Prince vlamt in frisse en solide rockshow

Prince tijdens een van zijn verrassingsconcerten gisteren in Paradiso in Amsterdam. Fotograferende fans werden de zaal uitgezet.
Prince tijdens een van zijn verrassingsconcerten gisteren in Paradiso in Amsterdam. Fotograferende fans werden de zaal uitgezet. Foto Andreas Terlaak

Het eerste van de twee kort van tevoren aangekondigde concerten van Prince in Nederland ging gisteravond vliegend van start met een geweldig rockende versie van Let’s Go Crazy. De superster had drie dames meegenomen naar Amsterdam met wie hij samen een nieuwe band heeft opgericht. „Wij zijn 3rdEyeGirl”, zei hij tegen het publiek in Paradiso, „en mijn naam is Prince.”

Met 3rdEyeGirl laat Prince zijn voorliefde voor funky jamsessies en improvisaties even voor wat het is en vergroot hij een andere kant van zijn veelzijdige muzikale karakter uit. De drie muzikanten – gitariste Donna Grantis, bassiste Ida Nielsen en drumster Hannah Ford – fungeren tijdens de huidige clubtour van Prince als rechttoe rechtaan ronkende motor van een wervelende, opvallend frisse rockshow.

De ongeveer 1.500 bezoekers van het eerste concert in Paradiso – rond middernacht was er nog een tweede optreden – kregen voor hun kaartje van 100 euro een rockster in zijn element te zien, die uitvoerig met zijn gezichtsuitdrukkingen meehuilde met de geweldig vonkende klanken van zijn gitaar in nummers als Guitar, Bambi en I Like It There. Boven het podium trokken curieuze videobeelden voorbij – een zwaan, tulpen – maar de compacte rockformatie hield de aandacht vol op het podium.

Gitariste Donna Grantis kronkelde solerend over de grond en Prince ademde de geest van zijn idool Jimi Hendrix in lange gierende solo’s; met een been over zijn gitaarhals geslagen, of met een verkrampt gezicht de laatste tonen uit zijn gitaarkast rammelend. De muzikanten waren rauw en fel in uitvoeringen van Dreamer en het recente Screwdriver en varieerden effectief tussen volle bak en meer rustige ritmes.

Voor Donna Grantis was een opvallende glansrol weggelegd. De Canadese gitariste kreeg op haast gelijke voet met Prince de ruimte om haar gitaar te laten jakkeren. Ze was van de drie vrouwen duidelijk muzikaal superieur; de drummer en bassist waren niet erg opvallend.

Ronduit wonderschoon was het ingetogen Sometimes It Snows In April, door Prince mooi zacht gespeeld en huiveringwekkend gezongen, met treffende blues-tonen. Afsluiter Purple Rain speelde hij ontspannen op toetsen, met een gloedvol meezingende zaal. Het was het slotstuk van een solide rockshow, waarin de veteraan zijn materiaal soms liet vlammen alsof hij het net in een snikhete oefengarage had geschreven.