Twee versies ‘De slaapkamer’ weer samen te zien

Van Gogh was tevreden met zijn Slaapkamer. En dus maakte hij er nog een toen de Rhône de eerste had aangetast.

Terwijl Vincent van Gogh met een verwond oor in en uit ziekenhuis en psychiatrische inrichting ging, trad de Rhône zover buiten de oevers dat enkele van Van Goghs schilderijen uit ‘het gele huis’ in Arles waterschade opliepen.

Wat te doen?

Van Gogh vroeg zijn broer Theo of die wilde zorgen voor de restauratie van De slaapkamer, een schilderij waar hij zelf erg tevreden over was en dat is uitgegroeid tot een van de beroemdste werken uit zijn oeuvre. Theo deed dat niet. Daarop vroeg Vincent het werk op te sturen, opdat hij een tweede versie van dezelfde afbeelding kon schilderen.

Het resultaat, uit september 1889, is vanaf vandaag in het Van Goghmuseum te bewonderen naast de eerste versie, uit oktober 1888, die al sinds de oprichting in het bezit is van het museum. Het is Van Goghs eigen slaapkamer in het gele huis, die hij had ingericht met eenvoudige, vurenhouten meubels. Aan de muur had hij portretten opgehangen van de dichter Eugène Boch en de soldaat Paul-Eugène Milliet. In een brief aan zijn broer maakte hij duidelijk dat hij het interieur bewust „vlak” had geschilderd. Om het gevoel over te brengen van door hem bewonderde Japanse prenten, had hij schaduwen weggelaten.

Het is voor het eerst sinds 23 jaar dat beide versies weer bij elkaar hangen. Slaapkamer II hangt doorgaans in het Art Institute in Chicago, is daar een van de topstukken en wordt zelden uitgeleend.

Er is ook nog een derde versie, maar die is aanzienlijk kleiner. Van Gogh schilderde het werk als cadeautje voor zijn moeder. Het hangt in Parijs, in het Musée d’Orsay. Zoiets deed hij vaker: kleinere versies van zijn eigen favorieten maken om die cadeau te doen. Ook was het niet ongewoon dat Van Gogh meer versies van één afbeelding maakte. Neem De zonnebloemen. Er bestaan er twee met twaalf bloemen en drie met vijftien. Ze zijn verspreid over de wereld: Tokio, Londen en Amsterdam. Die uit Londen hing tot gisteren in het Van Goghmuseum, naast de ‘eigen’ versie.

Marije Vellekoop, hoofd van de afdeling Kunst van het Van Gogh Museum, liet vanmorgen bij de presentatie zien hoe de twee van elkaar verschillen. Behalve dat ze anders zijn verkleurd, is de penseelstreek in de latere versie „geordender en gestructureerder”. Vellekoop: „Bovendien zie je dat Van Gogh in de eerste versie zijn eerste indruk weergaf. Bij de tweede kon hij zich beter concentreren. Hij zat toen niet in de kamer, maar werkte hij naar de eerste versie: dus schilderde hij niet van driedimensionaal naar tweedimensionaal, maar van een plat vlak naar een ander plat vlak. Ook dat zorgde voor een ander resultaat.”

De tweelingwerken zijn onderdeel van de tentoonstelling Van Gogh aan het werk, die nog tot januari 2014 is te zien en waarin enkele van Van Goghs belangrijkste werken zijn samengebracht als afsluiting van acht jaar onderzoek naar de werkwijze van Van Gogh.

Het onderzoek naar beide slaapkamers heeft kenners relevante informatie opgeleverd, zegt Vellekoop. Zo blijkt dat Van Gogh bij de eerste Slaapkamer de details, zoals de schilderijen aan de muur, de theedoek, de spiegel en de kleding achter het boek, over de verf schilderde van een eerste ‘basisschildering’.

De tweede keer dat hij de afbeelding schilderde, naar de eerste, spaarde hij deze kleine details uit en schilderde hij alles één voor één, als een puzzel. Kan een ongetraind oog dat zien? Ja, zo bleek vanmorgen bij de presentatie van de tweelingschilderijen. Al wordt het ongetrainde oog en het goed kijken geholpen door de informatie vooraf.