Obama kan debat NSA niet sussen

Obama belooft meer inzicht te geven in de werkwijze van de NSA, maar de praktijken van de dienst blijven omstreden.

President Obama verzekerde vrijdag dat de onthullingen van klokkenluider Edward Snowden er niets mee te maken hadden. Maar de maatregelen die hij aankondigde om de werkwijze van de inlichtingendienst NSA transparanter te maken, waren wel bedoeld om tegemoet te komen aan de ongerustheid die ontstaan was nadat via Snowden was uitgelekt dat de NSA op enorme schaal telefoon- en internetgegevens verzamelt. „We kunnen en moeten transparanter zijn”, aldus Obama.

De burgerrechtenorganisatie ACLU verwelkomde dat de president aan de maatschappelijke druk had toegegeven – al waren de maatregelen die hij in het vooruitzicht stelde volgens de organisatie „te weinig en te laat”. WikiLeaks-voorman Julian Assange noemde Obama’s aankondiging „in zekere zin een overwinning voor Edward Snowden”.

Obama deed zijn uitspraken op de laatste persconferentie voor zijn vakantie. Hij zegde toe dat er een eind komt aan de situatie waarbij de geheime rechtbank die toezicht houdt op de praktijken van de NSA, slechts de argumenten hoort van het ministerie van Justitie. In de toekomst zal het betoog van het ministerie op de zitting bestreden kunnen worden door een jurist die speciaal opkomt voor de privacy van particulieren.

Ook krijgt de NSA zelf een privacy-toezichthouder. En de Patriot Act wordt aangepast om te voorkomen dat willekeurige Amerikanen onder de loep genomen worden.

Obama richtte zich niet alleen tot zijn landgenoten. „Aan anderen over de hele wereld wil ik duidelijk maken dat Amerika niet geïnteresseerd is in het bespioneren van gewone mensen.” De inlichtingendienst is er vooral op gericht „onze bevolking, en in veel gevallen onze bondgenoten, te beschermen. Het is waar dat we veel kunnen. Maar het is ook waar dat we terughoudender zijn dan veel andere regeringen.”

Obama hield eraan vast dat het van cruciaal belang is op grote schaal telefoon- en internetgegevens te verzamelen, en in bepaalde gevallen ook af te tappen. Hij zei dat hij al voordat Snowden naar buiten trad een onderzoek naar de activiteiten van de NSA had gelast, en dat de klokkenluider er alleen toe had bijgedragen dat het debat erover sneller is begonnen.

„De vraag is, hoe zorg ik dat de Amerikanen zich hierbij op hun gemak voelen”, zei hij. De president lichtte dat toe met een huiselijke vergelijking: „Als ik Michelle zeg dat ik de afwas heb gedaan – toegegeven, in het Witte Huis doe ik dat niet zo vaak, maar vroeger – dan is ze wat sceptisch. Ik wil dat ze me vertrouwt, maar misschien moet ik haar meenemen naar de keuken om haar de schone vaat te laten zien, zodat ze me niet op mijn woord hoeft te geloven.”

In het Congres verweten Republikeinen Obama dat hij gezwicht is voor politieke druk en dat hij het de NSA nu moeilijker maakt om effectief te functioneren. The New York Times schreef in een commentaar juist dat Obama lang niet ver genoeg gaat.

Volgens Obama heeft de pers aspecten van de kwestie „zo sensationeel mogelijk” naar buiten gebracht. „Als je krantenkoppen ziet over Big Brother die je telefoongegevens verzamelt, is het begrijpelijk dat mensen ongerust zijn. Dat zou ik zelf ook zijn, als ik niet in de regering zat.”