Delpeut wordt nieuwe artistiek leider DUS

Regisseur Thibaud Delpeut wordt de nieuwe artistiek leider van De Utrechtse Spelen (DUS). Jacques van Veen (voorheen Ro Theater, Holland Festival) treedt aan als algemeen directeur. Dat heeft de organisatie gisteren bekendgemaakt. DUS is een van de acht rijksgesubsidieerde gezelschappen met 1,5 miljoen euro subsidie per jaar. Vorig jaar ging het gezelschap bijna failliet nadat het te grootschalige producties had gemaakt. Gemeente en provincie Utrecht moesten financieel bijspringen. Artistiek leider Jos Thie, zakelijk leider Jelle Snijder en de raad van toezicht stapten op. Sindsdien is een reorganisatie afgerond, waarbij het gezelschap is teruggebracht tot een romporganisatie. Met de ervaren bestuurder Van Veen en de jonge, maar veelgeprezen Delpeut kan begonnen worden aan de ontwikkeling van een nieuw, financieel solide en artistiek interessant profiel. Delpeuts eerste grote zaalregie wordt in seizoen ’14-’15 verwacht. In seizoen ’13-’14 maakt hij nog Caligula (Toneelschuur Producties) en Ajax bij Schauspiel Frankfurt.

Delpeut (1978) rondde in 2006 de regieopleiding in Amsterdam af. Daarna kon hij direct aan de slag bij het Nationale Toneel en Toneelgroep Amsterdam. Daar ontwikkelde Delpeut een herkenbare, consequente stijl met strak gecomponeerde voorstellingen en een frisse kijk op toneelklassiekers. In zijn regies laveert hij tussen experimenteel en conventioneel.

Binnen opleidingstraject TA-2 maakte Delpeut de voorstellingen Britannicus (2007), Antigone-Kreon-Oidipous (2009) en Al mijn Zonen (2010).

Met het bejubelde Al mijn Zonen plaatste Delpeut zich in de traditie-Van Hove: een kaal, esthetisch toneelbeeld, een indrukwekkende soundtrack, heldere tekstbehandeling en stemmig spel. Die stijlkenmerken lijken ook geschikt voor de grote zaal van de Utrechtse stadsschouwburg.

Delpeuts eerste grotezaalvoorstelling bij TA (Ibsens Nora) werd afgelopen seizoen wisselend ontvangen. Maar hoofdrolspeelster Halina Reijn werd voor haar prestatie wel genomineerd voor toneelprijs de Theo d’Or.