Gevaarlijke barbies en hip snoepgoed

Tijdens de zomer gaat de Achterpagina op zoek naar merkwaardige musea over de hele wereld. In deze aflevering: Amerikaanse snoepjeshouders en verboden speelgoed.

Atomic Energy Lab, een speelgoedkit uit 1951 in Doss’ collectie.
Atomic Energy Lab, een speelgoedkit uit 1951 in Doss’ collectie.

Een Pez-snoepjeshouder is een plastic buisje met een hoofd van een stripfiguur waaruit pepermunt komt. Eigenlijk komt het snoep uit de nek. Sinds de van oorsprong Oostenrijkse pepermuntfabrikant Pez in 1949 overstapte van blikken doosjes naar de revolutionaire plastic snoepjeshouders, geldt Pez als een icoon van de Amerikaanse popcultuur. Van zo goed als alle populaire stripfiguren bestaat een Pez-houder, wat in de VS een enorme verzamelwoede in gang heeft gezet.

De meest toegewijde verzamelaar is zonder twijfel Gary Doss, een opgewekte Californiër in een hawaïshirt. Doss bezit alle Pez-houdervarianten die ooit zijn gemaakt. Hij stelt ze tentoon in het Pez Dispenser Museum in Burlingame, een slaperig stadje dertig kilometer ten zuiden van San Francisco. Al achttien jaar staat hij vijf dagen per week, acht uur per dag in zijn museum om zijn collectie te tonen aan wie het maar wil.

Het museum bestaat slechts uit één kamertje, maar dankzij Doss’ toelichting kun je er rustig een uur doorbrengen. De houders hebben hoofden van de Muppets, Looney Tunes-figuurtjes en Nintendo-helden. Ook zijn er Pez-houders van Amerikaanse presidenten in speciale verzamelsets „om jongeren op een interactieve manier kennis te laten maken met de nationale geschiedenis.” Met een glimlach laat Doss zijn favoriete Pez-houder zien, een psychedelische jaren-70-variant waarbij de snoepjes worden uitgebraakt door een bloederige oogbal.

Net als we uitgekeken raken op de snoepjeshouders, heeft Doss een verrassing in petto. Hij heeft namelijk een tweede hobby: verboden speelgoed. In een hoek van zijn minimuseum heeft hij een kleine maar fraaie collectie. Het gaat om speelgoed dat in de ban is gedaan, omdat het gevaarlijk of aanstootgevend wordt geacht. Nu zijn ze in de VS al gauw bang voor speelgoed – zelfs kindersurprise-eieren zijn verboden – maar Doss heeft ook speelgoed waarvan je je afvraagt hoe het in hemelsnaam in de schappen heeft kunnen belanden.

Een fraai voorbeeld van aanstootgevend speelgoed is ‘Steve the Tramp’, een angstaanjagende zwerverpop uit een politiespeelgoedset met een putdeksel in zijn hand. Het is de bedoeling om Steve met de politiepop uit het stadsriool te verjagen. „Steve is een gore schooier, je kunt hem ruiken voordat je hem ziet!”, staat op de verpakking. De pop is in 1990 vlak voor Kerstmis uit de handel gehaald na klachten dat deze kwetsend zou zijn voor daklozen.

In de categorie ‘gevaarlijk’ vallen de Sky Dancers, barbiepoppen met keiharde propellorvleugels die na lancering ongecontroleerd alle kanten oprazen. De Sky Dancers kunnen onder meer tijdelijke blindheid, gebroken tanden, snijwonden en hersenschuddingen veroorzaken, vertelt Doss. Ook interessant is Snacktime Kid, een dikke babypop met automatisch aangedreven kaken die alles vermalen wat in het mondje wordt gestopt. Ook kindervingers.

Als een goede gids bewaart Doss het leukste voor het laatst. Het gaat om de ‘Atomic Energy Lab’, een speelgoedkit uit 1951. Doss glundert iedere keer als hij de doos mag laten zien. De kit bevat laboratoriumapparatuur en vier potjes echt radio-actief materiaal, zoals uranium. De kleine wetenschapper kan hiermee naar eigen inzicht experimenteren en bijvoorbeeld zelf ioniserende straling opwekken. Stralend wijst Doss zijn ongelovige bezoekers op de aanbevelingen op de verpakking: „Exciting! Safe!” En: „Alle radioactieve stoffen in deze kit zijn volkomen ongevaarlijk.”