Opinie

Waarom mist kabinet eigen groei-agenda?

Nu lijkt het al lang geleden, maar vorig jaar om deze tijd heerste de stilte voor de storm van een korte, maar drieste verkiezingscampagne. In een interview op 16 augustus 2012 in Het Financieele Dagblad trapte de gedoodverfde premier (althans in de peilingen), SP-leider Emile Roemer, de campagne af. Hij maakte wat behartigenswaardige opmerkingen over de bestrijding van de economische crisis. Een van zijn beloftes: hij zou geen boete aan Brussel betalen als het begrotingstekort wat hoger zou uitvallen dan 3 procent.

Politiek Den Haag was te klein. Roemer had het eurogeloof versmaad. Hier sprak een ketter. De SP-leider werd overladen met kritiek à la: zo gaan we de Grieken achterna. Roemer maakte het zelf erger door te suggereren dat hij niet zo radicaal was als zijn politieke tegenstanders hem schetsten.

Wie het interview nu herleest denkt niet steeds: hier spreekt een VVD’er. Maar wel: de conventionele politieke wijsheid is drastisch verschoven. Richting Roemer.

Die 3 procent is bijzaak geworden. Het valt in de categorie verplichte autogordel. Als je ’m niet om hebt, gaat er iets piepen. Het kabinet straalde van dankbaarheid toen Europees commissaris Ollie Rehn kwam vertellen dat 6 miljard euro minder uitgeven genoeg was.

Het fantasieloze bezuinigingpakket dat het kabinet vervolgens opstelde, suggereert echter een wanhopige stemming.

De ministers verzuimen bij al hun afgesloten akkoorden een eigen groei-agenda te formuleren. Zie het woonakkoord, het sociaal akkoord, het vertimmeren van de pensioenen, het recente zorgakkoord en de contouren van het energie-akkoord. Het blijven afspraken over kosten, geen aansporingen, laat staan initiatieven voor groeikansen.

Twee voorbeelden. Het sociaal akkoord met werkgevers en vakbonden kon in april gerealiseerd worden door het toen beoogde bezuinigingspakket uit te stellen. In dat pakket zaten besparingen, zoals een nullijn voor ambtenaren, waar de vakbeweging (maar ook de werkgevers) principieel een hekel aan hebben.

Ondanks het akkoord herstelde de economie niet, de bezuinigingen gaan door, maar wat doet het kabinet? Het oude pakket opnieuw lanceren. Resultaat: boze bonden, een bokkige FNV-leider Ton Heerts. Wil het kabinet toch bezuinigen, verzin iets anders. Dan maak je van je prille bondgenoot Heerts, die de hete adem van activisten in zijn nek voelt, niet meteen een opponent. Beter nog: koppel elke bezuiniging aan een groeimaatregel.

Tweede voorbeeld. Het energie-akkoord van industrie, milieu-organisaties en kabinet biedt nog kansen, want dat is nog niet rond. Op welke manier kan Nederland – liefst in samenwerking met Duitsland want dat is al wat langer bezig – de kosten van zijn eigen Energiewende omzetten in nieuwe kennis, banen en oplossingen? Kortom: wees niet bang voor industriepolitiek.

De kansen zijn er, maar als het kabinet ze niet wil benutten...? De tijd dringt. De economie in dit huidige, derde kwartaal kan wel eens beslissend zijn. De eerste raming van deze kwartaalcijfers publiceert het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) op 14 november. Als de groei niet herstelt, spoelt de malaise door naar de cijfers van 2014 en naar de ramingen voor 2015. Dan is de opdracht: weer bezuinigen. En de fantasie is nu al op.

De laatste dagen komen steeds betere signalen van de Europese economie. Maar of dat nog op tijd is voor extra Nederlandse export en groeiherstel...?

De redacteuren Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze wisselcolumn over economische ontwikkelingen.

Deze column wordt donderdag 29 augustus hervat.