Dringen op het fietspad: twee keer bellen graag

Meer of bredere paden leiden niet tot veiliger fietsen. Een beter wegdek en wat simpele regels wél, stelt Paul Veldhuis.

Illustratie Paul Zanetti

In tegenstelling tot wat iedereen denkt – en door menigeen zelfs gepropageerd wordt – is Nederland beslist geen ideaal fietsland. Dat wordt nog eens bevestigd in het opiniestuk van Jeroen Dirks (NRC, 30 juli). In het dagelijkse woon-werkverkeer kom ik heel wat fietsongemakken tegen, maar die neem ik dan maar, met tegenzin, voor lief. De oproep van Dirks aan overheden, NS en anderen kan ik van harte ondersteunen: denk als een fietser, voordat je maatregelen of voorzieningen treft.

Als snelle toerfietser (racefiets) ben ik geen liefhebber van fietspaden. Meer en bredere fietspaden bieden geen oplossing. Er zijn eerder te veel en ‘foute’ fietspaden: nutteloze die parallel liggen aan rustige weggetjes, losse stukken fietspad, onnodig kruisen van hoofdwegen, haakse bochten, dorpels, gootjes, richels, slecht wegdek, smalle en te drukke fietspaden, brommers op het fietspad en onduidelijk ontworpen rotondes. De regio Kennemerland biedt hiervan talrijke voorbeelden, waarbij het stationsgebied aan de noordzijde in Haarlem qua fietsongemakken wellicht de kroon spant. De fijnste fietspaden zijn overigens te vinden op wegen die aan weerszijden rood zijn afgezoomd.

Nederland wordt een stuk fietsbaarder door toepassing van een aantal, soms vergeten, simpele spelregels en maatregelen. Racefietser, schaf een fietsbel aan en gebruik hem ook. Twee keer kort achter elkaar bellen is heel effectief. Het wordt dan gelijk een stuk beschaafder op het fietspad, omdat schreeuwen en schelden achterwege kunnen blijven.

Wees alert op wat komen gaat, fiets dus anticiperend en matig de snelheid op een fietspad in woongebieden. Geef voetgangers en vooral kinderen – al dan niet op fietspad – altijd de ruimte en/of voorrang.

Gebruik de rijweg, daar waar het kan, zelfs als er een fietspad is. Dit doe ik bij de vele rotondes en bij fietspaden die al dan niet verplicht of smal zijn, veel uitritten kruisen, of een slecht wegdek hebben. Kortom: vermijd alle fietspaden die hinderlijk zijn voor de veiligheid van de fietser en het lekker doorfietsen met een redelijk hoge snelheid belemmeren.

Fiets op mooie weekenddagen bij voorkeur in de ochtend en vermijd gebieden en fietspaden die druk bezocht of gebruikt worden. ’s Middags is half Nederland immers met de fiets op stap.

Wij racefietsers houden niet van onnodig remmen. Dus als wij bellen, om u als ‘gewone’ fietser te passeren, dan niet eerst omkijken, maar direct naar rechts en blijven doorrijden. Samenscholingen op het fietspad vanwege een gezellig praatje, een reparatie of om wat te eten zijn ook niet bevorderlijk voor de veiligheid en uiteraard het gemiddelde tempo.

Wegbeheerders en gemeenten doen er goed aan regelmatig per fiets met tot 6 à 7 bar opgepompte banden de fietspaden op te gaan, om vervolgens te constateren dat de kwaliteit van de toplagen van fietspaden en wegen behoorlijk uiteenloopt. Met een beetje pech ervaren ze meteen dat brommers en scooters op het fietspad een grote kwaal zijn.

En dan de rotondes. De ideale rotonde is de ‘Duitse’ rotonde. Dat is een rotonde van een eenduidig en helder ontwerp, waarbij het fiets- en voetpad meeloopt. Voor iedereen is dan duidelijk dat ook fietsers voorrang hebben op een rotonde. Wel zo veilig en makkelijk. In mijn regio Kennemerland liggen vele rotondes in vele uitvoeringen met evenzovele onduidelijke en verschillende voorrangsregels.

Ook fietsers hebben last van filevorming. Een groene golf, minimaal in de ochtend- en avondspits, en voldoende rijbreedte en opstelruimte bij verkeerslichten zou veel fietsleed kunnen voorkomen.

Tenslotte nog een tip voor alle fietsers. Om dodehoekongevallen te voorkomen: blijf altijd achter rechts afslaande vrachtwagens en bussen. Eigenlijk zou dit wettelijk vastgelegd moeten worden.

Met aanpassing van ons gedrag en uitvoering van enkele goedkope maatregelen valt er in Nederland op de fietspaden nog een hele wereld te winnen.

Paul Veldhuis is toerfietser.