‘Als ik het dorp uit ben, heb ik al een vakantiegevoel’

Hans Dol en Rosan Smit gaan met hun drie kinderen op vakantie naar Texel. Ze stellen weinig eisen, maar: „We willen niet met een wc-rol over de camping lopen.”

‘Een ijsje eten is al een avontuur’

Rosan: „Omdat Hans als huisschilder veel werk heeft in de zomer, kunnen we maar een weekje op vakantie.”

Hans: „Maar dat is niet erg, want met kleine kinderen kom je toch niet zo ver. Daar ren je meer achteraan dan dat je vakantie hebt.”

Rosan: „We gaan wel veel dagjes uit in de zomer. Als Hans vrij kan nemen, gaat-ie mee, anders ga ik alleen. De kinderen vinden een reisje met de trein naar de stad en daar een ijsje eten al een geweldig avontuur.”

Hans: „Onze oudste dochter zegt wel eens: moeten we nou alweer weg? Ze zijn met heel weinig tevreden.”

Rosan: „Vorig jaar zomer zijn we naar het huisje van mijn vader op de Veluwe geweest. Dat wilden we dit jaar ook, maar mijn zus gaat er al heen. Nu gaan we naar een huisje op Texel. Voor de kinderen geeft de bootreis van Den Helder naar Texel het idee dat we heel ver weg gaan, terwijl we er zo zijn. Zelf heb ik dat ook trouwens: als ik het dorp uit ben, heb ik al een vakantiegevoel. We zijn snel tevreden. Al zou ik volgend jaar best twee weken naar Frankrijk willen, dan weet je tenminste zeker dat je mooi weer hebt. We zijn ook wel eens thuisgebleven in de zomervakantie, maar dan kom je niet uit je dagelijkse ritme.”

‘Een week zon is wel genoeg’

Hans: „Ik neem nooit een laptop mee als we op vakantie gaan. En de telefoon neem ik ook meestal niet op. Al mijn werk voor deze zomer is namelijk al ingeboekt. Ik zou best twee of drie weken vrij willen in de zomer, maar dat kan financieel niet. En nu de kinderen zo klein zijn, hoeft dat ook niet. Later misschien. Maar om nu met het vliegtuig weg te gaan, nee, daar zijn ze nog te jong voor.”

Rosan: „Hans houdt niet zo van grote reizen. Hij vindt skiën geweldig. Elk jaar gaat hij met vrienden een week op wintersport. Ik ben niet zo van het skiën, bang dat ik val.”

Hans: „Ik wil iets te doen hebben in m’n vakantie. Een week in de zon liggen is lekker, maar dan is het wel genoeg.”

Rosan: „Al zijn we wel eens samen naar de Dominicaanse Republiek geweest toen we nog geen kinderen hadden. Maar een grote reis samen zit er niet zo snel meer in. Ik zou nog heel veel plekken in de wereld willen zien, maar ik moet er niet aan denken om een paar weken mijn gezin niet te zien. Het lijkt me wel leuk om een grote reis te maken als de kinderen hun diploma hebben. Maar dat duurt nog even.”

‘Weekend op de boerencamping’

Rosan: „Buiten de zomer gaan we regelmatig weg. In de herfstvakantie bijvoorbeeld gaan we een week naar Gran Canaria met mijn familie – mijn vader betaalt. En in juli zijn we een weekend weg geweest met dertien stellen en 26 kinderen. Kamperen in het dorp hiernaast, op een boerencamping. Dat doen we elk eerste weekend van de zomervakantie. Verder gaan we naar Sprookjeswonderland bij Enkhuizen, naar de dierentuin en ik heb gratis kaartjes voor pretpark Koningin Juliana Toren in Apeldoorn. Ik kom bekaf terug van zo’n dag uit met de kinderen, maar het scheelt de helft dat de kinderen zich zo vermaken. Als ik me echt zélf wil amuseren, dan moet ik zonder de kinderen met vakantie gaan. In september gaan Hans en ik samen een weekend weg, naar een bed and breakfast in de Jordaan. Dat is een hele onderneming, want je hebt drie oppasadressen nodig.”

Hans: „We stellen niet al te veel eisen tijdens de vakantie. Maar we huren wel altijd een huisje als we met het gezin op pad gaan. Ik wil er wel een beetje knap bij zitten als we maar één keer per zomer echt op vakantie gaan. Een douche, een keuken, niet met een wc-rol onder je arm over de camping lopen.”

Rosan: „Nee, een beetje comfort is wel lekker. Ik zie mezelf niet een week in een tent zitten.”

‘We zien wel hoe het loopt’

Rosan: „Misschien is het op vakantie nog wel drukker dan thuis. Thuis spelen ze met de buurkinderen, kennen ze de weg. Op vakantie moet je toch meer opletten. Hooguit kook je wat minder en ga je wat vaker uit eten.”

Hans: „In de vakantie hebben we geen taakverdeling. We zien wel hoe het loopt.”

Rosan: „Thuis regelt Hans het ontbijt en kleed ik de kinderen aan. In de vakantie is dat minder gestructureerd. Heerlijk! Ik kan echt uitkijken naar de vakantie, al kijk ik aan het eind weer uit naar de structuur: half 9 de kinderen de deur uit, 10 uur de boodschappen in de kast.”

In Zomer Spitsuur vertellen stellen en singles hoe zij werk en privé deze zomer combineren. Meedoen? Mail naar werk@nrc.nl