Israël wil Amerika aanzetten tot aanval

Een mysterieuze raket boven de Middellandse Zee bleek gisteren afgeschoten door Israël. Het land wil tonen hoe sterk het is.

Foto AFP

De beurzen duikelden ogenblikkelijk toen Moskou gistermiddag meldde dat het boven de Middellandse Zee „ballistische objecten” had gedetecteerd die naar het oosten vlogen. Syrië verkondigde snel dat het niet was getroffen. Daarna ontkenden de Verenigde Staten en Israël fluks betrokkenheid. Uitermate mysterieus. Net nu Washington over een aanval op Syrië debatteert.

Even later bleek het toch gewoon een Israëlische oefening met een testraket, de sparrow, die werd onderschept door een raketafweersysteem, de arrow. Israël hield de oefening samen met Amerika, zoals wel vaker, en deze test was al lang van te voren voorbereid, aldus Jeruzalem.

Maar de timing is toch treffend. Want Israël wil deze week meer dan ooit tonen dat het een onaantastbare militaire macht is. Niet alleen aan het Syrische regime, om het eraan te herinneren dat het zijn gram na een eventuele Amerikaanse aanval niet bij Israël moet halen. Of aan de Libanese Hezbollah, die zo’n aanval misschien in naam van Damascus wil wreken.

Israël wil ook een gebaar maken naar het Iraanse regime, dat volgens Israël aan een kernbom werkt. Het wil nog eens onderstrepen dat – al aarzelt zijn Amerikaanse bondgenoot over ingrijpen – de rode lijn vóór een kernbom ligt en dat Israël nog altijd zijn mannetje staat. Bij deze strategie passen ook uitspraken van premier Netanyahu, zoals zondag: „Onze vijanden hebben heel goede redenen om onze kracht niet op de proef te stellen”.

Achter dit spierballenvertoon gaat angst schuil dat de Amerikanen Israël in de steek laten. Oude uitspraken van president Obama over Iran worden opnieuw gewogen. Wat te denken van „ik zal Israël altijd beschermen” en „ik denk dat Jeruzalem begrijpt dat, als president van de VS, ik niet bluf”? Jaja, meesmuilde een Israëlische journalist zondag op Twitter.

De teleurstelling in Israël was na Obama’s besluit om het Amerikaanse Congres te raadplegen over militair ingrijpen groot. Israëliërs vinden hem een slappeling. En erger: onbetrouwbaar. De krant Yediot Ahronot schreef zondag: „De internationale hulpeloosheid is een boodschap voor hen die zekerheid zoeken inzake de Iraanse kwestie. Netanyahu had gelijk toen hij een zelfstandige aanval voorstelde. Niemand anders zal die klus klaren.”

Maar voor Israël die Alleingang kiest, probeert het nu de VS bij de les te houden. Niet omdat Israël van het Syrische regime af wil – dat hield de grens decennialang rustig. En niet omdat Israël zo graag wil dat de VS strategische doelen in Syrië raken – als Israël dat nodig vindt, slaat het zelf wel toe, zoals het dit jaar al viermaal deed. Maar omdat het Amerikaanse zigzaggen ook de Israëlische geloofwaardigheid aantast.

Daar het niet in een Arabische oorlog gezogen wil worden, zal Israël niet openlijk meedoen aan een aanval op Syrië. Maar in Washington is de pro-Israëlische lobbyclub AIPAC bezig om Congresleden te overtuigen. Een Amerikaanse functionaris noemde AIPAC „de 800 pond gorilla in de kamer”. Obama gaf zaterdag al een voorzet, toen hij zei dat een aanval op Syrië ook in het belang van Israël is.