Lepels waar je moeilijk pap mee kunt eten

Collectie lepels in Galerie Lemaire fotolemaire.nl

Een tentoonstelling die uit twee vitrines bestaat, dat is Spoons are the mirror of a culture. De ene vitrine staat in Galerie Ra, die doorgaans moderne sieraden toont, de andere in Lemaire, een galerie voor etnografica. In beide galeries liggen een stuk of veertig lepels naast elkaar op een zwarte of witte ondergrond. Geïsoleerd op een zwart of wit vlak wordt bijna alles mooi: je zou je een tentoonstelling kunnen voorstellen van twijgjes of zelfs van weggegooide stukjes kauwgom. Zo is het ieder voorwerp gegund zijn schoonheid te onthullen. Altaren voor het alledaagse.

Lepels lenen zich in ieder geval goed voor deze behandeling. Aan de basis wordt in de meeste gevallen niet getornd – een bakje aan een steel – maar juist daardoor is de variatie verbluffend. Lepels zijn net wolken. Net mensen. Ze komen hier van heinde en verre, zijn jong en oud, dun of peervormig. Over sommige wordt veel informatie verstrekt, over andere weinig. Afrika, staat er bij een lepel van hout. Bij een lepel van ivoor wordt gemeld dat bij de lega alleen „oude belangrijke mannen” met zo’n lepel pap mogen eten. Bij de haida uit Noord-Amerika lijken houten lepels een soort minitotempalen.

In beide galeries worden etnografische lepels afgewisseld met lepels van hedendaagse ontwerpers. Ze liggen door elkaar en op het eerste gezicht is niet altijd te zeggen tot welke categorie een lepel behoort. De materialen waarvan de lepels gemaakt zijn, lijken allemaal bedekt met patina. Metaal glanst bescheiden. Op het tweede gezicht is er wel verschil; de ontwerpers lijken er een zeker plezier in te scheppen de lepel zijn functie te ontnemen. Je kunt er onmogelijk pap mee eten. Van Manon van Kouswijk liggen er twee lepels van porselein, waarbij de holte bol geworden. Eieren op een steeltje.

Paul Derrez, eigenaar van Galerie Ra, organiseerde tien jaar geleden al een groot project over lepels. Nu liet Derrez, ook ontwerper, van twee zilveren lepeltjes juist de stelen weg en vlocht ze tot een vlinder. Soep kun je er niet echt mee eten. Kaviaar misschien wel. Kijken en herinneren is misschien nog beter.

In dit soort ontwerpen wordt de lepel van doel materiaal. Goedkope lepels zijn er daarvoor nu genoeg. Van Gésine Hackenberg is er een lepel te zien die gemaakt is van een scherf Delfts Blauw. Zo te zien is het een stuk van een soepbord. Uit één gebroken bord kan ze wel zes lepels halen. Hackenberg maakte ook een lepelring, die niet op de expositie is te zien. Wel handig. Zo raken we weer terug in de tijd dat een lepel een gekoesterd bezit was, dat je altijd bij je droeg. Iedereen had er maar één.