Headhunten op LinkedIn is doodnormaal

LinkedIn is dé netwerksite om zowel werk als werknemers te vinden.

Bij TomTom struint een team van negen man voortdurend LinkedIn af.

Ze heeft geen interesse. Geeft niks, vindt Kobi Ampoma (36). „Nu wil ze nog niet, maar zodra ze een nieuwe uitdaging zoekt, dan denkt ze aan me.” Hij zet een vinkje achter haar naam en bergt haar op in het mapje met ‘lopende projecten’.

Kobi Ampoma is recruiter voor Tommy Hilfiger en Calvin Klein. Samen met zeven collega’s werft hij nieuw personeel voor de modemerken. Niet via wervingbureaus of congressen, maar via netwerksite LinkedIn.

Ampoma is nu op zoek naar een distributiemedewerker. Hij typt ‘distributie’ in als zoekterm en vervolgens de eis dat de kandidaat in Europa woont. Het systeem komt met een paar honderd resultaten. Snel scant hij het profiel van een donkerblonde vrouw, een jaar of dertig. Ze werkt bij een concurrerend modelabel in Zweden, heeft een paar jaar werkervaring in de distributie. Hij vindt haar foto „professioneel” en leest de tekst op haar profiel. Die staat vol termen die de leek niets zeggen, maar Ampoma knikt goedkeurend. „Ze gebruikt dezelfde systemen als wij. Dat betekent dat we haar niet hoeven in te werken.”

Dat ze minder dan 200 connecties heeft, maakt hem niet uit. „Dat is alleen storend als je iemand zoekt in de marketing.” Hij scrollt naar beneden. Als hij ziet dat de Zweedse op de universiteit een vak met mode heeft gevolgd, is hij al een mail aan het formuleren. ‘Dear Joanna, Ik ben recruiter, en wij zoeken iemand met jouw achtergrond. Heb je interesse? Zullen we Linken?’

Tien jaar geleden bestond LinkedIn nog niet. Nu hebben 238 miljoen mensen hun cv online gezet. In Nederland hebben vier miljoen mensen een profiel waarop je hun werkervaring, scholing en huidige baan kunt bekijken.

Recruiters – zowel zelfstandige als die bij bedrijven – hebben LinkedIn massaal omarmd als dé site om personeel te werven. Dat kwam uit een onderzoek dat LinkedIn vorige maand zelf uitbracht, maar wordt ook bevestigd door Summum.nu, de brancheorganisatie van werving- en selectiebureaus. Voorzitter Henk van der Velde: „Ondanks dat veel bureaus hun eigen database hebben, kan ik me niet voorstellen dat er recruiters zijn die er geen gebruik van maken.” De sector heeft het zwaar; volgens Van der Velde is die de afgelopen vijf jaar gehalveerd. Deels komt dat door de crisis – het aantal openstaande vacatures is het laagste in tien jaar volgens het CBS. Maar ook doordat bedrijven zelf kandidaten gaan zoeken – via LinkedIn.

Geen wonder, zegt social media-consultant Richard van der Blom, die zelf zeven jaar recruiter is geweest. „Het is net een gigantisch telefoonboek, maar dan met cv’s. Personeel zoeken is nog nooit zo makkelijk geweest. Bij een bureau moet je soms weken wachten tot ze met een kandidaat komen. Op LinkedIn duurt het een kwartier om te zoeken in een wereldwijde database.” Volgens Van der Blom is vooral de actualiteit van LinkedIn prettig voor recruiters. „Een vacaturesite als Mosterboard.nl of een papieren cv in een database is statisch. Iemand plaatst daar zijn cv, raakt het wachtwoord kwijt en kijkt er vervolgens jaren niet naar om. LinkedIn leeft. Het is echt een onlinenetwerk.”

Goedkope manier van rekruteren

Een goudmijn voor personeelwervers. En dat beseft LinkedIn ook. De omzet haalt LinkedInvoor meer dan de helft door de verkoop van tools aan bedrijven, zoals ‘Bedrijvenpagina’s’ waar ze vacatures kunnen opzetten , maar ook specifieke zoektools voor recruiters. Tegen betaling – rond de 7.000 euro per jaar – krijgen recruiters bijvoorbeeld de mogelijkheid profielen in te zien die voor anderen zijn afgeschermd. Of de mogelijkheid onbeperkt uitnodigingen te sturen. Dat zijn geringe kosten in vergelijking met die van bureaus. Recruiter Ampoma: „Als een bureau voor ons werft, betaal je zo 20 procent van het jaarsalaris als fee, mocht iemand worden aangenomen. Wij rekruteren 240 mensen per jaar, dat was voorheen een enorme kostenpost.”

Net als bij Tommy Hilfiger zit in het hoofdkantoor van TomTom in Amsterdam struint een team van negen mensen voortdurend LinkedIn af. Met mappen en vlaggetjes wordt in LinkedIn bijgehouden wie een nieuwe baan heeft, of waarom iemand interessant is. 98 procent van het personeel komt binnen via de eigen wervers, die het hebben over „awareness kweken” en „talent pipelining”. „Mensen moeten vóórdat ze een nieuwe baan zoeken je bedrijf al interessant vinden”, zegt teamleider recruiting Anna Brandt. „En in het ideale geval heb je die mensen ook al benaderd voordat ze zelf realiseren dat ze op zoek zijn naar een nieuwe baan.”

Goede mensen op gewilde posities zijn namelijk nooit op zoek. Een goede recruiter weet van elke afdeling precies wie er bij de concurrent zit. Brandt: „Heeft zo iemand een nieuwe baan, dan weet ik dat ik de boot heb gemist.” Om dat te voorkomen, houdt ze iedereen in de gaten. „Ik bekijk hoelang iemand in zijn huidige functie zit. Drie jaar? Dan zal hij aan een nieuwe uitdaging toe zijn. Op dat moment stuur ik via LinkedIn een mail, om te polsen hoe hij denkt over een baan bij TomTom.” Immers, niet iedereen kan binnen het eigen bedrijf doorgroeien. „In een team met ambitieuze mensen kan uiteindelijk maar één iemand manager worden. Worden ze het niet bij hun bedrijf, dan misschien bij het onze.”

Maar niet elk beroep is even gewild op LinkedIn. Brandt: „Sommige functies zijn heel gewild bij technologiebedrijven, zoals een Antenne-ingenieur. Slechts vijf mensen op de wereld kunnen dat. Die mensen houd ik scherp in de gaten, ik probeer contactmet ze te leggen via Skype en vraag voortdurend hoe het met ze gaat. Ik weet dat andere recruiters dat ook doen.” Terwijl een marketingmanager of manager personeelszaken toch iets extra’s moet bieden. Brandt: „Daar zijn er zoveel van. Maar als die dan weer heel actief is in de discussiegroepen, of als hij veel wordt aangeraden door collega’s of mensen die ik respecteer, zal ik daar ook meer interesse in hebben.”

LinkedIn verandert de manier van carrière maken, vindt consultant Van der Blom. „Ook mensen die niet op zoek zijn naar een nieuwe baan, zijn opeens in het zicht van recruiters.” Blom krijgt zelf 2 à 3 mails per week van recruiters of opdrachtgevers die hem opdrachten aanbieden. Irritant? „Nee, ik kies zelf uit waar ik op in wil gaan.”

Al moet je wel oppassen voor die irritatiefactor, zegt Anna Brandt. „Ik stuur nooit een standaard-e-mail, zeker niet naar mensen van wie ik verwacht dat ze vaak benaderd worden. Ik kan me voorstellen dat er anders moeheid optreedt.”