Publiek Bayreuth: wij haten uw Wagner, meneer Castorf

Tien minuten lang werd regisseur Frank Castorf uitgejouwd. Ontevreden publiek hoort bij de Festspiele, maar zo erg is het sinds Richard Wagner zelf niet meer geweest.

‘Das Rheingold’, zoals de opera deze week is opgevoerd in de regie van Frank Castorf op het Wagnerfestival in Bayreuth.
‘Das Rheingold’, zoals de opera deze week is opgevoerd in de regie van Frank Castorf op het Wagnerfestival in Bayreuth. Foto Bloomberg

De smeulende oorlog tussen het Wagnerpubliek en de Wagnerregisseur werd na vier voorstellingen eindelijk rechtstreeks uitgevochten. Frank Castorf, in Wagnerstad Bayreuth de regisseur van de omstreden nieuwe productie van Wagners vierdelige operacyclus Der Ring des Nibelungen, stond na de afsluitende Götterdämmerung voor het eerst oog in oog met zijn al dagen vijandige publiek.

De zaal barstte uit in een storm van luide afkeuring. Castorf, die vooraf had gezegd dat het boegeroep hem niet zou deren, liet het eerst lijdzaam over zich heen komen. Daarna moedigde hij het publiek zelfs aan. Toen kwam zijn tegenaanval. Met beide wijsvingers raakte hij zijn slapen aan, het gebaar voor ‘denk toch na’. Die spot riep nog meer boegeroep op, terwijl de schaarse toeschouwers die hem met bravo’s bijvielen ook hun krachten verdubbelden.

De door het publiek enorm gewaardeerde dirigent Kirill Petrenko probeerde Castorf tevergeefs achter het doek te trekken. Toen na meer dan tien minuten van ongekend pandemonium het doek opging voor het orkest, verdween Castorf demonstratief tergend langzaam van het podium. Zo’n Publikumsbeschimpfung was sinds de eerste Ring in 1876 niet voorgekomen. En dat terwijl deze Ring het 200ste geboortejaar van Richard Wagner moest vieren.

Deze provocerende Ring des Nibelungen, die deze maand nog twee keer wordt herhaald, maakt in zijn enscenering een tocht over de wereld langs de plaatsen waar wordt gevochten om olie, macht en geld. In Das Rheingold gebeurt dat in Texas in een tankstation met motel langs Route 66, waar oppergod Wotan (een goede Wolfgang Koch) met zijn dievenbende een concurrent blijkt van J.R. Ewing. The New York Times toonde zich ingenomen met de Amerikaanse vampachtige Rhinemaidens bij hun zwembad.

Fascinerend waren de theatrale tovenaarscapaciteiten van Castorf, die ook videobeelden gebruikt: afwisselend diepzinnig, speels, opdringerig en kinderlijk. „Sex, Öl und Videospiele” schreef Die Welt, geïnspireerd door de bijna gelijknamige film van Steven Soderbergh. Ook elders zijn er in de veelgeprezen draaiende decors van de Serviër Aleksandar Denic verwijzingen naar films en de populaire cultuur.

Deel twee, Die Walküre, speelt zich af in oliestad Bakoe in de tijd voor de Russische Revolutie. In Siegfried blijkt de Alexanderplatz in het Oost-Berlijn van de Koude Oorlog de Duitse versie van het Amerikaanse Mount Rushmore met de gebeeldhouwde koppen van presidenten. Hier zijn het Marx, Lenin, Stalin en Mao.

Götterdämmerung, het slot van de Ring, speelt op Wall Street. Brünnhilde (de uitstekende Catherine Foster) giet aan het slot overal benzine uit, maar ze steekt het niet aan en de kwalijke godenwereld gaat ditmaal niet in het reinigende vuur ten onder. Ook andere verplichte wagneriaanse zaken ziet men niet bij Castorf. Wotan heeft geen lapje voor de lege oogkas nadat hij een oog had prijsgegeven voor één teug uit de bron der wijsheid en hij laat zijn speer meestal thuis.

De Duitse muziekcritici zijn het over één ding eens: deze Ring is een triomf voor de Russische dirigent Kirill Petrenko. Hij weet zestien uur lang minutieuze en liefdevolle aandacht voor elk detail te combineren met het indrukwekkend realiseren van grote lijnen en vergezichten.

Juist dat overzicht over het geheel ontbreekt volgens veel kranten in de inconsequente en collage-achtige enscenering van Castorf, die geen kans ziet een duidelijk verhaal met een visie te vertellen. Die Welt, die halverwege de cyclus nog iets belangrijks ontwaarde, kwam daarvan radicaal terug via een andere recensent.

De festivalleiding van Katharina Wagner en haar halfzuster Eva Wagner-Pasquier zal nog een paar jaar door moeten met deze Ring. Als de tegenvallende Lance Ryan (Siegfried) en Attila Jun (Hagen) worden vervangen, zal daarvoor dankzij Petrenko toch een publiek zijn. Bayreuth heeft een lange traditie van schandalen. Het Duitse publiek, dat toch vaak extreem regisseurstheater ziet, kan er maar niet aan wennen dat de festivalleiding in Wagners eigen theater zich houdt aan Wagners bezwerende woorden tot zijn familie: „Kinder, macht neues.”

Wagner was immers maatschappelijk en muzikaal een revolutionair en een avant-gardist. Onder zijn kleinzoon Wolfgang Wagner begon het publieke oproer in 1976, een eeuw na de eerste Ring, met de aanvankelijk fel omstreden productie van dirigent Pierre Boulez en regisseur Patrice Chéreau. Wolfgang Wagner engageerde daarna veel uitgesproken en soms omstreden regisseurs, zoals Götz Friedrich, Harry Kupfer, Werner Herzog, Heiner Müller, Alfred Kirchner, Jürgen Flimm en Christoph Schlingensief. Bayreuth werd bijna synoniem met boegeroep. Katharina Wagner, die in 2007 met instemming van vader Wolfgang Wagner met haar enscenering van Die Meistersinger von Nürnberg de Bayreuther Wagnertraditie mocht bespotten, zei toen al relativerend: „Ach, wat is een schandaal nog, tegenwoordig?”