Zonder angst geen leven

In de ogen van velen is het paradijselijk leven de alledaagse werkelijkheid van iedere Nederlander. Een goed leven heeft ons echter niet van pijn en angst kunnen bevrijden. En nu, door de lange duur van de recessie, neemt de bezorgdheid toe. Maar angst heet niet voor niets een slechte raadgever, schrijft Paul Schnabel.

Het is met angst als met pijn: lastig en nuttig tegelijk. Wie geen pijn voelt, gaat sneller dood, omdat je niet of te laat merkt dat je een wond of een klap hebt opgelopen. Geen pijn kennen is dan ook zelf een ziektebeeld, want juist door pijn laat het lichaam ons weten dat er iets mis is. Zonder angst wordt leven gevaarlijk, want risico’s worden onderschat of zelfs helemaal niet gezien. Van heldenmoed spreken we pas als iemand voor een hoger doel de eigen angst opzij weet te zetten. Een kind redden uit een brandend huis is hier het klassieke voorbeeld.

We willen geen pijn lijden en niet angstig zijn. Meestal tenminste, maar in seks en religie kan pijn juist gezocht worden en een bron van genot en extase worden. Wie zichzelf pijnigt, weet dat hij leeft. Wie in zichzelf angst oproept door naar een horrorfilm te kijken of te gaan bungeejumpen, kan van de heftigheid van het gevoel genieten in de wetenschap dat er niet echt reden voor angst is. Je kan de film uitzetten en je weet dat je de grond niet zult raken. Die wetenschap is voor de meeste mensen overigens niet voldoende om de sprong te wagen. De angst vooraf houdt je tegen, zoals ook de kans op pijn meestal al voldoende is om van een bepaalde activiteit af te zien. Dat geldt zowel voor angst als pijn eens te meer als anderen er de oorzaak van zijn.

In het paradijs en in de hemel zijn angst en pijn onbekend, net als honger, ziekte of criminaliteit. In de ergste tijden van rampspoed (oorlog, pest, misoogst) worden de utopieën steeds mooier en concreter. Gezien vanuit de Middeleeuwen, maar ook in de ogen van meer dan de helft van de wereldbevolking is leven in het paradijs de alledaagse werkelijkheid van iedere Nederlander, Duitser, Zweed of Zwitser. Vijftig jaar geleden was de maakbaarheid van de samenleving het mechanisme waarmee de hemel op aarde gebracht kon worden. De voltooiing van de verzorgingsstaat zou het echte einde van de geschiedenis zijn. Verzorgd van de wieg tot het graf, gevrijwaard van geweld en ontheven van werk zou ons een lang leven in geluk en vrijheid gegarandeerd kunnen worden. Zo ver is het niet gekomen, maar er is wel veel bereikt. Over de hele wereld gezien stijgt de levensstandaard nog steeds en daarmee ook het geluksniveau. Want alleen mensen die alles al hebben, kunnen zich de luxe permitteren te denken dat het geluk daar niet in zit.

Een goed en steeds beter leven heeft ons niet van angst en pijn kunnen bevrijden. Pijn misschien nog het meest, omdat we zoveel meer greep hebben gekregen op het lichaam en ook weten hoe we pijn kunnen voorkomen en bestrijden. Voor angst geldt dat veel minder. Meer zekerheid en zelfs meer veiligheid leidt ook tot meer angst, in ieder geval tot de angst dat het gewonnene ook weer verloren kan gaan. Daar vragen we in onderzoek ook naar: waar bent u bang voor of maakt u zich zorgen over? Dat kan dan gaan om wat in het eigen leven belangrijk is: gezondheid, inkomen, werk, relaties, en dus hun keerzijde: ziekte, armoede, werkeloosheid, eenzaamheid.

Het kan ook betrekking hebben op wat er in de samenleving, in de politiek en in de wereld gebeurt. Blijven we in vrijheid, vrijmoedigheid en vrijblijvendheid met elkaar leven? Zal er straks nog genoeg zorg geboden kunnen worden? Zijn er voldoende grondstoffen en overleven we de klimaatsverandering? We hebben veel te verliezen, dat we niet zelf voldoende kunnen bewaken en beveiligen.

Dat maakt angstig en in tijden van crisis en recessie groeit de angst. In opeenvolgende opinieonderzoeken zie je de bezorgdheid en angst toenemen. Precies vijf jaar geleden ging Lehman Brothers ten onder en vanaf dat moment zie je in de hele westerse wereld – Nederland ongeveer als laatste! - de bezorgdheid over het eigen inkomen, de waarde van het huis, de kansen van de kinderen op werk eerst heel geleidelijk toenemen om nu te versnellen tot angst en in individuele gevallen tot paniek.

Dat laatste is logisch als je nu je werk kwijt raakt of je te dure huis moet verkopen. Door de toenemende angst voor de onzekerheden van de toekomst blijft de hand op de knip. Micro-economisch begrijpelijk, maar macro-economisch gezien erg jammer. Door de lange duur van de recessie en het uitblijven van direct zichtbaar tot economisch herstel leidende maatregelen neemt de bezorgdheid over ook de eigen toekomst toe.

Het zou raar zijn als dat niet zo was, maar angst staat natuurlijk wel bekend als een slechte raadgever. Ook dat zien we terug in onderzoek: het sentiment en ressentiment tegen alles wat vreemd, anders en van elders is. Het gevoel ten onrechte de tol voor slecht gedrag en slecht beleid van anderen te moeten betalen, het wantrouwen tegen het gezag en het over de schouder terug kijken naar een mooier verleden. Angst werkt verlammend of maakt agressief. We zien beide reacties.

Angst kan ook overwonnen worden door te onderzoeken waar we nu precies bang voor zijn, hoe nodig de angst eigenlijk is en of we er ook greep op kunnen krijgen. Soms is angst zo lastig, dat we even niet kunnen zien wat er ook nuttig aan kan zijn.