Zo goed als oud

Een vintagestoel hoeft niet oud te zijn. Fabrikanten nemen klassieke ontwerpen opnieuw in productie. „Het zal toch geen gebrek aan inspiratie zijn?”

1 Re-editie van Armchair 26, een ontwerp van Alvar Aalto uit 1932, van Artek, 538 euro 2 Re-editie van Stool 60, een ontwerp van Alvar Aalto uit 1933, van kleur voorzien door de Duitse ontwerper Mike Meiré, 219 euro 3 Re-editie van Model 2129, een ontwerp uit 1969 van Gino Sarfatti, van Flos4 Re-editie van Lamp A331, aluminium ontwerp van Alvar Aalto uit 1953 van Artek, 795 euro 5 Re-editie van Fauteuil 416, een ontwerp van André Cordemeyer uit 1958 van Dutch Originals, 595 euro 6 (rechterpagina) Re-editie van Tabouret Cabanon van Le Corbusier, van Cassina, vanaf 495 euro123456
1 Re-editie van Armchair 26, een ontwerp van Alvar Aalto uit 1932, van Artek, 538 euro 2 Re-editie van Stool 60, een ontwerp van Alvar Aalto uit 1933, van kleur voorzien door de Duitse ontwerper Mike Meiré, 219 euro 3 Re-editie van Model 2129, een ontwerp uit 1969 van Gino Sarfatti, van Flos4 Re-editie van Lamp A331, aluminium ontwerp van Alvar Aalto uit 1953 van Artek, 795 euro 5 Re-editie van Fauteuil 416, een ontwerp van André Cordemeyer uit 1958 van Dutch Originals, 595 euro 6 (rechterpagina) Re-editie van Tabouret Cabanon van Le Corbusier, van Cassina, vanaf 495 euro123456

Le Corbusier noemde het zijn ‘kasteel aan de Rivièra’, het houten vakantiehuisje dat de architect in 1951 liet bouwen in Roquebrune-Cap-Martin, één duin verwijderd van de Middellandse Zee. Het (nagebouwde) interieur van het 3,66 bij 3,66 meter kleine Cabanon de vacances staat deze zomer in het Museum of Modern Art in New York, op een tentoonstelling over Le Corbusier. Een opvallend meubel in het vakantiehuis is een krukje annex tafeltje dat veel weg heeft van een opgeluxt sinaasappelkistje. Zes kastanjehouten plankjes met zwaluwstaartverbindingen, veel simpeler kan een meubel niet zijn.

Le Corbusiers Tabouret Cabanon was in april op de meubelbeurs in Milaan een van de eyecatchers op de stand van Cassina, het chique Italiaanse meubelmerk. Op de openingsdag van de beurs probeerde Luca di Montezemolo, de president-directeur van autofabrikant Ferrari, het krukje uit. Twee lijfwachten stonden grijnzend toe te kijken hoe hun steenrijke baas op het kistkrukje plaatsnam.

Het wemelde in Milaan van de luxe heruitgaven, een ontwikkeling die vorig jaar al werd ingezet. Klassieke ontwerpen van bekende ontwerpers opnieuw in productie genomen, het was dit jaar de belangrijkste trend in de meubelbranche. Op de stand van Cassina werden de kistjes van Le Corbusier omringd door re-edities van Franco Albini, Charlotte Perriand en Gerrit Rietveld. Ook bij andere luxe merken was er veel ‘goud van oud’. Het Zwitserse Vitra presenteerde Jean Prouvé-meubels in nieuwe, door de Nederlandse ontwerpster Hella Jongerius gekozen kleuren. De Italiaanse lampenfabrikant Flos toonde vijf lampen van de Italiaanse ‘lichtmeester’ Gino Sarfatti, waarvan de oudste uit 1939 dateerde. En het Deense One Collection en het Finse Artek presenteerden in Milaan zelfs uitsluitend oude ontwerpen, respectievelijk van Finn Juhl en van Ilmari Tapiovaara en Alvar Aalto.

De retrotrend beperkte zich niet tot de grote merken met een archief vol designklassiekers die afgestoft kunnen worden. Ook fabrikanten gespecialiseerd in hedendaags design kwamen soms met ‘klassiekers’ voor de dag. Zoals Meritalia, met een fauteuil van Achille en Pier Giacomo Castiglioni uit 1957.

Waarom kijken zoveel fabrikanten achterom? Willen ze aansluiten bij de al jaren groeiende populariteit van vintage design? Hebben de vele designklassiekers in de populaire Deense televisieserie Borgen iets losgemaakt? Of kiezen fabrikanten in magere tijden voor zekerheid? Drie meubelverkopers en één meubelproducent leggen uit waarom oud het nieuwe nieuw is.

Gert Batenburg, eigenaar van woonwinkel Van Waay & Soetekouw in Delft, moet lachen om het spartaanse kistkrukje van Le Corbusier. „Als een jonge ontwerper daarmee naar Cassina was gestapt, zou hij niet voorbij de secretaresse zijn gekomen. Zo’n krukje van Le Corbusier is een mooi verhaal.”

Ook Han van der Donk, eigenaar van woonwinkel Van der Donk in Gorinchem, viel de vele oude meubelen in Milaan op. „Wij zeiden tegen elkaar: ‘Het zal toch geen gebrek aan inspiratie zijn?’”

De economische situatie speelt een belangrijke rol in de retrotrend, daar zijn de meubelverkopers het over eens. Voor avant-gardistische ontwerpen is het niet de juiste tijd. Detaillisten en consumenten zijn op zoek naar zekerheid. Batenburg: „Dat de meubels van de Deense merken Muuto en Hay zo in de smaak vallen bij jonge mensen, dat snap ik wel. Ingetogen ontwerpen, niet te duur en vrolijk van kleur. Ook onze wat oudere en kapitaalkrachtiger klanten kiezen voor rustige en degelijke meubels. Bijvoorbeeld voor de tijdloze banken van B&B Italia of de klassieke stoelen van Artifort.”

Edwin Göbel van de gelijknamige meubelzaak in Rotterdam, verklaart de retrotrend vanuit Rotterdams perspectief. „Hier zijn de mensen niet zo avontuurlijk ingesteld. Mijn klanten kopen nu vooral meubels van Arne Jacobson of van Gispen, stoelen en tafels die al heel lang in hun geheugen staan gegrift.”

Dat oud cultuurgoed populair is, heeft volgens Göbel niets te maken met nostalgie. Hij beschrijft een democratiseringseffect: „De ontwerpen van Le Corbusier, Eileen Gray en Josef Hoffmann waren goed en zijn dat nog steeds. Ooit ontwierpen ze in opdracht van bankiers en andere welgestelden. Nu zijn hun meubels voor een veel grotere groep bereikbaar.”

Braakman

Bestaande ontwerpen van designkopstukken bieden fabrikanten ook zekerheid, zegt Batenburg. „Innovatie is duur. De ontwikkelingskosten van een bestaand ontwerp zijn laag. En als het om grote namen gaat, kunnen er toch redelijke hoge verkoopprijzen worden gevraagd.”

De Utrechtse meubelproducent Pastoe nam recentelijk een in de jaren vijftig door Cees Braakman ontworpen stoel en kruk opnieuw in productie, een collectie die in het najaar met andere Braakman-ontwerpen zal worden uitgebreid. Een verrassing, want Pastoe staat bekend als een bedrijf dat altijd vooruitkijkt. Marketingmanager Liesbeth Veen: „We bestaan honderd jaar en wilden laten zien hoe trots we op onze geschiedenis zijn.”

Retromeubels sluiten aan bij een bredere ontwikkeling, zegt Veen. „Kijk eens naar de invloed van Mad Men. Voor veel modeontwerpers is die televisieserie een startpunt geweest. Op straat zie ik voortdurend brillen en kapsels met een jarenvijftiglook.” In de auto-industrie is retro ook in de mode, zegt Han van der Donk, verwijzend naar het succes van Mini en de Fiat 500. „En zie eens hoe Porsche steeds met een nieuwe variant van de 911 komt. Het is vasthouden aan iets wat zich al heeft bewezen.”

Ook belangrijk: bekende ontwerpers staan garant voor publiciteit. Neem de Veliero, een driekwart eeuw oude kast van architect Franco Albini die Cassina twee jaar geleden ging fabriceren. Een complexe constructie van twee houten masten, stalen spandraden en hangende glazen legplanken. Een kast die 26.000 tot 32.000 euro kost (afhankelijk van de houtsoort) en die door een Italiaanse meubelmaker bij de koper thuis in elkaar wordt gezet. Cassina heeft „nog geen veertig” exemplaren van de kast verkocht, zegt een woordvoerder van het bedrijf. Maar zou er één woonblad in de wereld zijn dat niet over deze wonderbaarlijke kast heeft gepubliceerd?

„Na zo’n publicatie staan de klanten niet meteen bij ons op de stoep”, zegt Han van der Donk. De Gorcumse meubelverkoper heeft de kast niet op voorraad, en er is geen enkele andere winkel in Nederland waar hij een geïnteresseerde klant naar zou kunnen doorverwijzen. „Met zo’n product onderstreept Cassina vooral dat het voor traditie en authenticiteit staat.”

In economisch florissanter tijden proberen fabrikanten juist met moderne experimenten de aandacht van de media te trekken, zegt meubelverkoper Gert Batenburg. Een rol die in het recente verleden vaak aan jonge Nederlandse ontwerpers was toebedeeld, zegt hij. „Zij kregen de opdracht om spraakmakende ontwerpen te maken.” Als voorbeeld noemt Batenburg de rol van Marcel Wanders bij het Italiaanse Cappellini en ook bij zijn eigen merk Moooi. „Wanders heeft vaak de media gehaald. Maar hoeveel van zijn eigen ontwerpen zijn commercieel succesvol?”

Meubelverkoper Edwin Göbel wijst nog op de populariteit van vintage design, de hang naar meubels ‘met een verhaal’. „Op veilingen worden voor de jarenvijftiglampen van de Franse ontwerper Serge Mouille al jaren vermogens betaald, net als voor die grote wandlampen van Alvar Aalto. Met deuken, roestend, alsof ze uit een oude garage zijn gehaald. Het verbaast me niks dat zulke ontwerpen weer in productie worden genomen.”