Terugblik: een weekend in Boeken

Wekelijks kijkt NRC Boeken op de Boekenblog terug op het weekend. Deze week, in ons weekendoverzicht: het Anton Tsjechov museum in Rusland en aandacht voor de 30ste Edinburgh International Book Festival

Dit weekend begon de dertigste editie van de Edinburgh International Book Festival, het literatuurfestival dat tot en met 26 augustus duurt. Dit weekend kwam onder andere een openhartige Salman Rusdie (1947) aan het woord. In een interview tijdens het Schotse literatuurfestival in die ‘ultieme literatuurstad’ vertelde de Brits-Indiase schrijver over de negen jaar die hij doorbracht in een landelijk huis naar aanleiding van de fatwa die Ayatollah Khomeini in 1989 tegen hem uitsprak. Soms was zijn onderduikperiode ronduit komisch, vertelt Rusdie. Zoals het moment dat de bevriende collega-schrijver Hanif Kureishi hem bezocht, een beveiligingsagent een pistool in het huis liet liggen en Kureishi de agent achterna riep en schreeuwde ‘agent, u heeft uw schieter laten liggen!’. Rusdie verbaasde zich ook geregeld over de beveiliging, die bestond uit een paar gepantserde jaguars voor zijn huis:

“Het lastige was niet mij verstoppen, maar die beveiligers. Het leek daar wel een politiecongres.”

Rusdie nam in Edinburgh ook alle tijd voor fans, tot groot genoegen van zijn (Twitter)fans:

Twitter avatar MichaelMacLeod1 Michael MacLeod Nice to see @SalmanRushdie taking time to talk to fans at the #edbookfest signing tent. http://t.co/NpUTX36e9i

Alison Smale bezocht voor The New York Times een ‘modest jewel’ in het hart van Rusland. In Melikhovo, op het voormalig landgoed dat de Russische schrijver Anton Tsjechov (1860-1904) in 1892 op 32-jarige leeftijd kocht en waar de schrijver 42 werken (waaronder De meeuw) schreef, staat het museum van de Russische schrijver dat volgens Smale zowel een ode is aan een van de grootste schrijvers van de moderne tijd als een prachtige inkijk geeft in honderd jaar Russische geschiedenis.

Ieder object van de schrijver lijkt te zijn bewaard, schrijft Smale:

‘No item seemed too small to preserve: the writer’s pince-nez on his desk, the shirt collars in his wardrobe, the objects stuffed into wooden cupboards and metal safes in Ms. Tchaikovskaya’s [conservator, red.] crammed office, formerly the bedroom of Chekhov’s mother.)’

Jaarlijks bezoeken zo’n honderdduizend mensen het museum, dat volgens Smale in nabijgelegen dorpjes maar slecht wordt aangegeven.