Uit de kast als Roma

Vandaag begint in Bratislava het grootse Roma-festival ter wereld Ontwerper Pavel Berky presenteert er zijn nieuwe collectie Hij kwam uit voor zijn afkomst en bracht Roma-mode naar de haute couture

In het verblindende licht van een rode reflector verschijnt een model. Ze draagt een lichtroze broek die drie maten te groot lijkt en een glinsterend rood colbert. Terwijl op de achtergrond muziek speelt van een Roma-zangeres, steekt ze een sigaret op. Het model neemt een paar trekjes en wandelt de catwalk op.

Het is de presentatie van de collectie ‘Coming Out’ van de Slowaakse modeontwerper Pavel Berky (26) in Praag. Tot nu toe was Roma-kleding gebaseerd op het zigeunerstereotype óf het was kleding bedoeld om gedragen te worden door Roma zelf. Berky bracht de Roma-mode naar de wereld van de haute couture.

De kleding is te zien op Gypsy Fest, een ‘Roma-festival’ dat vandaag begint in Bratislava. Zes jaar geleden bedacht Berky deze collectie al, toen hij nog mode studeerde in Praag, maar hij durfde er niets mee te doen. Berky boekte op dat moment succes met kledingontwerpen die niets met zijn achtergrond te maken hadden. Toen hij werd geselecteerd voor de Shooting Fashion Stars, een wedstrijd voor jonge Tsjechische ontwerpers, vond Berky het tijd om als Roma ‘uit de kast’ te komen.

„Deze collectie is heel erg persoonlijk”, zegt Berky in een hip café in het oude stadscentrum van Praag. Deze ontwerpen voelden als meer dan alleen werk, zegt hij. Berky durfde met deze collectie voor het eerst aan de wereld te laten zien wie hij werkelijk was: een Roma.

De acht tot tien miljoen Roma die er naar schatting wereldwijd zijn, hebben vaak een moeilijke positie in de maatschappij. Het volk uit de Balkan heeft zich verspreid over heel Europa en leeft veelal in woonwagenkampen of achterstandswijken. Hun integratie verloopt moeizaam, omdat Roma sterk vasthouden aan hun eigen cultuur en taal. Vaak worden ze zigeuners genoemd – een woord dat door veel Roma als discriminerend wordt ervaren.

Berky werd geboren in een Romagemeenschap in het zuiden van Slowakije. Zijn ouders kozen ervoor hem en zijn oudere zus enkel in het Slowaaks op te voeden en vertrokken uit de gemeenschap om zich in de stad Trencin te vestigen. Berky ging alleen naar ‘witte’ scholen. „Natuurlijk werd ik gediscrimineerd op de basisschool”, zegt hij. „Als je ermee opgroeit en er dagelijks mee wordt geconfronteerd, voelt het als iets normaals.” Op de middelbare school was Berky samen met een ander meisje de enige Roma. Hij ontdekte er zijn creatieve kant.

„Ik ergerde me al jaren aan het modecliché van de zigeunerlook”, legt Berky uit. Geen grote oorringen en lange rokken in bloemenmotieven dus: „Dat heeft niets met mijn cultuur te maken”, zegt hij, zelf gekleed in een bordeauxrode broek, een donkerblauw colbert en op zijn hoofd een pilotenzonnebril. „Roma dragen alles door elkaar.” Wat de Roma-stijl dan precies behelst? Geen stijl is de stijl.

Berky koos voor felle, soms vloekende kleuren die vaak door Roma worden gedragen, zoals rood en roze. Hij gebruikt ook ongebruikelijke stoffencombinaties. „Mensen die de Roma-cultuur niet goed kennen, zullen niet eens zien dat mijn kleding daarop is geïnspireerd. Dat is precies wat ik wilde.”

De ontwerper bestudeerde de geschiedenis van zijn volk en ontdekte dat het voor vrouwen lange tijd verboden was om broeken te dragen. „Vrouwen moesten grote, bedekkende rokken aan. Ik heb met dat aspect gespeeld en broeken ontworpen die nét iets te groot zijn en eigenlijk meer op rokken lijken. Noem het vagebond.”

De aandacht die zijn coming out na de presentatie van zijn lijn kreeg, roept dubbele gevoelens op. „Natuurlijk ben ik blij dat de collectie een succes is”, zegt hij. „Volgens mij ben ik de enige Roma-modeontwerper. Ik heb altijd anders willen zijn dan andere ontwerpers. Maar tegelijkertijd ben ik mijn hele leven in een hokje gestopt om wie ik ben, en waar ik ben geboren. Daar heb ik tegen gestreden.” Hij denkt even na. „Misschien heb ik ook daarom zo lang met deze collectie gewacht; ik heb mezelf hiermee min of meer terug in dat hokje gestopt.”

Hoe hij nu verder wil als ontwerper? „Het was mijn bedoeling om in mijn volgende collectie de Roma-cultuur verder uit te werken”, zegt hij. „Maar het lukte me niet, ik heb een soort blokkade. De urgentie is er niet meer. Het was iets wat eruit moest en dat is nu gebeurd. Iedereen kent me nu, maar ik wil niet ‘die Roma-ontwerper’ zijn. Ik wil gewoon ontwerper zijn.”