Syrië vraagt VN-onderzoek naar nieuwe chemische aanvallen rebellen

De Syrische ambassadeur Bashar Ja'afari bij de Verenigde Naties in New York City.
De Syrische ambassadeur Bashar Ja'afari bij de Verenigde Naties in New York City. Foto AFP / Mario Tama

Syrië heeft secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-moon gevraagd een nieuw onderzoek in te stellen naar drie aanvallen van de rebellen waarbij Syrische soldaten gifgas zouden hebben ingeademd. Dat zei de Syrische ambassadeur bij de VN tegen persbureau AP.

Volgens de ambassadeur, Bashar Ja’afari, vonden de aanvallen vorige week donderdag, zaterdag en zondag plaats in de buitenwijken van Damascus. Het lijkt dus om andere aanvallen te gaan dan de gifgasaanval vorige week, waarbij honderden mensen omkwamen. Die aanval is volgens de rebellen het werk van troepen loyaal aan president Assad, maar volgens de regering het werk van de rebellen.

‘Ontwerpresolutie Groot-Brittannië faalt’

Ja’afari sprak kort nadat de vijf permanente leden van de Veiligheidsraad achter gesloten deuren praatten over een Britse resolutie waarin om een daadkrachtig antwoord op de vermeende chemische aanval wordt gevraagd. Zoals verwacht lukte het niet overeenstemming te bereiken: Rusland, bondgenoot van Syrië, lag dwars, meldt persbureau AP.

De resolutie is een poging om militair ingrijpen in Syrië via de VN te rechtvaardigen. Dat lukt steeds niet, omdat Rusland en China bij elke poging tot een veroordeling van het regime van Assad, dwarsliggen. De VS, Groot-Brittannië en Frankrijk zijn bereid ook buiten de VN om militair in te grijpen. Ban Ki-moon zei eerder dat de VN-inspecteurs nog vier dagen nodig hebben voor hun onderzoek. Het is volgens onze correspondent Guus Valk onwaarschijnlijk dat Amerika besluit aan te vallen als de onderzoekers nog in Syrië zijn:

Twitter avatar apjvalk Guus Valk Volgens @Reuters zijn de VN-inspecteurs nog 4 dagen in Syrië. Zolang zij daar zijn, wordt ingrijpen in DC waarschijnlijk te riskant gevonden

VN onderzoekt niet door wie chemische wapens zijn gebruikt

Het team VN-onderzoekers arriveerde vorige week om onderzoek te doen naar het gebruik van chemische wapens in de Syrische oorlog. Juist die woensdag, toen zij al een paar dagen in Damascus waren, vond zeer waarschijnlijk een nieuwe aanval plaats, de gruwelijkste tot nu toe. Aan die huidige missie van de VN-inspecteurs gingen maanden van onderhandelingen vooraf, schreef onze Midden-Oostenredacteur Toon Beemsterboer in NRC Handelsblad:

“Syrië is geen partij in het verdrag tegen chemische wapens en hoeft geen inspecties te aanvaarden. Het Syrische regime wilde het onderzoek beperken tot het dorp Khan al-Assal, ten westen van Aleppo, waar op 19 maart zeker dertig mensen omkwamen.

Maar de VS, Frankrijk en Groot-Brittannië, die zeggen bewijs te hebben dat er ook gifgas is ingezet in Homs, Damascus en elders, wilden een breder onderzoek. Uiteindelijk zullen de inspecteurs zeker drie plekken bezoeken: Khan al-Assal en twee andere locaties die om veiligheidsredenen geheim zijn. Maar de inspecteurs hebben een beperkt mandaat. Ze zullen alleen onderzoeken óf er chemische wapens zijn ingezet, niet door wie.”