Een donkere Dickensiaanse feelbad-soap

Dickens’ Bleak House is niet zo kil als het lijkt.
Dickens’ Bleak House is niet zo kil als het lijkt.

Bleak House België Eén, 23.15-0.15 uur

Tamelijk bekend is het einde van het meer dan duizend pagina’s tellende Dickensroman Bleak House: inspecteur Buckett reconstrueert scherp redenerend maar losjes pratend een moordzaak terwijl alle verdachten om hem heen zitten, in één kamer. En nee, de man die we allemaal verdenken is het niet. Dickens was de eerste die zo’n scène schreef. Dat was halverwege de negentiende eeuw. Detectives als Sherlock Holmens, Hercule Poirot en Miss Marple zouden het daarna duizenden keren herhalen.

Deze slotscène van de enige beroemde Dickensroman die nooit in het Nederlands is vertaald, zit ook in de prachtige tv-serie die Andrew Davies in 2004 maakte van het boek. Maar niet nadat Davies een bijna acht uur lang durende feelbad-soap opdiende vol kleurrijke Dickenspersonages, met onbeantwoorde liefdes, dood, drugs (opium) en hypocrisie (die Britse klassemaatschappij ook) – en dat allemaal tegen de achtergrond van een volkomen ondoorgrondelijke rechtszaak over een erfenis, een zaak die wel „de vloek van de familie” wordt genoemd en die inderdaad meer verliezers dan winnaars kent.

Maar zo begint het allemaal niet. Al in de eerste aflevering, vanavond bij de Belg te zien, concludeert hoofdpersoon Esther Summerson, een wees die een van de erfgenamen blijkt: „Well, Bleak House isn’t so bleak after all”. Gelijk heeft ze.