Gynaecologen woedend over verbod op zwangerschapstest

Nederlandse gynaecologen zijn ernstig verstoord over de manier waarop minister Schippers (Zorg, VVD) en de Gezondheidsraad omgaan met nieuwe mogelijkheden om zwangere vrouwen te testen op kinderen met het Downsyndroom.

In het buitenland wordt al veel gewerkt met een bloedtest die, in tegenstelling tot een vlokkentest of een vruchtwaterpunctie, geen risico geeft op een miskraam als gevolg van die test.

In Nederland is wettelijk een vergunningsplicht vastgelegd voor onderzoeken die ziektes opsporen die niet te genezen zijn. Vijf maanden geleden is zo’n vergunning aangevraagd. „Maar sindsdien hebben wij niets gehoord. Geen enkele reactie, geen vragen over zo’n spoeddossier”, zegt Lieve Christiaens van de Nederlandse vereniging van Gynaecologen. Volgens haar heeft de aanvraag eerst een tijd op het departement van Volksgezondheid gelegen en ligt het nu al weer een tijd voor advies bij de Gezondheidsraad. „Ieder maand dat dit langer duurt, kost het tenminste twee gezonde zwangerschappen in Nederland en misschien wel tien.”

Christiaens zegt dit omdat er nu in Nederland nog als gevolg van vlokkentesten en vruchtwaterpuncties miskramen plaatsvinden die volgens de beroepsgroep te voorkomen zijn. Om deze reden overtreden vier niet nader geïdentificeerde ziekenhuizen op dit moment de wet en laten toch de, vooralsnog verboden maar veelbelovende, bloedtest in het buitenland uitvoeren, zo blijkt uit een uitzending van Nieuwsuur.

Nederland is traditioneeel traag met het invoeren van dit soort zwangerschapstesten. Bij de eerste screeningstest op het Downsyndroom, de zogeheten tripletest die in de jaren negentig werd ingevoerd, liep Nederland meer dan tien jaar achter op het buitenland.

Volgens Christiaens kunnen kosten niet de reden zijn om de test in Nederland uit te stellen. „In België kun je nu voor 600 euro terecht voor een niet-invasieve prenatale test.” Een vlokkentest of vruchtwaterpunctie zou volgens haar het dubbele kosten.