Opinie

Stéphanie Versteeg Bakfietstraiteur

In de buurt van het Centraal Station in Utrecht houdt zich een man op met een bakfiets vol boterhammen. Hij staat er niet zonder reden. Voor een paar euromunten smeert deze meneer bammetjes voor hongerige forenzen die hun ontbijt zijn vergeten. Dorstige werklieden kunnen er eventueel ook een bakkie pleur bij krijgen. Wie ‘s ochtends vanaf het station naar de Jaarbeurs loopt zal hem en zijn smakelijke vehikel ongetwijfeld tegen het lijf lopen. Reizigers die de andere uitgang kiezen komen gelukkig niets tekort, zij kunnen zomaar overreden worden door andere bakfietsondernemers. Zo rijdt er onder meer een mannetje rond met een tweewieler tjokvol romig schepijs, en heb je er eentje die zijn stalen ros heeft omgedoopt tot frietfiets en de bak gebruikt om aardappeltjes in te frituren. Slimme jongens, die bakfietsers. Bij gebrek aan de middelen voor een goedlopende onroerende horecatent, is een zaak op een fiets een innovatief alternatief. Het heeft zelfs voordelen: scheur met een bak vol versnaperingen naar een populair parkje en je hebt nooit te maken met een lege zaak of vieze tafels. Het lijkt mij ook wel een mooi baantje. Ik zie een fiets vol smakelijke salades, hartige taarten, gevulde groenten en verse pasta’s wel zitten. Wellicht dat ik mijn bak zou kunnen volproppen met picknickproof smulpakketjes. Dan zou ik ik mijn fijnproevende stadsgenoten voorzien van lekker brood, huisgemaakte dipjes, olijven, goede kaasjes en smakelijke vleeswaren. En dat alles gepresenteerd op fleurige wegwerpbordjes en vergezeld met een fris roseetje. Het blijft voorlopig bij dromen, maar wie weet is de fietsende kok over een paar jaar net zo alledaags als de snackautomatiek op de hoek. Tot die tijd zal ik wel flink moeten oefenen op het voorkomen van mijn quiches, plaattaartjes en torentjes van aubergine, tomaat en mozzarella. Want als ik met mijn waren op de fiets stap, dan moet het er uiteraard onberispelijk uitzien.

Snijd de aubergine in de breedte in plakken en bak ze aan beide kanten in de grillpan. Snijd twee tomaten en de mozzarella in plakken en maak twee stapeltjes van de tomaat, aubergine en kaas. Eindig met een plakje mozzarella.

Zet ze vijf minuten onder de ovengrill. Bak de gesnipperde ui en fijngehakte knoflook aan in een beetje olijfolie.

Voeg de overige tomaten hier aan toe en pureer met de staafmixer. Zet de stapeltjes vervolgens op een plat bord en schenk er een beetje tomatensaus om- en overheen.

Schaaf er wat parmezaan bij en garneer met basilicum.