Een sprookje van troost, maar ook naïef

Heute bin ich blond is waargebeurd Sophie van der Stap beschreef haar gevecht tegen kanker Kunnen we de film slecht vinden?

Medewerker film

Stel je nou voor dat de film Meisje met negen pruiken niet op een waargebeurd verhaal gebaseerd was. Het klinkt misschien wat ongepast, omdat de ook voor deze krant schrijvende Sophie van der Stap zo open en ontwapenend vertelt over haar strijd tegen kanker. Daar kun je niet lichtvaardig mee omspringen.

Maar dat is nou precies wat de Duitse regisseur Marc Rothemund wel heeft gedaan. Vandaar dus de vraag: wat nou als Heute bin ich blond (zoals de originele filmtitel luidt) niet gebaseerd was op een in Nederland veelbesproken boek, en niet op het leven van iemand die we hier in alle talkshows hebben gezien? En de vraag die daaruit voortvloeit: zouden we het dan gewoon een slecht verhaal mogen vinden?

Het blijft een lastige kwestie: de echo van het boek klinkt op de achtergrond mee. Maar wie zonder al die voorkennis alleen de film ziet, krijgt alleen een sterk geromantiseerd plotje mee dat vooral op de traanklieren werkt omdat er zo veel in gehuild wordt.

Het verhaal heeft weinig poespas. Aan de vooravond van haar universitaire studie krijgt Sophie te horen dat ze kanker heeft, ze wordt gedurende een jaar opgenomen in een ziekenhuis, krijgt de ene chemokuur na de andere, verliest haar haar en staat een jaar na de diagnose weer te dansen op eenzelfde soort nieuwjaarsfeest als waar de film mee begon. Omdat Sophies vijand, haar tumor, in de film onzichtbaar is, en Rothemund waarschijnlijk niet te veel gebruik wilde maken van een voice-over die uit de blogs en columns voorleest die ze tijdens de behandeling begint te schrijven, beperkt de film zich met name tot het volgen van het ziekteproces. Gelaagde bespiegeling over dood, eenzaamheid en leven, teruggebracht tot een en-toen-en-toen-verhaal.

Daarbij koos hij er vooral voor om het in de titel gegeven feit dat Sophie haar ziekte mentaal te lijf gaat met negen pruiken die haar elk een identiteit geven – sexy blonde Daisy, stoere rode Sue, strenge zwarte Lydia – te belichten. Logisch. Die pruiken spreken visueel het meest tot de verbeelding. Als film gaat Meisje met negen pruiken zo over empowerment, over het belang van uiterlijk, over zelfbevestiging, en onwillekeurig over de vooronderstelling dat als je maar vol levenslust, op hoge hakken en met plakwimpers het ziekenhuis stiekem verlaat om te gaan drinken en dansen je haast wel móét overleven.

Dat soort sprookjes kunnen troost geven. Maar dat maakt ze niet minder naïef. Voor Sophie zijn het echter existentiële rekwisieten. Het zijn symbolen die een heel universum aan serieuze zaken vertegenwoordigen. Rothemund maakt er iconen van die alleen nog maar voor zichzelf staan.

Op zulk soort momenten wordt Meisje met negen pruiken triviaal. Een ode aan het leven misschien, maar gebouwd op clichés. Een vergezocht verhaal, omdat de echte pijn en de echte levensvragen zijn weggefilterd.