seconde dacht ze dat het moeilijker voor haar zou zijn dan voor mannen. „Ik dacht: over dertig jaar, als ik zover ben, zijn topvrouwen heel gewoon.” En ja, werken is voor vrouwen makkelijker geworden, zegt ze, en véél werken ook. „Maar de acceptatie is nog niet volledig. Nog steeds wordt vrouwen andere normen opgelegd dan mannen.”

Als ze de mannen van zwangere vriendinnen vroeg hoe ze het thuis gingen regelen, was altijd het antwoord dat hun vrouw parttime zou gaan werken. Swarte: „Dan zei ik: dat zal wel een pittige discussie geweest zijn. Maar dat bleek nooit het geval. Ik mag toch hópen dat mijn dochters die discussie wel gaan voeren als het zover is. Dat die discussie vanzelfsprekend is.”