Een sinistere blik op het snelwegennet van Amerika

Ginger Strand: Killer On The Road. Violence and the American Interstate. Un. of Texas Press, 252 blz. € 24,-

Hou je ogen op de weg, en je handen aan het stuur – waarschuwde Jim Morrison van The Doors in een ode aan de vrijheid én het gevaar op Amerikaanse snelwegen. Op dezelfde plaat bromde hij, dreigend, over een ‘moordenaar op de weg’. De door Morrison bezongen dubbelzinnige verhouding van Amerikanen tot hun snelwegen is ook het thema van Ginger Strands Killer On The Road, genoemd naar die laatste song van The Doors. Haar boek is een subtiele analyse, meer een lang essay, over de beeldvorming én de realiteit van het geweld langs Amerikaanse interstate highways, de snelwegen die dwars door staten gaan.

Die snelwegen symboliseren niet alleen vrijheid, ze gaven ook voedsel aan een populair schrikbeeld: dat van de moordende lifter. Toen de meeste Amerikanen nog geen auto hadden, tot ver in de jaren veertig, werd liften gezien als een vrij normale manier om je te verplaatsen. In de jaren vijftig, toen het autobezit wijdverbreid was geraakt en de grote trek naar Suburbia was begonnen, sloeg het imago van de duimreiziger om: de lifter was nu de onaangepaste eenling, een gevaar langs de weg.

Dat idee leeft nog steeds, mede dankzij Rutger Hauers vertolking van een liftende psychopaat in Hitchhiker. Maar de werkelijkheid was precies omgekeerd. Het echte gevaar was niet die lifter, maar de man met zijn handen aan het stuur. Zoals de 19-jarige Charles Starkweather, die met zijn vriendin in januari 1958 van Nebraska naar Wyoming scheurde, en onderweg koelbloedig elf mensen vermoordde. Het leverde de grondstof voor Terence Malicks film Badlands en Bruce Springsteens song ‘Nebraska’.

De beschrijving van Starkweathers hellevaart in dit boek is huiveringwekkend. Maar veel breder, en belangwekkender, zijn de hoofdstukken waarin Strand de infrastructuur analyseert waarin zulke misdaden kunnen plaatsvinden: het netwerk van supersnelwegen dat in de jaren vijftig als een web van nieuwe mobiliteit over de Verenigde Staten werd gespannen. De naoorlogse bloei van de Amerikaanse economie stimuleerde het vrachtvervoer en de trek van de stedelijke middenklasse naar slaapsteden die alleen met de auto bereikbaar waren.

Strand maakt aannemelijk dat er een verband is tussen dat nieuwe snelwegnetwerk en een toename in mobiele moorddadigheid. Zo laat ze zien hoe gemeenschappen in de oude steden werden vernietigd door de komst van de interstates, die dwars door – vaak zwarte en arme – woonwijken werden aangelegd. Sociale ontworteling, verloedering van ooit bloeiende buurten en een stijgende criminaliteit waren het gevolg. De moorden op zwarte kinderen die Atlanta begin jaren tachtig in hun greep hielden, vonden plaats in wijken en buurten die waren verwoest door de aanleg van snelwegen.

Ze legt een nóg beklemmender en meer actueel verband, met vrachtvervoer en truckers. De meeste geweldsslachtoffers langs de snelweg zijn niet lifters, of mensen met autopech, maar lot lizards, jonge hoertjes die hun diensten aanbieden op truck stops. Het leven van deze meisjes is goedkoop; geen haan kraait ernaar als ze verdwijnen. Hun gruwelijke lot is volgens Strand een ongeschreven drama van modern Amerika: ze hebben geen steun in de publieke opinie, geen invloedrijke families, en geen belangstelling van de pers.

Dit is het meest indringende deel van het boek. Exacte cijfers zijn niet te geven, en schattingen zijn omstreden; onder prostituees in het algemeen ligt de moordratio in de VS op 229:100.000 (onder de gehele bevolking 5:100.000).

De FBI zag in 2009 in elk geval genoeg aanleiding om een ‘Highway Serial Killings Initiative’ (HSKI) op te zetten, dat het onderzoek naar vermiste jonge vrouwen langs de snelwegen hoge prioriteit moet geven.

Strand klaagt de hele branche aan: truck stops (ruim 10.000) moeten veranderen van louche zuipholen in echte rustplaatsen, compleet met salad bar, de vrachtsector moet de eisen aan truckers opschroeven en hun arbeidsomstandigheden herzien.

Een urgent slot van een subtiele – en sinistere – blik op de weg.