China stopt gebruik van organen gevangenen

China maakt vanaf november geleidelijk aan een eind aan de omstreden praktijk om organen van geëxecuteerde gevangenen te gebruiken voor transplantaties.

Orgaandonatie zal voortaan alleen nog op vrijwillige basis gebeuren. Dit heeft Huang Jiefu, die in China verantwoordelijk is voor orgaantransplantaties, vrijdag tegenover nationale en internationale media gezegd. Volgens Huang waren de gevangenen goed voor tweederde deel van de organen die werden gebruikt voor transplantaties, al was dat aandeel dit jaar al verminderd.

Lange tijd ontkenden de autoriteiten deze praktijk maar na 2006, toen er in de internationale media steeds meer bewijzen opdoken, gaven ze schoorvoetend toe dat ze wel degelijk organen van terechtgestelde gevangenen voor dit doel gebruiken. Ze ontkenden meestal echter dat dit zonder toestemming van de betrokkenen zou zijn gebeurd.

Mensenrechtenorganisaties schatten dat jaarlijks duizenden gevangenen worden geëxecuteerd. De regering noemt nooit aantallen.

De vraag naar organen in China is veel groter dan het aanbod. Cijfers van de Gezondheids- en Planningcommissie wijzen uit dat slechts 10.000 van de 300.000 patiënten die elk jaar dringend nieuwe organen nodig hebben, die ook krijgen.

„Ik heb er alle vertrouwen in dat binnenkort alle ziekenhuizen het gebruik van organen van gevangenen zullen staken”, aldus Huang, voormalig onderminister en tevens hoogleraar in de chirurgie van lever, alvleesklier en galweg tegenover persbureau Reuters. Volgens hem wordt het tijd voor China een „passend orgaandonatiesysteem” in te voeren.

Het aantal vrijwillige donaties steeg de afgelopen jaren flink, liet Huang weten, van 63 in het hele jaar 2010 tot zo’n 130 per maand nu.

Er bestaat in China ook een zwart circuit waar organen worden verhandeld. Onduidelijk is of daar organen van gevangenen worden gebruikt.