Wees streng voor politici

Het Nationale Toneel gaat An Ideal Husband van Oscar Wilde spelen in een bewerking van de Oostenrijkse Nobelprijswinnaar Elfriede Jelinek. Het stuk was makkelijk te actualiseren. „Komedies tonen op geraffineerde wijze de huichelarij van het burgerdom.”

Regisseur Theu Boermans
Regisseur Theu Boermans

Aan tafel zitten, tekst lezen, juiste toon vinden: zo begint elke toneeluitvoering. Regisseur Theu Boermans van het Nationale Toneel verheugt zich op deze „prille, zoekende” periode, zoals hij het noemt, waarin hij nog niets uitlegt. Eerst repeteert hij met zijn spelers in Gent, daarna in Den Haag aan De ideale man, een sprankelende, vindingrijke bewerking door de Oostenrijkse Nobelprijswinnares Elfriede Jelinek (1946) van An Ideal Husband van Oscar Wilde. De première is op 19 oktober in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag.

De voorstelling maakt het Nationale Toneel in samenwerking met NTGent. Tijdens de repetitietijd bekwamen de spelers zich in een van de moeilijkste toneelstijlen, die van komedie met donkere ondertonen. Of, zoals Boermans zegt, „een tragische komediestijl”. Acteurs Mark Rietman, Ariane Schluter, Anniek Pheifer en Katja Herbers treden op met de Vlamingen Steven Van Watermeulen, Frank Focketyn en Chris Thys. In de regie benadrukt Boermans het virtuoze taalspel van de unieke combinatie Wilde-Jelinek. „Woorden veroorzaken een rookgordijn en zijn tegelijk een wapen. Ze verhullen de werkelijkheid. Iedereen herkent dit spel uit de hogere kringen, waarin het stuk zich afspeelt. Wie vuile handen heeft gemaakt met geldgewin probeert juist de ander van slechtheid te beschuldigen. Daarmee leid je de aandacht van jezelf af. Deze dubbele moraal vormt de kern van De ideale man.”

Terug naar het begin van Der ideale Mann, zoals Jelinek haar bewerking noemt. De première was op 23 november 2011 in het Akademietheater in Wenen, een middelgrote zaal. De voorstelling werd een succes en is hernomen in de grote zaal van het Burgtheater. Elfriede Jelinek, in 2004 bekroond met de Nobelprijs voor Literatuur, schreef tal van romans waarvan De pianiste (1983) de meeste bekendheid verwierf. Zij heeft meer dan twintig toneelstukken op haar naam staan, waaronder bewerkingen van Franse komedieschrijvers als Labiche en Feydeau. „Ik ben al lange tijd geboeid door deze komedies”, laat Jelinek vanuit Wenen weten. „Zij tonen op geraffineerde wijze de huichelarij en de dubbele moraal van het burgerdom.”

Jelinek leidt een teruggetrokken bestaan, maar houdt zich nauwgezet op de hoogte van maatschappelijke ontwikkelingen. Ook volgt ze, op een beeldscherm, uitvoeringen van haar werk via camera’s die staan opgesteld in repetitielokaal of schouwburgzaal. Ze is volop bereid vragen per e-mail te beantwoorden: vijf vragen leveren uitvoerige, prachtige bladzijden tekst op over de betekenis van theater, corruptie en zwendel in het rechts-nationalistische Oostenrijk, de opkomst van het nazisme in haar eland. Maar op de vraag of ze adviezen geeft aan de regisseur geeft ze het kortste antwoord: „Nee, nooit.”

Alpenkanaal

Jelinek schrijft in de beste traditie van Oostenrijkse schrijvers die met scherpe pen de autoriteiten, bankiers, politici in haar land aanvallen. Karl Kraus en Thomas Bernhard zijn haar voorbeelden. De bewerking van Wildes toneelstuk noemt ze een freie Nachdichtung van het origineel. Het Victoriaanse Londen verruilt ze voor een willekeurige Oostenrijkse stad anno nu. In het verhaal uit 1895 is Sir Robert Chiltern een gehaaid politicus die zichzelf verrijkt door geheime staatsinformatie te verkopen. Zijn financiële strapatsen rond de aanleg van het Suezkanaal leiden tot zijn val. Jelinek verandert met een briljante vondst het Suezkanaal, geopend in 1869, in een Alpenkanaal, een megalomaan, nooit gerealiseerd project dat Noord-Europa dwars door de bergen met het zuiden moest verbinden. Jelinek: „Mijn inspiratiebron is het schandaal rondom de Hypo Alpe-Adria Bank die in 2009 te gronde is gegaan aan bedrog, corruptie en nepotisme. Politici en machthebbers liegen, ze liegen altijd en overal, in alle tijden, dat was in de klassieke oudheid al zo en dat is in Shakespeares tijd ook het geval tot op heden.”

De stap naar het Alpenkanaal vloeit voort uit de cruciale rol die het Suezkanaal in Wildes komedie speelt. „Het Alpenkanaal is vooral een grappig, een lustig, idee. Zo’n kanaal is eigenlijk vooral een honderden kilometers lange tunnel. Men kan niet genoeg graven en graven totdat men uiteindelijk bij zichzelf uitkomt! Deze metafoor biedt mij de gelegenheid om de zogenaamde gegoede kringen, die je in alle kleinere en grotere provinciesteden vindt, te ontmaskeren. Voor mij is het thema van De ideale man de politieke leugen en de huichelarij, maar dit alles is verborgen achter een masker van eerlijkheid. Politici, bankiers en ambtenaren zeggen te handelen naar waarheid, maar ondertussen zijn ze verstrikt in leugens. En vaak hebben ze dat niet in de gaten, omdat ze al zover de leugenachtige weg zijn ingeslagen.”

Boermans roemt de „taalkomedie” die Jelinek heeft geschreven. Om te voorkomen dat het stuk een al te Oostenrijkse aangelegenheid zou worden, kiest Boermans als plaats van handeling een niet nader genoemde Europese stad. Zijn Alpenkanaal is een onderneming waaraan elk land zijn bijdrage moet leveren.

Zelfverrijking

„Wilde en Jelinek zijn briljant in de cynische levenshouding die hun personages vertegenwoordigen”, zegt Boermans. „Zelfverrijking is een vanzelfsprekend mechanisme. Het onderscheid tussen eigenbelang en publiek belang is weggevallen. Er is een moraal ontstaan waarin de schuldvraag niet meer bestaat. Neem als voorbeeld een wethouder in de provincie die zijn regio wil verrijken met een groot aantal rotondes. Hij zorgt dat hij de gemeenteraad meekrijgt, regelt Europese subsidies, benadert een bevriende bankier en bevriende aannemer. En laat en passant in ruil een villa bouwen voor de helft van de prijs. Hij is zich van geen kwaad bewust, tenslotte verhoogt hij de verkeersveiligheid van de schoolgaande kinderen. Zoiets is vergelijkbaar met het Alpenkanaal, alleen op kleinere schaal.”

De ideale man is een stuk dat, ondanks alle bijtende felheid, tot vrolijkheid stemt over zoveel eigenbelang dat autoriteiten tentoonspreiden. De Oostenrijkse pers prees het stuk om de scherpe grappen, het venijn en de spot waarmee Jelinek politici portretteert. Spotlust is altijd haar wapen geweest. „Theater is de beste plek om de corrupte handel en wandel van gezagsdragers aan de kaak te stellen. Theater is direct en gooit de waarheid rechtstreeks in het gezicht van de toeschouwer. Hier in Oostenrijk hebben tal van hooggeplaatsten het land vergiftigd met hun politieke en financiële wangedrag. De komedie is het ideale genre om misstanden aan de kaak te stellen. Tegen deze mensen kan men niet streng genoeg optreden.”

Boermans staat aan het begin van de repetitieperiode. Nu al bruist hij van de ideeën om Julineks virtuoze venijn op toneel te brengen: „Overeenkomsten met levende politici en persoonlijkheden uit het openbare leven sluiten we niet uit. Uiteindelijk delft hoofdpersoon Sir Robert het onderspit. Hij moet in een vrouw, de vroegere vriendin van zijn vrouw, zijn meerdere herkennen. Zij chanteert hem. Als hij haar niet helpt puissante rijkdom te verwerven aan het Alpenkanaal, openbaart ze al zijn geheimen. De luchtspiegeling van dat kanaal stort iedereen in het verderf. Het is een even verrukkelijk als tragisch stuk, een gitzwarte salonkomedie.”

De ideale man door Nationale Toneel en NTGent. Première: 19/10 Koninklijke Schouwburg, Den Haag. Inl: nationaletoneel.nl