Sorry voor de stress en commotie, zegt Spierings

Wéér is China in de ban van een zuivelschandaal. De Nederlandse topman van Fonterra staat onder druk: in maart wist zijn bedrijf al van het gevaar.

Het crisismanagement van Theo Spierings, de Nederlander die aan het hoofd staat van de in opspraak geraakte zuivelgigant Fonterra, begon vandaag in Beijing met een knieval. „Wij betreuren de stress en commotie die zijn veroorzaakt door dit onderwerp. Wij begrijpen dat ouders en andere consumenten wereldwijd zich zorgen maken”, zei hij op een persconferentie. „Ouders hebben het recht te weten dat kindervoeding veilig is.” Maar ook: „Het is een kwestie van hygiëne en dat mag niet gebeuren – maar mensen maken nou eenmaal fouten.”

Voor Spierings staat niet alleen het welvaren van zijn bedrijf op het spel, maar ook de toekomst van het belangrijkste exportproduct van Nieuw-Zeeland. De bestuursvoorzitter moet de Chinese overheid en consumenten zien te overtuigen dat melkproducten van Fonterra veilig zijn. Fonterra is niet alleen het vierde zuivelbedrijf ter wereld, maar ook goed voor 10 procent van het Nieuw-Zeelandse bruto nationaal product.

Afgelopen weekend kwam Fonterra met een pijnlijke bekendmaking: bij de productie van een geconcentreerde vorm van melkwei – een eiwitconcentraat – is een potentieel levensgevaarlijke bacterie aangetroffen. Volgens Spierings is duizend ton aan zuivelproducten van zijn bedrijf besmet. De melkwei werd vorig jaar mei geproduceerd. Tests wezen nu pas op de aanwezigheid van de bacterie die botulisme, een dodelijke verlammingsziekte, veroorzaakt.

Volgens Fonterra is mogelijk besmet melkweiconcentraat terechtgekomen bij acht levensmiddelenfabrikanten. Zij verkochten de producten in China, Australië, Thailand, Maleisië, Vietnam en Saoedi-Arabië. Melkwei ontstaat bij het maken van kaas. Doorgaans is het een bijproduct, maar melkwei bevat veel eiwitten en het concentraat wordt gebruikt in babymelk en sportdranken.

Fonterra zegt nauw samen te werken met de betrokken levensmiddelenfabrikanten, onder meer Coca-Cola, Danone, Nutricia en Hangzhou Wahaha, om te testen of hun drankjes en melkpoeder besmet zijn. Tot nu toe zijn er, volgens Fonterra, geen gevallen bekend van mensen die ziek zijn geworden.

Toch is de schade voor Fonterra en Nieuw-Zeeland groot. In China ligt besmette melk gevoelig. Sinds in 2008 zes kinderen stierven na het drinken van met een chemische stof (melamine) aangelengde melk en 300.000 baby’s ziek werden, verkeren ouders van pasgeborenen en peuters in permanente staat van angst over de kwaliteit van melkpoeder. Het feit dat bijna de helft van de met een botulismebacterie besmette Nieuw-Zeelandse melkwei al was verkocht en verwerkt in verschillende melkpoederproducten en drink-yoghurt voordat het probleem werd ontdekt, heeft het wantrouwen alleen maar vergroot, zo blijkt uit de reacties op Weibo (het Chinese Twitter) en in de officiële media. De Chinese Voedsel- en Medicijneninspectie moet het – niet voor het eerst – zwaar ontgelden. De besmetting werd ook niet in China ontdekt, maar door grootleverancier Fonterra in Nieuw-Zeeland.

Gisteren vreesde de Nieuw-Zeelandse minister van Handel Tim Groser dat China een importverbod op álle melkproducten uit Nieuw-Zeeland en Australië had afgekondigd. Vanochtend liet Fonterra weten dat van een importverbod geen sprake is. Melkpoeder mag volgens de Chinese autoriteiten nog wel verhandeld worden, maar de melkweiproducten van Fonterra worden tegengehouden. Rusland, dat volgens Fonterra geen mogelijk besmette producten heeft ontvangen, heeft wel alle Nieuw-Zeelandse zuivelproducten verboden, erkent Fonterra.

Zuivel is het belangrijkste uitvoerproduct van Nieuw-Zeeland. Jaarlijks verscheept het land voor 13,5 miljard Nieuw-Zeelandse dollar (8 miljard euro) aan melkproducten, in waarde is dat een kwart van de totale uitvoer. Fonterra neemt volgens minister Groser bijna 90 procent van de export van zuivel voor haar rekening. Circa 90 procent van geïmporteerde melkproducten in China komt uit Nieuw-Zeeland.

Volgens analisten is een Chinees verbod op Nieuw-Zeelandse melk onhoudbaar. Zonder de aanvoer zouden al snel tekorten en lege schappen ontstaan. Prijzen zouden door het dak gaan, en armeren zouden niet in staat zijn babymelk te kopen.

Door de welvaartsgroei in China en Zuidoost-Azië zijn de graslanden van Nieuw-Zeeland en Australië uitgegroeid tot de melkfabrieken van de regio. Chinese en andere Aziatische boeren kunnen simpelweg niet genoeg melk produceren om aan de vraag te voldoen. En Chinese consumenten prefereren, na de eerdere schandalen, buitenlandse melk. Ze zijn superalert, omdat zij de officiële inspectiediensten niet vertrouwen. Dat wantrouwen, dat na 2008 werd versterkt door een nieuwe reeks melkpoederschandalen, is de oorzaak van de run op buitenlandse melkproducten die in China hoofdzakelijk afkomstig zijn uit Australië en Nieuw-Zeeland – en ook in Nederlandse winkelschappen zichtbaar is.

Toen Theo Spierings in 2011 werd aangesteld als bestuursvoorzitter werd hij vooral geroemd om zijn internationale ervaring. Voor Friesland Foods werkte hij in grote ontwikkelingslanden als Nigeria en Indonesië, waar melkpoeder onmisbaar is geworden als voeding voor baby’s en peuters. Spierings vertrok in 2009, nadat hij als waarnemend voorzitter de fusie van Friesland Foods met Campina had begeleid. Bij zijn aanstelling verkondigde hij van Fonterra een „dominante wereldspeler” te willen maken.

Twee dagen nadat Fonterra erkende dat er mogelijke besmette producten in omloop zijn, staat Spierings onder druk. In een praatprogramma toonde de Nieuw-Zeelandse premier John Key zich verontwaardigd dat Fonterra in maart al op de hoogte was van het mogelijk besmettingsgevaar. Fonterra koos ervoor meer onderzoeken uit te voeren, in plaats van de resultaten bekend te maken en producen terug te roepen. Key: „Je zou verwachten dat een bedrijf dat het vlaggenschip is voor de Nieuw-Zeelandse economie in zo’n kwestie erg voorzichtig zou zijn. Ik zou verwachten dat bij de eerste vreemde testresultaten ze de producten zouden weggooien. Dit zijn onderwerpen waar de bestuursvoorzitter ooit verantwoording over moet afleggen.”