Niemand wist dat meisje ziek was

Een Georgisch meisje werd uitgezet terwijl zij acute leukemie had. Maar niemand wist dat zij ziek was, zegt staatssecretaris Teeven.

De overheid wist ten tijde van haar verblijf in Nederland „op geen enkel moment” dat het Georgische meisje Renata Agamiryan leukemie had. Dat schreef staatssecretaris Teeven (Veiligheid en Justitie, VVD) gisteren aan de Tweede Kamer. Het ernstig zieke meisje werd eind november 2012 naar Polen uitgezet, het land waar het gezin Agamiryan de EU was binnengekomen. Pas in Polen bleek dat zij acute leukemie had.

Nogal wiedes dat haar ziekte in Nederland niet bekend was, zegt Kamerlid Gerard Schouw van D66. „Als je er geen onderzoek naar doet! Ik kan me niet voorstellen dat als de zorg in Nederland adequaat geweest was, dit niet naar boven was gekomen.” Op de vraag of de kwaliteit van de zorg voor het meisje voldoende was, wilde Teeven niet vooruitlopen. De Inspectie voor de Gezondheidszorg en de Inspectie Veiligheid en Justitie stellen een onderzoek in.

Nederland heeft ook niet gekeken of het zieke meisje wel fit to fly was, zoals normaal gesproken gebeurt met zieke vreemdelingen die op het punt van uitzetten staan. „Zo’n test vindt alleen plaats als er medische aanleiding toe is.” En die ontbrak immers in Renata’s geval. Ook hier verwondering, van Eddy van Hijum (CDA): „Nee, als je signalen van het gezin dat het niet goed met haar gaat, niet serieus neemt, kómen er ook geen officiële indicaties dat het meisje ziek is.”

De staatssecretaris benadrukt in zijn brieven aan de Kamer dat de zaak-Renata plaatshad vóór de kwestie rond de Russische asielzoeker Dolmatov speelde. Dolmatov pleegde zelfmoord in vreemdelingendetentie, terwijl hij daar niet hoorde te zijn. „Voor alle duidelijkheid, de casus van Renata speelde in november vorig jaar.” Ze werd dus uitgezet vóór de toezeggingen die Teeven in april deed: dat de overheid meer oog voor de individuele vreemdeling zou hebben. Teeven vindt het „schokkend” dat deze zaak met die van Dolmatov wordt vermengd, zei hij gisteren tegen de NOS.

Toch zal die associatie blijven terugkomen. Elk incident rond de behandeling van vreemdelingen zal de vraag oproepen of dit kabinet humaan met uitgeprocedeerde vreemdelingen omgaat. En of de Immigratie- en Naturalisatiedienst, de Dienst Terugkeer en Vertrek en de medische staf van detentiecentra juist en alert handelen.

Die dynamiek heeft de staatssecretaris over zichzelf afgeroepen, zegt Gerard Schouw. Tijdens het debat over Dolmatov verzekerde Teeven immers dat zo’n samenloop van omstandigheden „tragisch, maar uniek” was. Volgens Teeven is er niets structureel mis met de manier waarop Nederland vreemdelingen behandelt. Schouw: „En dus is elk incidenteel geval een soort bom voor hem.”

Teeven lijkt met zijn verwijzing naar de chronologie zijn verantwoordelijkheid te ontwijken, zegt Eddy van Hijum. „De volgorde maakt niets uit. Als de zorg niet voldeed, is Teeven verantwoordelijk.” De oppositie wil vóór Prinsjesdag met Teeven in debat over de resultaten van het onderzoek van beide inspecties.