Beng, , beng. Jackson beng voor de deur

Het gaat hard met de carrière van de Zuid-Afrikaanse regisseur Neill Blomkamp (33) Na zijn gelauwerde debuut District 9 is er een nieuwe film Het is een gruizig scifispektakel dat eigenlijk gaat over het nu

Boven een scène uit Elysium waarin Matt Damon een machinegeweer vasthoudt. Ook Jodie Foster (linkerfoto) heeft een rol in de film.
Boven een scène uit Elysium waarin Matt Damon een machinegeweer vasthoudt. Ook Jodie Foster (linkerfoto) heeft een rol in de film. Foto AP

De Zuid-Afrikaanse regisseur Neill Blomkamp heeft warrig piekhaar, een licht baardje, en begint de meeste antwoorden op vragen van mannelijke journalisten met „Dude!”

De jonge regisseur, hij is 33, zit tegenover een drietal verslaggevers in een comfortabele fauteuil van het Corinthia Hotel in Londen. Hij geeft interviews over zijn tweede sciencefictionfilm Elysium. Als een zenuwachtige hotelmedewerker de regisseur een rinkelend kopje koffie aanreikt, beantwoordt Blomkamp dat met een opgewekt „Thanks, mate!”

In 2009 maakte de toen 29-jarige regisseur grote indruk met zijn debuut District 9, waarin buitenaardse wezens in quarantaine worden gehouden in een ‘township’ van Blomkamps Zuid-Afrikaanse geboortestad Johannesburg. In die stad zette hij zijn eerste stappen in de filmwereld.

Blomkamp groeide op onder het apartheidsregime, en in de vierde klas van zijn middelbare school Redhill, in een voorstad van Johannesburg, leerde hij de 22-jarige Sharlto Copley kennen. Die had in de buurt een productiemaatschappijtje met apparatuur voor eenvoudige 3D-animatie. „Zijn bedrijfje maakte filmopnames in weekeinden, en ik werkte op hun editingafdeling”, legt Blompkamp uit. De twee zijn nog steeds vrienden. Copley vertolkt nu als acteur de rol van huurmoordenaar.

Op zijn achttiende verhuisde Blomkamp naar Canada, maar de vrienden hielden contact – „per fax”, weet Copley te vertellen. Blomkamp: „In Canada kon ik een baantje krijgen als animator van visual effects op televisie, dat was mind blowing, want ik had nooit verwacht om daarvoor betaald te worden.” Hij lijkt er zelf nog steeds een beetje verbaasd om. „Dude, ken je de film die 3000 Miles to Graceland heet? Werkelijk een piece of shit, maar ik heb het hele intro geanimeerd. Dat was de eerste filmklus die ik deed. Ik was toen negentien.”

Vreselijke clips

Blomkamp begon aan zijn eerste jaar aan de filmschool van Vancouver, maar realiseerde zich al snel dat hij meer kon dan de afgestudeerden van die instelling. „Dus ze hebben me laten gaan, na eerst wat geld aan me verdiend te hebben. Iedere stap die ik daarna zette, was erop gericht om regisseur te worden.”

Veel van Blomkamps favoriete regisseurs, zoals Ridley Scott, leerden het vak door het maken van clips en reclames. „Dus ik stopte met visual effects en begon vreselijke clips van lokale bands te regisseren. En commercials. Maar ik háát commercials. Daarom maakte ik daarnaast verschillende zelf gefinancierde korte films.”

Toen ging het snel.

„Beng, beng, beng”, illustreert Blomkamp, „en daar stond Peter Jackson voor de deur.” De regisseur van onder meer de Lord of the Rings-trilogie onderkende in die filmpjes Blomkamps talent, en praatte bij filmfinanciers 30 miljoen dollar los voor debuut District 9. „Ja, ik heb veel aan Pete te danken.”

Een kamer verderop in het hotel zit hoofdrolspeler Matt Damon, met een serieus brilletje op. Het haar dat hij voor Elysium helemaal af moest scheren is weer terug gegroeid. Regisseur Blomkamp, vertelt Damon, doet hem denken aan James Cameron toen deze in 2009 zijn roemruchte film Avatar presenteerde.

Cameron vertelde over de planeet Avatar alsof het een plek was die echt bestond en waar hij zelf geweest was. Hij kon alles tot in detail beschrijven, tot het laatste blaadje aan toe.

„Dat kon Neill ook met Elysium”, zegt Damon. „Hij had een heel boek met voertuigen en wapens getekend, en andere voorwerpen die slechts details zouden worden in de film. Iemand die een gedachte-experiment zover kan doorvoeren, beschikt, denk ik, over de essentiële eigenschappen om goede sciencefiction te maken.”

Blomkamp: „Er moet shit zijn die ik kan ontwerpen en bouwen. Dat hoeft niet noodzakelijkerwijs in een sciencefictionwereld te zijn. Als er maar iets magisch aan is. Cinema moet je erheen brengen, je ver weg laten reizen. In een scène van mijn film kijkt de jonge Max vanaf de aarde naar boven, verlangend naar ruimtestation Elysium waar hij ooit naartoe wil. Dat doe ik ook, ik kijk naar boven en probeer daar te komen.”

Het hotel waar de interviews plaatsvinden straalt overdaad en rijkdom uit. Als de film hier opgenomen was, zou dit Elysium zijn, waar mensen met kanker binnen een paar seconden genezen zijn door een ‘Med-Pod’ en strenge immigratiewetten die bijna niemand binnenlaten, terwijl de armen op aarde vroeg sterven door de slechte gezondheidszorg.

„Maar deze film heeft geen socialistische boodschap, zoals sommigen denken”, benadrukt Blomkamp. „Ik wil absoluut niemand een of ander denkbeeld door de strot duwen. In Elysium observeer ik alleen een onoplosbare situatie. Want ondanks dat het verhaal zich afspeelt in de toekomst, gaat het over het nu. Ik belicht problemen die vandaag aan de orde zijn, maar door ze in de toekomst te plaatsen, kijk je er anders naar.”

Damon: „Elysium is niet prekerig. De maatschappelijke onderwerpen die worden belicht, vinden hun oorsprong in het contrast tussen het derdewereldland Zuid-Afrika waar Neill opgroeide, en het rijke Canada waar hij nu woont. Maar dan in een sciencefictionjasje.”