Ontelbare adders

V ooraf liet de internationale belangenvereniging voor beroepswielrenners CPA weten geen heil te zien in het voornemen van de Franse senaatscommissie de namen vrij te geven van renners die bij het retrospectief testen van urinestalen uit de Tour van 1998 alsnog voor de bijl waren gegaan. Het zou een flagrante schending van hun rechten zijn, de coureurs konden zich niet meer verdedigen. Het vrijgeven van namen zou ook niets toevoegen aan de actuele antidopingoorlog welke door de CPA in liefde wordt gesteund.

Het leek erop dat de senaatscommissie had geluisterd, geen naam gaf ze prijs. In het vuistdikke aanhangsel bij haar onderzoeksrapport werden alleen de individuele analyseresultaten en de daarmee corresponderende codenummers vermeld. Helaas was het een koud kunstje de nummers te koppelen aan een al jaren geleden gelekte namenlijst. Ook in Nederland viel een prijs: Jeroen Blijlevens.

Wat zullen de uitverkorenen zich genaaid voelen – waarom alleen wij?

En wat zullen veel meer (ex-)coureurs een zucht van verlichting hebben geslaakt.

Wie zat er in 1998 niet aan de toen nog niet op te sporen epo? Het jaar van de Festina-Tour, met de legendarische politierazzia’s. De Tour waarin renners en hun entourage zich inderhaast ontdeden van allerlei „spullen”, uit angst achter de tralies te belanden. De Tour waarin het rennersgilde, protesterend tegen de onmenselijke methoden van justitie, een paar keer in zitstaking neerzeeg op het asfalt: „We worden gecriminaliseerd!” Ach, de onvergetelijk sullige wielergemeenschap van die dagen had in routineuze hoogmoed gemist dat Frankrijk intussen een dopingwetgeving had. Het klonk alsof een drugsbaron bij zijn aanhouding uitriep: ‘Ik word gecriminaliseerd en dat is niet eerlijk’.

Van de met terugwerkende kracht betrapten heeft een enkeling nog steeds geen verhaal. Abraham Olano: „Wist ik veel dat het epo was waarmee ik werd ingespoten”. Maar de meesten spreken over de duistere jaren van een excentrieke bewapeningswedloop, over de greep van een pokdalige wurgslang. Jacky Durand: „Niemand wist hoe je dit moest stoppen”. Vrijwel unaniem wordt de wens uitgesproken dat het opgerakelde verleden de blik op de huidige generatie niet vertroebelt. De wielersport is veel schoner nu, heus.

Het is nog waar ook, al kronkelen er ontelbare adders onder het gras.

Ook Erik Zabel werd gekoppeld aan een code. Hij herriep meteen een bekentenis uit 2007 („Het was maar één enkel spuitje”). In de Süddeutsche Zeitung ging het maandag over de inzet van epo, cortisonen en bloedtransfusies over een lange periode.

Ik zocht en vond in mijn archief een interview met Zabel uit 1998. Het in het groot dromende wielertalent dat opgroeide in de DDR met haar ideologisch gemotiveerde dopingprogramma’s had geen heimwee naar de dwingelandij van de voormalige heilstaat. Ik vrees dat Erik, als hij terugkijkt, geen wezenlijk verschil ziet tussen de heilstaat en de vrijstaat waarin hij later schitterde.