Lief nachtboek…

Een nachtelijke glazenraper. Foto NRC / Peter de Krom

5.00
Vegen, dat doe je met zijn allen op lijn, leggen twee jongens van de security uit. Een lint groene jasjes drijft de laatste bezoekers om vijf uur ’s nachts uit de Bravo en de X-Ray. Over het vertrekpunt en de route zijn ze van tevoren gebriefd. „Kan er een extra team naar de Ho Chi Minh? Mensen staan te schuilen voor de regen. Dat is niet de bedoeling. Iedereen naar buiten toe. Nu.”
Jammer.
Want nu is de beste tijd om glazen te rapen, zegt Plato, een spichtige twintiger met dreads. Hij spreekt alleen Engels, komt uit ‘Utopia’ en zijn leeftijd is hij kwijt. Hij waadt door een zee van plastic op de vloer van de Bravo-tent. Snel, nog elf lege bekers – want dat betekent weer een muntje erbij. Omgerekend 3.000 euro verdiende hij vorig jaar, het was zijn eerste keer Lowlands. Glazen rapen is alles wat hij doet, bands ziet hij niet. Hij slaapt een paar uur overdag.

Vegen doe je op één lijn. Foto NRC / Peter de Krom

5.15
De beveiliging is onverbiddelijk. Plato gaat eruit. En de rest van de glazenrapers, professionals met dreads, ook. Binnen een half uur is het terrein leeg. Er zijn zo’n zeshonderd beveiligers op Lowlands, om half zes zijn er nog zestig groene jasjes op de been. Ze druppelen richting aftekenpost, achter de India-tent. Daar is het leukste feestje, zeggen twee jongens (19): bier drinken in een container backstage. Security Only. Leeftijd maakt niets uit, gezag is een houding, zeggen ze. „Als iemand tegenstribbelt, nemen we hem gewoon mee.” Is er nooit een verstekeling achtergebleven? Iemand in slaap gevallen op de wc? Nooit. We controleren alles. Het systeem is waterdicht.”

De allerlaatste bezoeker wordt de Bravo uitgezet. Foto NRC / Peter de Krom

Een nachtelijke glazenraper. Foto NRC / Peter de Krom

5.45
Ook de muntautomaten kennen een geheime wereld. Achter de machines zitten twee mannen van vlees en bloed, vertelt beheerder Joost Baers (24) van Paytrust. Pinnen en munten uitgeven gaat automatisch, maar de rollen munten hangen ze er zelf in. Met de hand.

Een bladblazer bij knelpunt ‘de hamburgertent. Foto NRC / Peter de Krom

6.00
En dan klinkt er gezoem. Bladblazers, alle 32 Pools. Zijn al vanaf twaalf uur aan het werk in de Alpha-tent. Spreken geen Engels, geen Nederlands, maar blazen. Een richel van bordjes, slippers, wc-papier, vuilniszakken, bekers, bekers en bekers ontstaat aan de rand van de weg. Een stofzuigerwagen zuigt de troep op, de ochtendshift haalt een doekje over de tafels en prikt nog na. Om half zeven is het terrein nagenoeg schoon.

Bert van Leijsen geeft de plantaan water bij de Lima. Foto NRC / Peter de Krom

6.30
Het is muisstil bij de Lima-tent. Alleen Bert van Leijsen loopt rond. Hij geeft de plantanen water. Zestig jaar oud kunnen de boompjes worden, zegt hij. Ze komen van een oude kweker in Vlaanderen, maar overleven al vijftien jaar in gevangenschap. Hoe een boom dat volhoudt? „Liefde, water en bemesten. Eigenlijk net als bij de mens.” Maandag krijgen ze weer water, 100 liter per keer.

De eerste bezoekers worden wakker. Foto NRC / Peter de Krom

7.00
Team te vroeg gepiekt gaat los voor het podium van de 24-uurstent – al is het afvoerputje van Lowlands tegenwoordig nog maar open tot zeven uur. En als het zover is, wordt ook deze tent ‘geveegd’. Er gaan geruchten over een after bij de toiletblokken op camping drie. De laatste die de tent verlaat is Laura de Kort (29). Gisternacht heeft ze 2,5 uur geslapen. En nu? „Tandjes poetsen, gezicht wassen en door. Slapen vind ik zonde. Dat kan ik de rest van mijn leven nog doen. Op Lowlands ga ik de hele dag door.”
De eerste bezoekers lopen met tandenborstel over de brug. Voor de douches staat al een rij.