Werknemer moet dure cadeaus wantrouwen

Deze rubriek belicht elke dinsdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Vandaag: integriteit en betamelijkheid.

Een schilder van woningcorporatie Rochdale krijgt van de verfleverancier regelmatig dure ‘actieartikelen’ mee: tv’s, spelcomputers, iPads en een scooter. De schilder mag zeggen wat hij of zijn collega’s willen hebben. De corporatie bedong ooit een korting van 30 procent op de verfprijs. Maar reclameert niet als die korting uitblijft.

Als Rochdale door wangedrag van de directeur in opspraak komt, wordt er een integriteitscode ingevoerd, die iedereen moet tekenen. Het bedrijf maakt schoon schip en ontdekt zo de cadeaus voor de schilder. De corporatie verwijt de schilder niet integer handelen, het mislopen van kortingen en het risico van reputatieschade voor Rochdale.

De schilder vindt het ontslag onevenredig hard. Zijn gedrag was binnen Rochdale bekend, of kon dat zijn. Andere collega’s kregen ook artikelen. De corporatie moet geweten hebben dat de fabrikant zo met de schilders omging. Waarom had het bedrijf anders een integriteitscode ingevoerd? De corporatie moet hebben bemerkt dat het geen kortingen kreeg, maar gedoogde de cadeaupraktijk. Daarmee was men ernstig nalatig, ook jegens de schilders.

Maar de rechter heeft geen begrip. Een werkgever heeft geen plicht om werknemers te beschermen tegen fabrikanten die met dure cadeaus klandizie willen behouden. „Van werknemers mag verwacht worden dat zij so wie so zich niet voor dergelijke praktijken lenen.” De schilder had zich moeten realiseren dat de cadeaus zouden worden doorberekend. En dat zoiets op basis van de gedragscode en het arbeidscontract „apert in strijd is” met wat een werknemer mag. Het ontslag is billijk. De schilder krijgt gezien zijn leeftijd wel een kleine vergoeding.