Leer een ambacht, want dan vind je wél een baan

De werkloosheid stijgt en het tekort aan vakkrachten groeit Nederland heeft handwerk „schromelijk verwaarloosd”, zegt hoogleraar culturele economie Arjo Klamer „Een rampzalige misvatting”

Hoewel Nederland met gevechtstroepen uitrukt, is Mali géén vechtmissie, benadrukten de ministers.
Hoewel Nederland met gevechtstroepen uitrukt, is Mali géén vechtmissie, benadrukten de ministers. Foto AFP

Redacteur Economie

De werkloosheid klimt naar recordniveaus. Nederland telt nu 694.000 werklozen, 8,7 procent van de beroepsbevolking. Tegelijkertijd is er een tekort aan ambachtslieden.

De Sociaal Economische Raad (SER) wees onlangs in een alarmerend advies over de ambachtseconomie op het „oplopende tekort aan vakmensen”. Dit komt doordat relatief veel ouderen de komende jaren met pensioen gaan en de instroom van jongeren vanuit het beroepsonderwijs al jaren afneemt.

Nederland gaat, volgens Arjo Klamer, de prijs betalen voor „een schromelijke verwaarlozing” van het werken met de handen. De hoogleraar culturele economie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam heeft onlangs onderzoek gedaan naar de ambachtscultuur in verschillende landen en constateert dat Nederland achterloopt.

De afgelopen decennia lag volgens Klamer de nadruk volledig op kennis, of het werken met het hoofd. „Nog steeds zijn de zogenaamd slimste en beste jongens en meisjes goed in rekenen en taal en zijn kinderen die creatief en handig zijn met hun handen probleemgevallen, bestemd voor de afvalputjes van het vmbo.”

De technische of ambachtsscholen zijn vrijwel allemaal opgeheven. Klamer: „We moesten allemaal achter de computer. Het moest om innovatie gaan. De financiële wereld werd de toekomst. Dus konden we net zo goed de infrastructuur van de wereld van de ambachten ontmantelen. Want het werken met de handen was iets van het verleden. Wat een rampzalige misvatting.”

Volgens de SER is een ambacht een economische activiteit die zich onderscheidt door vakmanschap, een scheppend karakter en maatwerk. Het ambacht wordt voornamelijk in de praktijk geleerd. Schilders, kappers, webdesigners, bakkers, visagisten, kleermakers, tandtechnici – ze vallen allemaal onder de SER-definitie van ambacht.

Das Handwerk

Nederland telt circa 285.000 ondernemingen in de ambachtseconomie die werkgelegenheid bieden aan 774.000 mensen, onder wie relatief veel zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) – de totale beroepsbevolking telt ruim 7,3 miljoen mensen. De gezamenlijke jaaromzet bedraagt ruim 110 miljard euro.

In Japan, Zweden, China en Italië staat het creatieve ambacht hoog aangeschreven. „Maar het grootse en pijnlijkste verschil constateerden we in het onderzoek vooral wanneer we de Nederlandse situatie vergeleken met de Duitse”, zegt Klamer. „Das Handwerk wordt uiterst serieus genomen en als een belangrijke sector van de economie gezien.”

Bijeenkomsten waarbij meestertitels worden uitgereikt aan ambachtslieden zijn in Duitsland mediagebeurtenissen. Als meester kunnen ze een eigen bedrijf beginnen en mensen opleiden. De ambachtslieden moeten zich aansluiten bij de vakorganisatie die fungeert als een gilde. Het gilde ondersteunt de leden en ziet toe op de leertrajecten en de toekenning van de meestertitel. De gilden zijn verenigd in de regionale Handwerkkammer, die op haar beurt is aangesloten bij een landelijke organisatie.

Mandenvlechters

Het werken met de handen moet, volgens Klamer, weer een gerespecteerd leertraject worden van de kleuterklas tot het einde van het middelbaar onderwijs. De ambachtsscholen moeten in moderne vorm in ere hersteld worden, en er moeten organisaties komen (gilden) die de kwaliteit van ambachtelijk werk bevorderen en meestertitels toekennen.

„Voor degenen die bij ambachten nog steeds denken aan mandenvlechters is het wellicht goed te beseffen dat chirurgen en tandartsen ook met de handen werken, en dus ambachtslui zijn. De ambachten hebben de toekomst. De Duitsers weten dat al lang. Het is hoog tijd dat dit besef ook in Nederland doorbreekt.”

Ook de SER pleit voor de invoering van de meestertitel om goed vakmanschap en excellentie zichtbaar te maken. Daarnaast wijst de SER op de stijgende jeugdwerkloosheid, en voor jongeren liggen veel kansen in ambachtelijk werk. Overheid en onderwijs zouden volgens de SER per beroepsgroep duidelijk inzichtelijk moeten maken wat het perspectief op werk is.

De SER adviseert verder dat er in het beroepsonderwijs naast de technische kennis meer aandacht wordt besteed aan het ondernemerschap. Bij ongeveer tweederde van de bedrijven betreft het zzp’ers.

In Duitsland heeft de ontwikkeling van de ambachtscultuur een lange tijd gekost. „Met een paar politieke ingrepen krijgen we de ambachtscultuur niet zomaar terug in Nederland”, zegt Klamer, „maar het zou een urgent punt op de politieke agenda moeten worden wil Nederland niet nog verder achterop raken.”