Veel privaat geld naar universiteit

Nederlandse wetenschappers zijn zeer in trek bij het internationale bedrijfsleven. Wereldwijd halen ze, na onderzoekers uit Zuid-Korea en Singapore, het meeste op aan private investeringen: gemiddeld 72.800 dollar per onderzoeker. In Europa scoort Nederland met dat bedrag het hoogst. Dat blijkt uit onderzoek van het Britse tijdschrift Times Higher Education.

De uitkomst van het onderzoek is verrassend. Het algemene beeld is dat bedrijven juist betrekkelijk weinig investeren in onderzoek aan de Nederlandse universiteiten. „Ik zeg al jaren dat dat beeld niet klopt”, zegt Emmo Meijer. Hij is hoofd onderzoek & ontwikkeling bij zuivelbedrijf FrieslandCampina, en bekleedde eerder dezelfde functie bij de Nederlandse multinationals Unilever en DSM. Hij noemt de samenwerking tussen bedrijfsleven en universiteiten „al jaren goed”.

Het Britse tijdschrift gebruikte voor zijn onderzoek de ranglijst van de top-400 universiteiten die het jaarlijks samenstelt. Ze moeten onder meer opgeven hoeveel bedrijfsinvesteringen ze ontvangen. Het bedrag dat elke universiteit opgeeft wordt gedeeld door het aantal wetenschappers aan die universiteit. Daarna wordt het nog gecorrigeerd voor koopkracht. Voor het eerst is op basis daarvan nu een aparte ranglijst gemaakt, per land.

„Dat Nederland zo goed scoort heeft er vooral mee te maken dat nogal wat universiteiten erg toegespitst onderzoek doen”, zegt Phil Baty, de redacteur die de jaarlijkse ranglijst samenstelt samen met dataverwerker ThompsonReuters. Wageningen UR legt zich bijvoorbeeld toe op agrofood. Ook de drie technische universiteiten in Delft, Eindhoven en Enschede hebben duidelijke profielen. Bedrijven weten hen makkelijk te vinden, mede omdat het niveau van onderzoek hoog is.

De Verenigde Staten en Groot-Brittannië scoren slecht op de ranglijst, respectievelijk op plaats 14 en 26. „Zij hebben veel grote, algemene universiteiten in onze top-400”, zegt Baty. „Daar zitten ook veel wetenschappers die weinig bedrijfsgeld aantrekken. Filosofen, historici.”

Andere Europese landen die relatief hoog scoren zijn België, Zweden en Denemarken. Voor de rest valt Europa tegen, aldus Baty. Azië doet het juist opvallend goed. Hier is specifieke expertise op het gebied van technologie en computerwetenschappen, aldus het Britse tijdschrift.