Wisselvallige start van componisten van de toekomst

Roque Rivas Foto DR

De plek waar je de componisten van morgen hoort, zo afficheert de Gaudeamus Muziekweek zich. Het openingsconcert schetste een onevenwichtig maar boeiend beeld van ons toekomstige concertleven.

Het meeste indruk maakte Assemblage van Roque Rivas (1975), toevallig de enige levende componist op het programma die niets te maken had met de Gaudeamus Prijs. Rivas liet solopiano (een zeer goede Pauline Post) en ensemble materiaal uitwisselen en dat simpele procedé groeide uit tot een gelaagd avontuur, waarbij de grens tussen akoestisch en elektronisch versterkt geluid vervaagde.

Zo’n stevige greep op de aandacht hadden de andere composities niet. Germán Alonso’s So f**king easy, genomineerd voor de Gaudeamus Prijs, begon fris vanuit een Guns N’ Roses-rifje, maar de free-jazzachtige eruptie die volgde was te vrijblijvend.

Yoshiaki Onishi (1981, winnaar Gaudeamus Prijs 2011) nam in Tramespace ruim de tijd om een knisperend, krakend geluidstapijt te weven en had vervolgens enkele rake verrassingen in petto. Hoewel Tramespace getuigde van sterk vormbesef en een indrukwekkende klankverbeelding bleef het wat op afstand.

Asko|Schönberg musiceerde sterk. Andere toonaangevende Nederlandse ensembles als Slagwerk Den Haag, Klang, het Rosa Ensemble, Orkest de Ereprijs en Insomnio voeren komende week muziek uit van de jongste generatie. En het spannende is: ze zitten er tussen, de componisten van morgen.