‘Dekker: met meer maatwerk in onderwijs leerlingen uitdagen’

Bezoek staatssecretaris Dekker op bezoek bij school de Dieftil in Oosterwijtwerd, in de gemeente Loppersum. Dekker wil dat scholen hun leerlingen meer uitdagen. Foto ANP / Catrinus van der Veen

Middelbare scholen moeten talentvolle leerlingen meer uitdagen om het beste uit zichzelf te laten halen. Dat stelt staatssecretaris van Onderwijs Sander Dekker vandaag in een opiniestuk in de Volkskrant.

De staatssecretaris vindt dat we er in Nederland “helaas maar ten dele in slagen” om kinderen het beste uit zichzelf te laten halen. Hoogvliegers doen het veel minder goed dan in andere landen om ons heen, meent hij.

“Nergens ter wereld is het verschil tussen hoog en laag presterende leerlingen zo klein als in Nederland.”

In een brief die hij vandaag aan de Kamer stuurt schrijft Dekker dat er het aandeel goed presterende leerlingen de laatste jaren afneemt.

In het basisonderwijs daalde het aantal leerlingen met een score hoger dan 548 op de eindtoets van 5,4 procent in 2011 naar 4,9 procent in 2012. Van de Nederlandse leerlingen behaalt 7 procent het hoogste vaardigheidsniveau bij lezen, terwijl in Finland en Engeland ongeveer 18 procent dat niveau haalt.

Weg van het onderwijs als fabrieksproces

Leerlingen, zowel toptalenten als vmbo’ers, worden te weinig uitgedaagd en ondervinden dat presteren niet genoeg wordt beloond, volgens de staatssecretaris. Waarom zou een vmbo’er met bètatalent niet natuurkunde op havo-niveau kunnen doen en waarom bieden we bollebozen niet de mogelijkheid het vwo in vijf jaar in plaats van zes jaar te doorlopen, zo vraagt hij zich in de krant af. Dekker wil onderzoeken of deze vorm van modulair onderwijs mogelijk is, schrijft hij in e Kamerbrief.

“We moeten weg van de benadering van onderwijs als industrieel proces, waarbij de gemiddelde leerling de norm bepaalt en iedereen hetzelfde programma doorloopt. In plaats daarvan moeten we uitgaan van de individuele behoeften en capaciteiten van kinderen en in de klas meer recht doen aan de verschillen tussen leerlingen.”

Een probleem daarbij is dat het leraren soms aan de capaciteiten en vaardigheden ontbreekt om leerlingen te stimuleren. Dekker roept leerlingen, ouders, leraren, onderwijsbestuurders, wetenschappers en het bedrijfsleven op met ideeën en initiatieven te komen om het onderwijs structureel aan te pakken.

Zelf oppert hij onder meer dat betere leerlingen meer moeten worden beloond. Zo zouden toptalenten hun schoolperiode met een cum laude kunnen afsluiten of zou het bedrijfsleven beurzen beschikbaar moeten stellen. Op de begeleiding van hoogbegaafden komt hij nog terug. Voor 1 maart volgend jaar wil hij met een sluitend plan komen om toptalent in het onderwijs meer kansen te geven.